Zeeuwse bolus zelf bakken

Kiek, kiek, een kacheltje op d’n diek. Het waren zo’n beetje de eerste woorden die ik van mijn nieuwe buurman moest vertalen, toen ik eenmaal voet op Zeeuwse grond zette. Natuurlijk verstond ik alleen het woord “diek”. Zover was ik intussen wel gekomen in mijn snelcursus Brabants-Zeeuws. Alle woorden met een lange ij werden in Zeeland uitgesproken als ie. Dijk werd diek. Konijn werd kenien. Vele jaren later kwam ik er pas achter dat een kacheltje een veulentje betekende.

Zeeland dus. De provincie waar ik inmiddels 44 jaar mijn verblijf heb en me uitstekend thuis voel. Niet dat ik me ooit Zeeuw onder de Zeeuwen zal gaan voelen, daarvoor zijn mijn Brabantse roots te krachtig, maar het is hier prima toeven. Veel zonuren, altijd een verfrissend briesje en al het lekkers uit de zee binnen handbereik. Ik heb geen klagen dus. Zeeland is mijn tweede hometown geworden. 

In de loop der jaren heb ik dan ook al heel wat Zeeuwse specialiteiten tot me mogen nemen. Van palingbrood tot zeekraal, van de echte boterbabbelaars tot Zeeland’s befaamdste lekkernij: de bolus. Met een ferme lik gezouten roomboter erop is de bolus ook voor mij in de loop der jaren een gewilde lekkernij bie de koffie geworden. Dat je na het eten ervan direct onder de douche kan, omdat je zo’n beetje plakt van je kruin tot je tenen, mag de pret niet drukken. Lekker blijft het, zo’n overload aan suiker!

Het werd zo langzamerhand de hoogste tijd om zelf eens een bakpoging te wagen. Nu telt een gewaarschuwd mens voor twee: neem er je tijd voor. Echt, het is niet zomaar gepiept. Het is niet alleen bewerkelijk, alles plakt en kleeft door de suiker, dus een beetje stressbestendigheid is zeker gewenst. Ik heb er lang over gedaan om een goed recept te vinden. Dit komt van een blog dat helaas niet meer in de lucht is: Klein stukje dan?! Een blog vol zalige zoetigheid. Ik heb deze blogster gemaild of ik haar recept integraal mocht overnemen, helaas nooit antwoord gekregen. Op goed geluk dan maar. De bron staat vermeld, maar mocht iemand er iets over te zeggen hebben, ik ben altijd bereikbaar.

Zeeuwse bolus zelf bakken

Ingrediënten
210 ml handwarme melk

35 gram ongezouten roomboter, op kamertemperatuur
1 klein ei op kamertemperatuur
350 gram tarwebloem extra
7 gr droge gist
4 gram zout
500 gram bruine basterdsuiker
klein theelepeltje kaneel

Bereidingswijze:

Verwarm melk en evt. boter in de magnetron. Een koelkast-ei leg je even een paar minuutjes in een bakje met warm kraanwater.

Meng de bloem, zout en gist door elkaar in je mengkom. Maak daarin een juskuiltje waar je de melk en het ei in schenkt. De boter snij je in kleine stukjes en verdeel je over de bloemrand.

Mix op de zachtste stand tot de ingrediënten een beetje gemengd zijn en mix daarna op middelmatige stand ca. 8 minuten verder. (Kitchenaid stand 2 was bij mij voldoende). Het deeg is goed als het plakt als een post-it en je er voorzichtig een dun vliesje van kunt trekken.

Zet een bakje heet kraanwater onderin je oven (die uit is) en zet je beslagkom daarboven op je ovenrek voor 15 minuten.

Meng ondertussen de bruine suiker met de kaneel op een grote plaat, of schaal van minimaal 35 cm breed. Ik gebruikte een bakblik.

Haal het deeg na de 15 minuten uit de oven en maak er 10 bolletjes van ca. 55 gram van.

Rol de bolletjes één voor één door de suiker tot worstjes van 15 cm. Hoe meer suiker je eraan rolt hoe plakkeriger straks, dus doe je best. Ik wreef ze ook nog door mijn met suiker besmeurde handen.

Zet de rolletjes weer terug in de oven met daar onderin een nieuw bakje warm water. 15 minuten laten staan.

Rol de nu wat dikkere, nattige rolletjes opnieuw door de suiker tot pillen van ca 35 cm. Draai ze daarna op tot een bolus, het begin draai je om je duim en het geheel draai je niet te strak op zodat de bolus nog ruimte heeft om te rijzen. Het uiteinde vouw je onder de bolus.

Leg de bolussen op een met bakpapier beklede bakplaat en dek af met een vochtige theedoek. Laat rusten voor 45 minuten op een andere warme, liefst iets vochtige plek.

Bak de bolussen 6 minuten met onderin je oven een bakje koud water! Dit zorgt voor stoom zodat je bolussen niet uitdrogen!

Keer ze daarna gelijk om op een bord en laat afkoelen. Evt. schep je wat natte suikerdrap van de schaal waarop je ze liet rijzen of je bakplaat over de bolussen.

Als de bolussen grootendeels afgekoeld zijn, dek je ze af met huishoudfolie. Ze zweten dan nog verder en worden nog plakkeriger.


print

2 antwoorden op “Zeeuwse bolus zelf bakken”

  1. Je foto’s van het resultaat doen mij al watertanden. Helaas, we zitten met de camper diep in Italië, dus het moment van uitvoeren moet worden uitgesteld. Je recept bewaar ik! Gelukkig heeft dit land heel veel andere alternatieven .
    Ik lees meerdere goede dingen van/over Zeeland, maar niet over Brabant . Zijn die er niet .
    Ciao, Peter

    1. Italië!! Man, daar kunnen toch geen 100 bolussen tegenop? Lekker daar blijven genieten, zou ik zeggen. Dat bakken kan nog een hele winter. Trouwens: wat dacht je van Brabantse worstenbroodjes naar recept van Robèrt van Beckhoven? Ook te vinden op mijn blog. Stay safe!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Login with Facebook

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.