Gepofte knoflooksoep

Soepkop met gepofte knoflooksoep

In mijn nieuwste kookboek “Mijn Arabische Keuken” van Mounir Toub zag ik deze gepofte knoflooksoep staan. Kan niet anders dan héél lekker zijn, seinden mijn hersencellen naar mijn speekselklieren, tijdens het lezen van het recept. Veel knoflooksoepen bevatten alleen knoflook, aardappel en bouillon; deze variant bevatte ook nog een scala aan groenten. Plus één bijzonder eigenaardig ingrediënt, namelijk ananas. Dat ging zelfs mijn culinaire voorstellingsvermogen te boven. Knoflook en ananas: ik kon me er niets bij voorstellen. Ik heb het (optioneel) opgenomen in het volgende recept. Probeer het dus gerust, ik heb mijn beurt even voorbij laten gaan.

En o, schrik nu niet van die hele bol knoflook, door het poffen verdwijnt de scherpe smaak volledig en komt het zoetige karakter van dit bolgewasje naar boven. De rauwe teentjes knoflook zijn dan ook beslist noodzakelijk voor een royale knoflooksmaak. De dag erna niet al te veel sociale bezigheden plannen, dat is weer wel een vereiste na dit soepje. Aan de slag dan maar.

Gepofte knoflooksoep

Ingrediënten:
1 bol (liefst verse) knoflook
4 eet olijfolie
1 ui
3 stengels bleekselderij
1 prei
1 ltr kippenbouillon
3 teentje knoflook
1 laurierblad
1 dl room
½ bos bieslook of peterselie
50 gr geroosterde pijnboompitten
Optioneel: 200 gr verse ananas

Bereidingswijze:
Verwarm de oven voor op 200 graden.

Snijd de bovenkant van de bol knoflook eraf en leg de bol op een stuk aluminiumfolie.
Besprenkel met 2 eetl olijfolie, pak de bol goed in en pof in circa 30 minuten in de oven.

Pel de ui en snijd in halve ringen.
Snijd de bleekselderij en prei in dunne reepjes.

Verwarm 2 eetl olijfolie in een soep-an en voeg de ui, prei en bleekselderij toe en laat op zacht vuur 8 minuten garen.
Blus af met de kippenbouillon, voeg het laurierblaadje toe en breng aan de kook.
Knijp de gepofte knoflook uit en voeg toe aan de soep.
Pel de 3 teentjes rauwe knoflook en knijp uit in de soep. Laa het geheel 10 minuten op zacht vuur pruttelen.

Haal na 10 minuten het laurierblaadje uit de soep, giet in een blender en pureer de soep.
Giet de soep terug in de pan, voeg (kook)room toe en breng opnieuw aan de kook.

Optioneel: snijd de verse ananas in kleine blokjes.

Hak de bieslook of peterselie.

Schep de soep in kommen of borden en garneer met de ananasblokjes, de bieslook of peterselie en de pijnboompitten.

Bron: Mijn Arabische keuken – Mounir Toub

Kop met gepofte knoflooksoep

Marokkaans ovenbrood à la Mounir Toub

Marokkaans ovenbrood

Van sommige kookboeken weet je direct dat je ze wil hebben. Gewoon, omdat dit soort boeken een onuitputtelijke bron van inspiratie zijn. Honderdvierentwintig heb ik er inmiddels. Ik lees ze als een roman. Van de eerste tot de laatste letter. En tijdens het aandachtig lezen van recepten, probeer ik me een voorstelling te maken van de smaak van diverse ingrediënten, die in een gerecht gecombineerd worden.

Bij het boek van Mounir Toub, Mijn Arabische keuken, lukt dat vrijwel meteen. Ik heb een zwak voor producten als tomaat, aubergine, knoflook, citroen, maar tevens voor aromatische kruiden als venkelzaad, komijn, munt en koriander. Met dit soort smaakmakers wordt een maaltijd zoveel plezieriger dan het traditionele AVG’tje.

Het boek Mijn Arabische keuken is geboren uit liefde. Dat zie je in één oogopslag en dat valt ongetwijfeld te proeven in alle gerechten. Daar houd ik van: mensen die hun liefde proberen uit te dragen. Liefde wil zich in deze moderne tijd nogal eens vermommen in het woord passie, maar het veelvuldig gebruiken maakt dit woord sleets en op den duur zelfs lachwekkend.

Terug naar de Arabische keuken. Bastilla’s, traditionele couscous met zeven groenten, kruidenmengsels en -oliën zelf maken, ingelegde citroenen en natuurlijk de – inmiddels ook in Nederland beroemde – falafel, het staat allemaal in dit boek. Stuk voor stuk smakelijk ogende gerechten, die ik beslist wil gaan maken in de toekomst. Ik trap af met een brood, de Marokkaanse versie. Althans, dat zegt het boek. Voor mijn geestesoog verscheen een plat, wit, fluffy brood. Dat klopte niet helemaal. Het smaakte prima, daar niet van, maar wat er nu precies Marokkaans aan was? Wel gemakkelijk dat het maar 1 x hoeft te rijzen. Even een broodje bakken is dan appeltje-eitje.

Marokkaans ovenbrood

Ingrediënten:
1 zakje gedroogde gist (7 gr)
60 ml lauwwarme melk
200 gr bloem
200 gr volkorenbloem
10 gr zout
1 tl suiker
375 gr lauwwarm water

Bereidingswijze:
Verwarm de oven voor tot 200-220 graden.

Roer de gist door de melk.
Meng de bloem met de volkorenbloem, het zout en de suiker
Meng het bloemmengsel met de lauwwarme melk.
Voeg beetje bij beetje het water toe en kneed tot een mooi deeg.
Kneed het deeg minimaal 10 minuten goed door.

Bol het deeg op en leg op een met bakpapier beklede bakplaat.
Druk met je vinger in het midden van de deegrol een of meerdere kuiltjes en laat de deegrol circa 45 minuten rijzen op een warme plek met een doek eroverheen.
Het deeg is goed zodra je er met je vinger in kunt drukken en het kuiltje blijft zitten.

Bak het brood in circa 10-15 minuten goudbruin en gaar.

Bron: Mijn Arabische keuken – Mounir Toub

N.B. Ik word niet gesponsord om dit artikel te publiceren. Bovendien heb ik geen enkele commerciële connectie met de uitgever, noch de auteur van dit boek. Ik schrijf slechts over zaken die mij persoonlijk in beroering brengen.

Marokkaans ovenbrood