Restaurant Rascasse Kapellen (B)

Restaurant Rascasse vegetarisch

Het was al weer lang geleden dat ik bij mijn zuiderburen op bezoek was. Te lang, om eerlijk te zijn. Om de zoveel maanden laat ik me met enige gretigheid onderdompelen in hun bourgondische, relaxte levensstijl. Altijd als ik er ben, zie ik hen volkomen ontspannen aan de lunch zitten, uiteraard mét het onafscheidelijke glaasje witte wijn.

Jaloers zou je er van worden! Want wat is dat toch met ons, idiote, nuchtere Nederlanders? Waarom hebben wij altijd zo enorm veel haast, waar komt toch die immer aanwezige stress vandaan en vooral: hoe komt het dat wij onszelf geen tijd gunnen om fatsoenlijk te lunchen? Niemand kan toch beweren dat er aan het naar binnen werken van een klef broodje kaas enig plezier valt te beleven?

“Restaurant Rascasse Kapellen (B)” verder lezen

Gouden regels in de horeca

Gouden regels in de horeca

Hoewel de lokale eetgelegenheden ons in het verleden vaak teleur wisten te stellen, willen G. en ik op deze grauwe zaterdag echter wederom proefondervindelijk ervaren of de gouden regels in de horeca inmiddels verbeterd zijn. Niet zozeer om de grote honger te stillen en al helemaal niet om exquis en uitgebreid te dineren – locaties waarin dit kan, zijn er gewoonweg niet in mijn woonplaats — maar meer uit een soort van gemakzucht en een plots opkomende hang naar bedrijvige gezelligheid om ons heen. Jawel, dat kan een kinderloos stel van bijna 38 jaar samen-zijn zomaar opeens overvallen. Ik vermoed dat het post-Freudiaanse verlangens zijn, je behaaglijk innestelen in een baarmoeder vol veiligheid en voedsel. “Gouden regels in de horeca” verder lezen

Slot Oostende Goes uitprobeerdagen

Slot Oostende Ridderzaal

“Eindelijk, ze zijn weer thuis”, kopt de Provinciale Zeeuwse Courant, als de twee metershoge schilderijen in Slot Oostende Goes arriveren. Afgebeeld staan twee illustere personen uit de Zeeuwse geschiedenis: Frank van Borsele en Jacoba van Beieren. Dit echtpaar speelt een belangrijke rol in de verhalen over deze historische locatie.  In opdracht zijn ze geschilderd door de Goese kunstenaar Reynier de Muynck, bekend om zijn fenomenale magisch-realistische werken.

Jacoba van Beieren schilderij

De twee drijvende krachten achter de wederopbouw van Slot Oostende zijn de dames Anita Maas en Yamina Abdoun. Vol ambitie en enthousiasme hebben ze hun ziel en zaligheid in dit project gestoken. Er is veel graafwerk verricht om de restanten van het kasteel bloot te leggen en een start te maken met de wederopbouw. Al in de ontwerpfase is er voor gekozen om originele restanten van het slot te combineren met nieuwe delen. 

Slot Oostende

Afgelopen week had ik eindelijk het genoegen om Goes’ nieuwste aanwinst te mogen bewonderen.  Nog vóór de officiële opening werd iedereen in de gelegenheid gesteld om kennis te komen maken met het slot. Middels voorintekening kon er voor deze “uitprobeerdagen” een plaatsje gereserveerd worden. Naast het bewonderen van het in oude glorie herstelde gebouw, kon er ook gegeten en gedronken worden tegen de helft van de prijs. Op een daartoe ontworpen formulier kon men alle lovende en tevens kritische kanttekeningen kwijt. Dat is een slimme zet van de dames Maas en Abdoun. Gebruik maken van feedback van je klanten, maakt je onderneming in potentie sterk. Bovendien schept het wederzijds vertrouwen.

Jacoba en Frank

Terug naar Jacoba en Frank. Vanuit hun omlijsting kijken ze met een ietwat minzame, maar waardige blik op me neer als ik de Ridderzaal betreed. Een mooiere plek kun je dit tweetal niet toewensen. Wat zijn ze samen een prachtig kunstwerk geworden! Evenals hun omgeving stralen ze authenticiteit en klasse uit. Oude en nieuwe elementen zijn stijlvol gecombineerd.

Niet veel later nip ik van mijn groen inspiratietheetje, dat geserveerd wordt als losse thee met bijpassend zeefje. Als doorgewinterde theeleut heb je daarmee direct al mijn hart gestolen. Losse thee is zoveel beter dan die vermaledijde hengel-hengelzakjes! De espresso van G. mist karakter, vindt hij. Of het komt door het iets te grote formaat kop, blijft even de vraag. 

Barre Verkerke, de kunstenaar

Op deze snerpend koude winternamiddag is het heerlijk warm in Slot Oostende. Eerlijk gezegd had ik vooraf visioenen van onverwarmde doorkijkjes, tochtige hoekjes en kille vloeren. Een mens fantaseert wat af bij zo’n tot nu onbekende gelegenheid. Gelukkig blijkt niets van dit al. Ik voel me bijzonder comfortabel en behaaglijk in dit voormalige slot en vergaap me aan de ogenschijnlijk antieke details, die – als ik ze nog eens goed bestudeer – waarschijnlijk toch nieuw zijn maar van een oude look zijn voorzien. Hiervoor is een andere Goese creatieveling ingehuurd: Barre Verkerke.

Deze nog jonge ambachtsschilder is opgeleid in het toepassen van oude technieken, zoals hout- en marmerimitatie. Slot Oostende heeft dankbaar gebruik gemaakt van zijn kunstenaarschap op dit gebied. Het plafond en balken van de Ridderzaal zijn bijvoorbeeld in ere hersteld en heeft opnieuw een Middeleeuwse uitstraling. Alle vlakke (nieuwe) deuren mocht Verkerke naar eigen inzicht bewerken. Dit heeft geresulteerd in deuren met een koperbeslag, waarin een patrijspoort verwerkt zit met daarin – bedoeld als grap – dronken vissen. Waar oude en nieuwe elementen samenkwamen heeft Verkerke een natuurlijke overgang weten te creëren. Heel wat steentjes zijn gedecoreerd om ze zo natuurlijk mogelijk aan te laten sluiten.  Ook sommige kozijnen zijn door hem bewerkt, waardoor ze perfect matchen met de antieke deuren.

Slot Oostende GoesHet blad op de bar werd van een onbewerkt multiplexplank omgetoverd tot het begeerde boomstameffect. Kortom: niets is nagelaten om te komen tot een eindresultaat met een natuurlijk, historisch aanzicht. Letters in betonlook, roestige ornamenten, zelfs de emaillen bordjes op de toiletdeuren lijken door de tand des tijds te zijn aangedaan.

Slot Oostende Goes

Misschien wel het belangrijkste deel van het Slot vormt toch wel de bierbrouwerij. In twee gigantische koperen ketels, te bewonderen vanaf alle hoeken van Slot Oostende, gaat de enthousiaste Jens van Stee zijn bieren brouwen. Als afgestudeerd zytholoog (zoiets als vinoloog bij wijn) beschikt hij over meer dan voldoende kennis om te komen tot smaakvolle bieren.

Brouwketel Slot Oostende

Enkele voorbeelden daarvan zijn al op de markt verschenen, met bloemrijke namen als Gouden Gans, Straffe Non en Schorrebock. Deze laatste is gebrouwen met boerenjongens en traditionele Madagascar vanille. Een heerlijk, verwarmend winterbier. Maar Jens wil meer. Hij is momenteel volop bezig allerhande “proefbrouwsels” op te zetten, waar elke doorgewinterde bierliefhebber met verlangen naar uit kijkt. 

Slot Oostende is dagelijks geopend van 10.00 uur en is gevestigd Singelstraat 5 te Goes. Er zijn meerdere ruimten met in totaal 500 zitplaatsen, vier hotelkamers, een serre- en een kinderrestaurant, een eetcafé, een boekenhoek, vergaderruimten, een winkel en een grote feestzaal met een hoog zadeldak.

Mijn eerste kennismaking met het Slot overtreft alle verwachtingen. Het is zo ontzettend mooi geworden! Het is er sfeervol, gezellig en met oog voor detail gestyled. Bij een volgend bezoek ga ik me zeker verdiepen in het eten en alles wat daarbij hoort. Stay tuned!

 

Proeverij de Oesterij – Yerseke

Proeverij de Oesterij

Mooier kan de dag niet beginnen.  Reeds in de vroege morgen danst er volop zonneschijn over de Zeeuwse wateren. Ik doe alsof ik de weermannetjes niet hoor. Hun waarschuwingen vliegen me om de oren. Code geel. Iets met gevaarlijk weer.

Ik ben geen held, zeker niet. Wel een realist. Zolang ik naar de hemel kijk en geen onheilspellende wolken aan zie komen, is er niets aan het handje. Zo voorspelden we vroeger het weer, zo doe ik het nog. Tenslotte kom ik niet plotsklaps terecht in de schier oneindige zandvlakten van de Kalahari woestijn, mocht het weer echt omslaan.

G. en ik vertrekken zonder plan. Alleen een knooppuntenkaartje in de broekzak als back-up. Zoveel is wel duidelijk vandaag: het zomerse weer heeft veel mensen uit hun huizen getrokken. In grote getallen zoeven de “elfi’s” ons voorbij. Nee hoor, daarmee bedoel ik niet engelachtige wezentjes met fragiele vleugeltjes uit het prentenboek; het zijn de elektrische fietsers. Mensen die graag heel snél willen fietsen, alsof ze op tijd thuis moeten zijn. Vóór de errepels op tafel staan, zoiets. Wij doen daar niet aan. Wij zien altijd wel. Maar intussen is het oppassen met al die elfi’s, die ons op bochtige, smalle fietspaadjes met duizelingwekkende snelheden willen passeren. Of tegemoet stuiven. Ik moet nog wennen aan dit nieuwe ras. Echt.

Na een gezapig uurtje fruitbomen kijken, kronkeldijken en genieten van het uitzicht over de Westerschelde, steken we over naar de noordkant van mijn eiland. Daar waar onze regionale trots, de altijd blauwe Oosterschelde, zich langs de oevers schuurt. Mijn eigen Nationaal Park. Kraamkamer van alles wat groeit en bloeit in water. Leverancier van zilte heerlijkheden als oesters, kreeft, mosselen, paling. Langs de Havendijk in Yerseke is het knap druk. Nog weinig toeristen, maar veel locals, meen ik te zien. Op zoek naar iets lekkers, net als G en ik. Want geloof me: je kunt het decadent noemen, maar een échte Zeeuw (durfde er nog iemand iets te zeggen over zuinig?) wil nog wel eens half dozijntje oesters wegslurpen of een kreeftje te lijf gaan op een mooie dag als vandaag.

We passeren Zee-Land-Zilt, het jongste troetelkindje van Edwin Vinke. Hmm, gesloten! Vol ongeloof kijk ik naar binnen. Alles is duister. Geen mens te bekennen. Op een dag als vandaag! Laagdrempelig moest dit toch worden? Nou, verder dan maar.
Dat “verder” is slechts een kleine 200 meter. Ha, hier kennen we het! Proeven van alles wat uit de Oosterschelde komt bij Proeverij de Oesterij. Druk, druk, druk hier. Gelukkig komt er een tafeltje vrij. En hier geldt nu eenmaal de oude regel: opgestaan, plaats vergaan.

Proeverij De Oesterij

Tevreden kijken we over de glinsterende oesterputten, die nog steeds in gebruik zijn als verwaterplaatsen, en bestellen een Picpoul de Pinet met drie gestoomde oesters. Creuses zijn het, want voor de Zeeuwse platte is het niet het juiste seizoen. Geeft allemaal niets, ook deze smaken prima. De schuimige Hollandaisesaus geeft de oesters een subtiel accentje mee. Daarna verorberen we een Oosterscheldekreeftje, want daarvoor is het nu wel precies de perfecte tijd.

We kiezen twee vrouwtjes uit de bassins, wetend dat die de meest malse pootjes hebben. Hier worden ze in de oven gegaard, waardoor al hun natuurlijk aroma’s behouden blijven. Geen tierelantijnen, alleen wat brood, citroen en zeegroenten. Ik verzeker je: een mens kan het slechter hebben op een zondagnamiddag! Elk flintertje vlees pulken we uit het kreeftenpantser en zelfs het koraal eet ik op. Kreeft eten is ook een zekere sport. Daar gooi je niets van weg.
Kreeft OesterijVerwacht bij de Proeverij geen sjiek gedekte tafels of andere decoratie. Het gaat hier om schaal- en schelpdieren in hun puurste vorm. En die hebben ze hier volop. Precies zoals ik ze graag eet.

N.B. Ik word niet gesponsord om dit artikel te publiceren. Bovendien heb ik geen enkele commerciële connectie met Proeverij de Oesterij en/of de bedrijfsvoerders hiervan. Ik schrijf slechts over zaken die mij persoonlijk in beroering brengen.

De Librije – Zwolle

De Librije interieur

Daar zit ik dan, niet geheel onverwacht maar naar mijn gevoel toch plotseling, op een prachtige herfstdag in restaurant De Librije in Zwolle. Jawel, bij meneer en mevrouw Boer, dé Boertjes zal ik maar zeggen. En nu ik op een punt gekomen ben dat ik jullie wil laten weten hoe het me daar bevallen is en dus naar de juiste woorden zoek bij de juiste plaatjes, moet ik tot mijn grote schrik constateren dat zoiets geen eenvoudige klus is.

Als alle superlatieven tekort schieten, heb je weinig aan een uitgebreid culinair vocabulaire. Bovendien: al zou je een compleet arsenaal aan uitdrukkingen voorhanden hebben, dan nog: hoe omschrijf je de hemel als je het moet doen zonder geur-, kleur,- en smaaktoevoegingen? Woorden zijn slechts gedrukte letters.

Naar mijn bescheiden mening kan dat gewoonweg niet en ik ga het ook niet proberen. Ik benoem de meest belangrijke componenten, simpelweg omdat het teveel was om alles te onthouden. Die middag bij De Librije wilde ik met alle aandacht genieten, me voor even geen schrijvende, fotograferende blogger voelen. Laat de foto’s het verhaal vertellen. Ze zijn gemaakt met de foon, dus niet van optimale kwaliteit. Maar gebruik je fantasie, probeer te proeven wat je ziet en leest.

De Librije in Zwolle

Geloof me, ik waande mij die dag in een hogere dimensie, met God in de keuken en her en der beminnelijke engelen om me heen die steeds maar weer opnieuw andere heerlijkheden brachten. Sinds kort is de Librije gevestigd in een voormalige vrouwengevangenis. Laat ik zeggen dat het bepaald geen straf is om aldaar enige tijd te moeten verblijven. Een understatement van de eerst orde! Jonnie Boer is voor mij de absolute top van alle culinaire grootheden in Nederland. Zijn creativiteit kent geen grenzen.

Zoveel variatie in texturen, zulke spannende combinaties, zoveel respect voor pure, aardse smaken. Elk hapje is een nieuwe smaaksensatie. Bovendien kent elk gerecht een zogenaamde bite. Geen overdaad aan zalfjes, crèmepjes en moussejes, er moet bij De Librije normaal gekauwd worden. Wat mij betreft een groot plusplunt. Jonnie is altijd op zoek naar vergeten kruiden, nieuwe technieken en werkt graag samen met lokale ondernemers om originele ingrediënten te kunnen gebruiken. Hij volgt zijn instinct en bewaakt de authenticiteit van al zijn gerechten.

G. en ik nemen een vijfgangen lunchmenu. We beginnen met een kommetje zoute thee van gefermenteerde rodekoolbladeren. Erin drijft iets pittigs. Een kommetje boordevol umami. Heerlijk! De Librije starter

De eerste amuse verschijnt kort daarna. Op de steentjes ligt een gerechtje van zwemvin van heilbot, gecombineerd met zeewier en citrus. Vederlicht en heerlijk van smaak.  Zwemvin van heilbot De LibrijeIntussen is Thérèse met de wijnkaart langs geweest. Hoewel G. en ik fervente wijndrinkers zijn, houden we er niet van om er rond het middaguur mee te beginnen. Desondanks geven we Thérèse carte blanche om bij een aantal gerechten een passend half glaasje te schenken. Amuse twee wordt ter tafel gebracht door een jongeman met een vriendelijk praatje. Het betreft hier een Hollandse garnaal met baharat en ingemaakte bleekselderij, geserveerd op een krokantje van eveneens garnaal. Opnieuw een fijne combi die smaakt naar meer. garnaal met baharat De LibrijeWater wordt in onze glazen geschonken en dit blijft zich voor de rest van de middag herhalen. Bij amuse drie wordt ons geadviseerd het geheel in één keer te nuttigen, dit omdat de ultralichte brioche uiteen zou kunnen vallen als er in gebeten wordt. Deze mini-brioche is gevuld met zolderspek en eekhoorntjesbrood. Had ik al fantastisch geroepen? Brioche gevuld met zolderspek De LibrijeEr worden diverse broodjes op tafel gezet. Olijfolie en zout zijn dan al aanwezig. Genietend kijk ik rond in het smaakvol ingerichte restaurant ingericht met leverkleurige tinten in combinatie met roomwit. Er is vooral met veel natuurlijke materialen gewerkt in De Librije. Boven ons een imposant glazen dak dat, zodra het zonlicht vrij spel krijgt om naar binnen te piepen,  door een geavanceerd systeem wordt verduisterd.  Hierdoor blijft niet alleen hinderlijke lichtinval achterwege, maar blijft ook het klimaat uiterst aangenaam. Dan komen we toe aan een klein spektakelstukje.

Een jongeman met allerhande ingrediënten in diverse kleine schaaltjes en tubetjes verschijnt en verzoekt ons één hand plat op tafel te leggen. Vervolgens legt hij daar met uiterste precisie eerst een blaadje groen op, vervolgens een lepeltje tartaar van rund, daarop oesterblad en bieslookcrème en dekt het af met een licht en luchtig bolletje . Het is een vreemde gewaarwording zo van je hand te eten, maar het smaakt er natuurlijk niet minder om. Ik weet dat kaviaar soms op deze manier geserveerd wordt, om de smaak zo puur mogelijk te houden. Hoewel het daar in dit geval niet om zal gaan, is het een grappige manier om een gerechtje op te dienen. Voor de goede orde: dit is G.’s hand.Gerechtje op de handNiet lang daarna komt er opnieuw een schilderachtig mondvermaakje. Het kan maar niet op. Ook hierbij is het de bedoeling om de vulling van dit schaaldiertje in één keer te nuttigen. Geen idee meer wat er verder aan toelichting gegeven werd, maar owowow, wat was dit ongelooflijk lekker! De LibrijeHierna beginnen we dan toch aan het “echte werk”. Ons vijfgangenmenu. Mijn voorgerecht wordt opgediend in een fraai, zwart bord en bestaat uit beekforel die gekweekt wordt in zuiver bronwater uit Hattem, afgewerkt met Hollandse garnaaltjes, tomaat en kaffir lime. Hoewel het een harmonieus geheel vormt, had het wat mij betreft iets hoger op smaak mogen zijn. Waarschijnlijk zijn mijn (gedeeltelijke) Zeeuwse roots hier debet aan. Bij alles wat zwemt, wil ik zee proeven. Zilte zee. Beekforel, tomaat en garnalenG. geniet zichtbaar tijdens het nemen van de eerste hapjes van zijn gerecht. Dit bestaat uit kappertjeskool, ganzenlever, pittige Noordzeekrab en sap van wortel met magnolia. Ongelooflijk hoe al die smaken in één mondgevoel samenkomen. Met zijn diversiteit aan kleuren oogt het ook nog eens super aantrekkelijk. Kappertjeskool met ganzenleverWe vervolgen met ons tweede voorgerecht. Voor allebei een ceviche van langoustine, kombucha, sap van snijboon en laos. De langoustine is heerlijk mals en delicaat van smaak, wat nog versterkt wordt door de kombucha. Erbij een frivool bosje van wat cressjes en bloempjes. Bijzonder!Langoustine, kombucha en boemboeOp tafel wordt een ruw stenen schotel geplaatst met daarop broodjes van gefermenteerde granen en zaden. Erbij een dip van geitenboter en rembranddruif. Het brood kan mij niet bekoren, G. daarentegen eet ze allebei met smaak op. Broodjes van gefermenteerde zadenWaarna we toe zijn aan ons tussengerecht. Voor beiden een fijn stukje Noordzeetong, vergezeld van gebakken (!) avocado en een toets van onrijpe jeneverbes. Super! Onder het visje ligt aardappel uitlek, dat er prima bij smaakt. Een overduidelijke aardappelsmaak, zonder de opsmuk van room of iets dergelijks. Alles wat ik hier proef is puur en loepzuiver. Noordzeetong, avocado en jeneverbes De LibrijeNa dit gerecht scheiden onze wegen. G. heeft gekozen voor de boerenduif.  Dat krijgt hij dan ook. Met een crème van ganzenlever, steranijs, hazelnoten en koolrabisap. Opnieuw een heerlijk gerecht. Boerenduif met ganzenlever De Librije

Zelf kies ik voor het hoofdgerecht een vegetarisch bordje. Ik ben erg nieuwsgierig hoe men het woord vegetarisme hier interpreteert. Mijn gerecht bestaat uit een hart van bloemkool, curry madras en krenten. Zeer zeker een geslaagde smaakcombinatie. De foto is helaas van slechte kwaliteit. hart van bloemkool De LibrijeWaarna we toe zijn aan het nagerecht. Maar eerst volgt er nog een heerlijk pré-dessert van avocado, vanille en limoen. Niet gebruikelijk om avocado te gebruiken in een zoet gerecht, het smaakt echter fantastisch. Door de limoen wordt het fris en blijft het machtige wat avocado kan hebben, compleet achterwege. Dessert van avocado De LibrijeHierna zijn we dan toch echt toe aan het heuse dessert. G. heeft gekozen voor de zgn “wiedencocktail”. Dit bestaat uit bramen, moerasspirea, watermunt en biest. Wat een uitzonderlijk verfijnd gerechtje! Wiedencocktail De Librije

Mijn keuze is gevallen op de volledig losgeslagen appeltaart naar recept van Jonnie’s moeder. Een gedeconstrueerde appeltaart ligt als een setje culinaire sieraadjes in een donkerbruin juwelenkistje. Afgezien van de gewelde rozijnen en de appeltjes is niets wat het lijkt. Alles is eetbaar, inclusief de steranijs. Een heerlijk luchtige en lekkere afsluiter. losgeslagen appeltaart De LibrijeAlsof het allemaal niet op kan, komt er onverwachts nóg een extra gerecht op tafel. Op een jute zakje met koffiebonen ligt een bevroren icecooler. Daarbovenop bolletjes iced-coffee met geraspte kardemom. Reken maar dat die bolletjes niet de kans kregen om te smelten. Pure verwennerij! Helaas vergeten een foto te maken. Hierna sluiten we definitief af met thee en espresso.

Vanzelfsprekend wordt deze vergezeld van een aantal bijzondere lekkernijen. Dit in de vorm van dunne berkenstammetjes met er bovenop kleine chocoladebolletjes gevuld met bossmaken, zoals bospaddenstoelen en sparrentoppen met karamel en zout. De bedoeling is ze in een bepaalde volgorde te eten en daaraan voldoen we braaf.

Hierna zijn we toch echt verzadigd. Rond vijf uur verlaten we voldaan en uiterst tevreden De Librije te Zwolle, om nog dagen na te genieten van deze fabelachtige middag. Bij Jonnie en Thèrése Boer ben je niet alleen “uit eten”. Zij zorgen voor een onvergetelijke belevenis. Gun jezelf ten minste één keer in je leven deze totaalervaring in de culinaire hemel!

N.B. De foto boven het artikel is afkomstig van de site van De Librije.

Landgoedhotel De Wilmersberg – De Lutte

Hotel de Wilmersberg

We hadden wat te zoeken in Oldenzaal. Iets met een berg die soms naar Mozes moet, in plaats van andersom. Ik boek een hotel voor een overnachting, want twee x drie uur rijden op één dag is zelfs voor een enorme liefhebber van autorijden als ik, toch net iets te veel. Nadat we onze dingen gedaan hedden, gaan we op zoek naar ons hotel. Op een idyllisch plekje, met een licht glooiend landschap in het nabij gelegen De Lutte, ligt Landgoedhotel De Wilmersberg. Op Zoover en Tripadvisor las ik veel lovende recensies over dit schitterend gelegen hotel, met name over het toonaangevend terras. En niets is teveel gezegd! Superlatieven schieten tekort om dit hotel te omschrijven. Wat een schitterende locatie! Wat een smaakvol interieur! Maar bovenal wat een hartverwarmende gastvrijheid!

Het inchecken gebeurt heel ontspannen – het onthaasten nemen ze hier wel heel letterlijk en begint zodra je één voet over de drempel hebt gezet – onder het genot van een klein glaasje koele panna cotta. Een aardige welkomstgeste, die ik eerder nog nooit heb mogen ervaren.

Onze kamer is heerlijk ruim, wederom met oog voor detail ingericht. Op de gangen staan diverse tafeltjes met geurstokjes en/of fruit om mee te nemen. Vrijwel direct begin ik me erg Zen te voelen. Dat neemt nog toe als we later op de dag in de lounge plaatsnemen. Dit is het meest authentieke gedeelte van het pand, inclusief een prachtig houten panelenplafond en een hardstenen open haard. Het voelt alsof je thuis bent. Comfortabele zitjes, zowel op lounge- als op werkhoogte, overal gratis wifi en een lange wand vol boeken en tijdschriften.

Bovendien is er een gigantische keur aan wijnen per glas, die de dienstdoende ober moeiteloos voor ons opsomt. Als hij de bestelde Vermentino komt brengen, wordt deze vergezeld door knapperige, gekruide filodoogflapjes met een smakelijke dip. We voelen ons verwend en besluiten een paar wijntje later, ondanks slechte ervaringen met hotelkeukens, ook het diner te gebruiken in het aangrenzende restaurant.

Evenals alle andere ruimten in het hotel is ook dit bijzonder smaakvol ingericht. Opvallend zijn de fraaie wanden en plafonds. De donkerbruine lambrizering is weliswaar donker, maar omdat alle overige bestanddelen van het interieur licht van kleur zijn, ervaar ik dit totaal niet als zwaar. Eerder geeft het een warm, behaaglijk gevoel. Ook de lampen zijn met veel smaak uitgezocht, evenals de windlichtjes op tafel. Ik voel als het ware een vrouwenhand die hier met veel oog voor kleur en stijl, aan het inrichten is geweest. Chapeau!

We kiezen voor het driegangen zomermenu en starten met een eenvoudige amuse van Hollandse garnalen. Niets bijzonders, maar wel lekker. Wilmersberg garnalencocktail
Het voorgerecht bestaat uit een tartaar van zeebaars met een cremebolletje van kerrie, reepjes Japanse radijs in een saus van groene kruiden. Ik proef dragon, basilicum er kervel. Als rechtgeaarde Zeeuw ben je altijd een beetje bang om vis “buiten de deur” te eten, maar deze zeebaars is heel, heel smakelijk vlinderlicht. En supervers, want daar let je op als doorgewinterde visliefhebber.

Wilmersberg tartaar van zeebaars
Bij het hoofdgerecht scheiden onze wegen. Voor G. is er rosé gebraden sukade van black angus beef, die zo mogelijk nog malser is dan de biefstuk. Ik zie al bij de eerste hap pretlichtjes in zijn ogen verschijnen. Dat lijkt mij een goed teken voor iemand niet meer gewend is om veel vlees te eten. Het garnituur is wel een beetje schamel, vind ik zelf.

Wilmersberg sukade
Voor mij is er de kort geschroeide tonijn, geflankeerd door gebakken gamba. Liever had ik wat dunnere plakken tonijn gehad, in plaats van deze ferme stukken, die best stug aanvoelen. Erbij bolletjes créme van aardpeer en fantastisch zoet-zure groentjes, waaronder heerlijke, ontvelde (!) cherrytomaatjes.

Wilmersberg geschroeide tonijn
Het nagerecht bestaat voor ons beiden uit een parfait van vlierbloesem met spongecake van amandel, framboosjes en perzik en torentjes meringue. Bijzonder lekker met veel lichte fruitsmaakjes. Ik vermoed dat de vlierbloesemgelei zelf gemaakt is.

wilmersberg dessert

Koffie en thee gebruiken we weer in de lounge. Het is goed toeven daar, iets wat we tot laat in de avond dan ook doen. We voelen ons wegzakken in de rustige, Twentse gemoedelijkheid en zoeken tegen middernacht ons king-size bedje op. De volgende morgen genieten we nog van een uitstekend ontbijt en moeten we weer gaan. Helaas hebben we vanwege het slechte weer dit keer geen gebruik kunnen maken van het terras, maar uiteraard wel het uitzicht bewonderd.

Om dat uitzicht nog eens ten volle te kunnen aanschouwen, nemen we ons voor hier zeker een keer voor terug te keren. Dit najaar wellicht nog. Dank je wel, lieve mensen van De Wilmersberg, voor zoveel gastvrijheid en persoonlijke aandacht! Jullie doen het met z’n allen meer dan uitstekend. Petje af!