Appeltaart met zelfbeklag

Na het luidruchtige feestgedruis van de afgelopen weken vond ik het de hoogste tijd voor een dagje appeltaart met zelfbeklag. De taart kwam pas veel later op de dag, het zelfbeklag ving reeds ‘s morgensvroeg aan. Alles voelde stroef en klam aan. Het dekbed was veel te dik, de matras te zacht, overal in huis stond de cv te loeien (voelde de Man dat dan niet???) en au, au, au, wat deed mijn oortje pijn.

Nu heb ik de overtuiging dat je pas naar een Dokter moet als je dood gaat. De Man denkt daar anders over, acht zichzelf ook niet empatisch genoeg om iets van al dat ongerief te kunnen verzachten en vindt een gang naar de Dokter in dergelijke gevallen de enige juiste. Die hebben er tenslotte voor doorgeleerd om geweeklaag om te zetten in een professionele vorm van medeleven.

Aldus geschiedde. Ter plekke maakte ik van deze unieke en eenmalige gelegenheid gebruik om alle  mankementen van de afgelopen vijf jaar op te sommen. Inclusief de global warming, waarvan ik sterk het idee dat het op mij meer invloed had dan op andere personen. Dokter knikte begrijpend. Echt waar!

Ik ging de deur uit met oordruppels, terwijl zijn woorden nagalmden in mijn oren. Goh, Nell, wat wil je? Je bent vijfenvijftig. Natuurlijk zit je er volop in. Hij sprak het uit alsof het een zeer bedenkelijke leeftijd is, hoewel ik toch ook iets geruststellends meende te bespeuren in zijn stem. Dat ik hem bijvoorbeeld al die tijd weinig tot nooit bij mij geroepen had, dat er tot nu toe geen kunstmatige hormonen aan te pas hoefden  te komen om mij door mijn ondergang, euh, overgang te loodsen, dat er vrouwen zijn die …etc. etc. Dat het in die zin dus nog reuze meeviel. Kalmerende woorden allemaal.

Op weg naar huis dacht ik bij mijn bank nog snel wat af te kunnen handelen. Dat werkt zo ook niet meer anno 2012. Voor een simpel vraagje aan een baliemedewerk(st)er kun je rustig een aantal uren uittrekken. Kleinere bankgebouwen, minder personeel, maar een even zo grote klantenkring als vroeger. Resultaat: wachten, wachten, wachten. De illusie dat ik, vanuit mijn luie stoel, met één druk op de knop al mijn geldzaken kan regelen, heb ik allang opgegeven. Inmiddels voelde ik de eerste transpiratiedruppels opkomen, ergens tussen mijn opstaande nekharen.

Toen ik uiteindelijk thuis kwam, stond de Man ongerust voor het raam te wachten. De theepot stond gevuld, met versgebakken appeltaart ernaast. Waarschijnlijk bedoeld om iets van het leed te verzachten. Hij vroeg bezorgd wat Dokter gezegd had, bestudeerde het flesje oordruppels, schonk thee in en sneed de taart aan. Kijk, daar knapt een mens enorm van op.

Hoe het nu met me gaat? Dank u, ik voel me door al die aandacht al een stuk beter. Het is ook opeens een stuk minder warm, vinden jullie ook niet?

print

7 gedachten over “Appeltaart met zelfbeklag”

  1. Hoe herkenbaar! Gelukkig heb je je humor nog!
    Die appeltaart ziet er overigens heerlijk uit, geniet daar van
    Die vliegers, tja , die duren nog wel wat jaartjes, maar je leert er mee leven
    Sterkte
    Manon

  2. Tja, die druppels tussen die opstaande nekharen: heel herkenbaar Nell. Zet hem op hoor en ik hoop dat in ieder geval de oordruppels helpen, want oorpijn is wel erg vervelend.

  3. Alleen appeltaart en thee? Tsk. Dan heeft de ziekenboeg het beter hier!
    😉
    Oh! En ik verlang naar de ondergang, pardon, overgang. Ik denk zomaar dat ik nog 108 keer ‘moet’.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Login with Facebook

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.