Zonder dagelijkse franje

Zonder dagelijkse franje

Met mam tijdens de Paasdagen in huis ontdoen we het leven voor een paar dagen van alle dagelijkse franje. Aandacht naar binnen en naar elkaar. Wat waren de kernwaarden ook weer? Harmonie. Gezondheid. Tevredenheid. Zoiets toch?

Vrijdagavond zitten we naast elkaar en kijken naar The Voice Kids. Het is haar favoriete tv-programma, want: zoveel is er niet meer op de televisie. “Nee?”, vraag ik. “Welnee”, antwoordt ze gelaten, “het is allemaal ellende dat je ziet, er valt nooit meer iets te lachen. Vroeger was het leuk op zaterdagavond. Johnny en Rijk. Willy en Willeke. Stiefbeen & Zoon”. Ik knik, terwijl ik wanhopige pogingen doe fragmenten uit genoemde programma’s boven te halen. Moest ik daar om lachen? Ik kan het me niet meer herinneren.

Wat bijgebleven is, is het kleine gebakje bij de zaterdagavondkoffie en de pinda’s die een uur later kwamen, tezamen met de priklimonade. Met mijn eigen schaaltje (wie kent er nog het zogeheten pindastel?) vol apenootjes hing ik in mijn Donald Duck pyjama van badstof, achterover in de meest luie stoel. En ja, de pas verworven televisie zond een hele zaterdagavond vrolijke beelden uit, Grapjassen die dansjes deden. Black and White. Een lopende band met voorwerpen waar mensen zoveel mogelijk van moesten onthouden. Voor de Vuist weg. Bonanza. Comedy Capers.

Maar ik was toch vooral geïnteresseerd in alles wat ter tafel kwam en de luchtige sfeer die bij zo’n zaterdag hoorde. Mam liet de was en haar stofdoek voor wat het was en ook pap mocht na een drukke werkweek met anderhalve baan eindelijk zijn bruin-lederen stoel eer aandoen. Met de vermoeide voeten op het kameelzadel (iemand nog een idee wat dat is?). Op deze vrijdagavond voelt het pretentieloze TVK misschien een heel klein beetje als vroeger voor mam. En dat deel ik graag met haar.

Zaterdagmorgen hoor ik haar al rond zeven uur in de badkamer rommelen. Als ik een uur later de keuken binnenkom, is ze geconcentreerd bezig zijn met het uitruimen van de vaatwasser. Elk kopje, elk schaaltje wordt nog eens grondig opgewreven. Zo’n vaatwasser evenaart toch nooit het glanzende effect van een ervaren vrouwenhand met theedoek. “Mooi weertje”, roept mam me toe. Ik weet nog dat ze enkele dagen terug al zinspeelde op een middagje Vlissingen.

Slaperig kijk ik uit het raam. De zon schijnt overdadig, maar de takken aan de bomen geven windkracht 6 aan. Na 40 jaar Zeeland weet ik inmiddels wat dat betekent. Waterkou. Rillingen. Met name dicht bij zee. Ik strooi voorzichtig wat minder optimistische weersverwachtingen in het rond. Mam blikt of bloost niet. Schijnt de zon .. is het mooi weer. Als Brabantse is ze niet gewend aan de tergende Zeeuwse winden. Enfin, laat maar even.

Zonder dagelijkse franje

Om elf uur is er een dik wolkendek voor de zon geschoven en ziet zelfs mam in dat een terrasje aan de kustlijn iets teveel gevraagd is op 26 maart. We gaan het buitenverblijf inspecteren, besluit ik. Een mooi uitstapje, wat we kunnen koppelen aan een theetje drinken buitenshuis. Voor ik het in de gaten heb, komt ze aanlopen met jas en das. “Wacht effe”, zeg ik, “ik wil eerst nog wat voorbereiden voor het avondeten”. Mijn plan is de alternatieve versie van de bekende Tom Kha Kai te maken. Mam wil al zo lang noodles proeven. In een ver verleden heeft ze zelfs al gekocht, alleen nooit opengemaakt, laat staan gegeten. Te veel gedoe. Een balletje met groenten is routine, veel ingewikkelder moet het niet worden.

In de bouillon laat ik serehstengels en gember meetrekken. “Een beetje pittig mag wel, hè?” Ze knikt vastbesloten. Dus snijd ik in plaats van 1 pepertje, er 2. Belangstellend kijkt ze toe welke groenten er als garnituur gesneden worden. “Wilde spinazie?”, vraagt ze, terwijl ik de paksoi ter hand neem. Heimelijk moet ik glimlachen en zie voor me hoe ze de Allerhande van voor naar achter spelt.

Thee met appeltaart

We vertrekken naar de westhoek van Schouwen-Duiveland, waar we alles naar tevredenheid aantreffen. Robbie de robot heeft het gras keurig gemaaid, aan de struikjes zitten de eerste voorzichtige knopjes en er is niets weg- of kapotgewaaid. Alleen de weersomstandigheden nodigen niet uit om er snel onze intrek te gaan nemen. Het is waterkoud, brrr. Snel rijden we richting La Baguette, waar de altijd vriendelijke Diana ons hartelijk begroet met haar voortreffelijke zelfgemaakte appeltaart en cake. Nieuw is de Whittington thee in veel verschillende soorten. Lekkere thee in een grappig bijpassende mok! Een fijn adresje om te bezoeken, vindt mam.

En ’s avonds keurt ze de noodles. “Net vermicelli in groentensoep, oordeelt ze mild. “Niet te heet?”, vraag ik. Een overbodige vraag, want ik zie haar naar de fles sriracha grijpen en een keurig plasje pepersaus verdwijnt tussen de noodles. Die mam. Vijfentachtig en altijd op zoek naar de grenzen van het onbekende. Waarmee Pasen 2016 uiteindelijk toch nog warm eindigt.

La Baguette marmercake met Whittington thee

Simpele noodlesoep van Nigel Slater

Simpele noodlesoep

De simpele noodlesoep uit een kookboek van Nigel Slater trok meteen mijn aandacht. Ik ben nu eenmaal een doorgewinterde (what’s in a name) soepliefhebber. Veel pepers gingen erin, las ik. Toevallig houd ik wel van een beetje pit. Suf, saai en grijs kan altijd nog. Later, als de Man en ik met knokige handjes onze opgewarmde maaltijdservice-hap uit plastic bakjes zitten te lepelen, ondertussen glurend naar Max’ Geheugentrainer.

Nu is daar nog geen plaats voor. Het leven moet volle kracht vóóruit, liefst variërend in kleur van zuurstokroze tot citroengeel en vooral “schwung” hebben. Er mag best af en toe een razende rollercoaster voorbij komen waar ik noodgedwongen in moet stappen, als ik daarna maar weer de tijd krijg om dromerig van mijn suikerspin te mogen happen. Snerpend vriezen of kwakkelig dooien, het mag van mij allemaal, als er maar iets gebeurt dat mijn hart warm houdt en mijn hoofd prikkelt. Dynamiek, durf, flair. Help, ik wil nog lang niet oud zijn.

Pit dus. Liefst ook een beetje in mijn voeding. Met dit gerecht kun je naar hartenlust spelen met vuur. Hoe kleiner de pepers, hoe heter. Opgepast dus met madame Jeanette, de rode of  gele lampionachtige pepers! Voor alle pepers geldt: door de puntjes en de zaadjes te verwijderen, verdwijnt al een groot deel van hun pit.

Simpele noodlesoep van Nigel Slater

Ingrediënten:
1 ltr kippenbouillon
1 knoflookteen fijngehakt
rode peper (naar keuze dus)
1 stengel sereh
6 bosuitjes
flinke bos wilde spinaziebladeren
4 worteltjes
noedels

Bereidingswijze:
Kerf de serehstengel over de gehele lengte in met schuine sneden. Dit om meer smaak af te geven.
Hak de pepers en knoflook ragfijn. Laat sereh, knoflook en peper(s) ten minste 1 uur trekken in de bouillon. Verwijder daarna de sereh.
Snipper de bosuitjes.
Snijd de wortel in kleine blokjes en de spinazie in dunne  reepjes.
Kook de groenten in 5 minuten gaar in de bouillon.
Laat er tot slot de noodles of eiermie in wellen.
Breng op smaak met naar keuze zoete of zoute sojasaus en/of vissaus en/of gembersaus.
Serveer met nog wat fijngehakte bosui erover.
Héét!!

Noodlesoep