Pak van mijn hart

Woensdagmorgen. Tien voor tien. Ik pak de telefoon en druk op het knopje met daaronder het voorgeprogrammeerde, vertrouwde nummer. Want ook bij mam heeft de griep toegeslagen. Even vragen hoe het gaat vandaag. In plaats van het dagelijkse belletje om 20.00 uur, voeg ik onder dit soort omstandigheden liever nog een tweede controlemomentje in. Je weet maar nooit en beter te veel dan te weinig . . . etc.

Er wordt niet opgenomen. Rustig blijven ademhalen, Nell. Ze kan naar de brievenbus zijn. Of op het toilet zitten. Misschien is ze de was aan het ophangen. Of …. Na mijn vierde haastig aangevoerde reden, bedoeld om mijzelf gerust te stellen, stopt mijn ratio definitief. Ik zie mijn vinger trillen als ik opnieuw het knopje indruk en haal veel te diep adem. Met elke onbeantwoorde tring aan de andere kant, voel ik mijn hart sneller gaan kloppen. Ik weet dat de dag komt, maar verd ….. het zal toch niet …. door zo’n stom rotgriepje? Mijn keel begint droger en droger te worden.

Ik maan mezelf nogmaals om niet in paniek te raken. Stel dat ze, onder invloed van koortsige dromen, de wekker niet heeft gehoord? Gisteren dacht ze geen koorts te hebben, maar dat zegt ze eigenlijk altijd, omdat ze niet van plan is een thermometer te gebruiken. Wat niet weet, wat niet deert, is mams motto. Honger had ze ook al niet, herinner ik me nu. Niets voor mam. Die eet als een dijkwerker. Zelfs na de meest uitbundige dineetjes, smeert ze de volgende morgen weer opgewekt haar boterhammetjes voor het ontbijt.

Nadat ik de telefoon een derde keer eindeloos heb laten over gaan, besluit ik een bevriende buurman te bellen. Mam en hij lezen samen de krant en ik weet dat hij ook een sleutel heeft. Ik vraag hem voorzichtig of hij even wil gaan kijken wat er aan de hand is. Ogozzie, ik hoor zijn stem trillen, als hij zegt meteen te gaan. Wat doe ik nu toch? Een man van 84 laten lopen naar een huis waar wellicht iets gruwelijk wacht? Ik lijk wel niet wijs. Maar wat moet ik dan? Zeventig kilometer valt ook niet in vijf minuten te overbruggen.

Terwijl ik mijn onderlip kapot bijt, wacht ik gespannen op het verlossende telefoontje. In gedachten tel ik de stappen die buurman moet afleggen. Hij kan er nu al lang zijn. Waarom belt hij niet? Wat is er aan de hand? Is hij zaken aan het regelen? Het wordt licht in mijn hoofd, als ik voor de zoveelste keer te diep ademhaal.

Dan maar weer zelf bellen. Misschien zitten buurman en mam genoeglijk aan de koffie en verbazen ze zich gezamenlijk over zoveel panische ontreddering bij die jongere generatie. Nooit een oorlog meegemaakt. Nooit armoede gekend. Niets gewend. Bovendien: dood is dood. Dan weet je toch van niets meer. Ik hoor het ze zeggen.

Maar o, wat is mijn opluchting groot als er dit keer wordt opgenomen en ik weliswaar snotterig, maar onmiskenbaar het stemgeluid van mam hoor. Ze vraagt direct: heb jij Jan gebeld? Die was hier net. Ik vond het al zo vreemd dat hij zo vroeg aanbelde. Doet-ie anders nooit. Was je ongerust? Als ik uitleg dat ik dat inderdaad was, omdat ze gisteren toch behoorlijk ziek leek en nu niet opnam, repliceert ze kordaat dat ze aan het stoffen was in de slaapkamer. Dat ze misschien de deur dicht had. Dat er een rammelend karretje voorbij kwam. En het was toch ook nog lang geen tien uur, zoals ik had afgesproken?

Welnee, mam. Je hebt gelijk. Ik maak me weer zorgen om niets. Het zit waarschijnlijk in de genen. Ik ook van jou.

print

7 Replies to “Pak van mijn hart”

  1. Ik voel de ‘ik ook van jou’ voor je moeder tussen de letters door. Mooi. En fijn dat jouw -vast en gelukkig door gebrek aan oorlog ervaring- intuïtie er helemaal naast zat. Geniet van haar en doe haar om 20.00 maar de lieve groeten! Liefs, Elize

    1. Goed gezien, Elize. Mam en ik “lezen” veel tussen de regels door. Zelf ben ik een gevoelsmens, maar voor mam blijft dat toch nog een beetje moeilijk (de oorlog en zo). Ik doe haar beslist de groetjes van je! Dank!

  2. Oh. Ja.
    Heel herkenbaar.
    En ja, zij was aan het afstoffen. Met snotneus….. (En waarschijnlijk wat koorts, maar ja, niet aan overleden vannacht, dus…)
    Je bent een fantastische dochter. Maar ja, niks meegemaakt…..
    😉
    X

    1. Ik had vroeger wat meer klapjes moeten krijgen, dan had ik ten minste nog eens iets meegemaakt. Nu zit ik hier een beetje te zeveren op een blog, terwijl het stof duimendik op de vensterbank ligt 😉
      hug,

    1. Ach, sorry, Myriam. Het spijt me zo dat het destijds voor jou geen loos alarm bleek. Onze lieve moedertjes ….. ze laten ons niet los. Sterkte!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Login with Facebook

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.