Kunstig of niet?

Kunstig of niet

Laat ik het maar eerlijk zeggen: ik vind ze niet mooi. Sterker nog: ik vind ze oerlelijk. Kunstig of niet. Vooral wanneer de Zeeuwse velden, zoals vandaag, kaal zijn en de atmosfeer een trieste druilerigheid uitademt, waar zelfs het meest effectieve anti-depressivum niet tegen opgewassen is.  Alles lijkt op elkaar. En vloeit in elkaar over. Betonnen huizen die zich futloos tegen de grijze hemel aftekenen. Glimmende straten die zich meanderend een weg naar de duistere horizon banen.

Als ik ze hartje zomer passeer (en ik kom er behoorlijk vaak langs, aangezien ze slechts luttele kilometers van mijn huis en haard verwijderd zijn) dan nog vind ik het wanstaltige landschapsvervuilers, maar omdat ze dan omhuld worden door weldadige zonnestralen, ervaar ik ze als minder kwaadaardig. Op die momenten lijken ze minder vijandig mijn richting uit te prikken.

Kunstig of niet?

Ik heb het over het kunstwerk van de Duitse kunstenaar Michael Beutler. Negen bolvormige, betonnen sculpturen domineren het landschap tussen de noordkant van Goes en de van oorsprong agrarisch bedoelde Wilhelminapolder. Het is het grootste “land-art” kunstwerk in Nederland. Kosten € 550.000,00. Als je het vlug zegt, valt het best mee. Feit blijft dat ik met dit soort kunstuitingen geen kant op kan. Zelfs met de titel weet ik geen raad: Like suns setting three meters above true level. Maar wat wil de kunstenaar me daarmee in vredesnaam duidelijk maken? Dat er niveauverschillen zijn in het Zeeuwse landschap? Zijn er nog lieden die dat niet wisten na 1953? Staan de bollen symbool voor de opkomende zon? En wat heeft dat alles met de genoemde drie meter te maken?

Kunst is en blijft een lastig punt van discussie. Wat de één schitterend vindt, wordt door een ander met een achteloos “kan-mijn-kind-ook” afgedaan. Persoonlijk hecht ik erg veel waarde aan alle vormen van kunst, klassiek of modern, het maakt me niet zoveel uit. Zolang ik maar diep van binnen iets voel trillen. Dat kan schoonheid zijn, vaak ook eenvoud. Ik heb objecten moderne kunst gezien, die dusdanig abstract uitgevoerd waren dat er geen enkele associatie meer bestond met de werkelijkheid, maar die door hun pure eenvoud, kleurenspel of opbouw me toch wisten te raken.

Landschapsvervuilers

Genoemde bollen doen dat niet. Ik vind ze vervuilers van het weidse Zeeuwse landschap. Kunst in het landschap zou niet alleen organisch van vorm dienen te zijn, maar tevens uit organisch materiaal te zijn opgebouwd. Een mooi voorbeeld hiervan is dit:

dewachter

Kennelijk mist een kunstwerk ook zeggingskracht als er een lang betoog ter verduidelijking bij hoort. Zweverige bla-bla-verhalen zijn zo’n beetje het credo van elke moderne kunstenaar geworden. Volstrekt onnodige ballast, als je het mij vraagt.

Maar goed, Koninklijke Maatschap de Wilhelminapolder wilde samen met het Centrum voor Beeldende Kunsten Zeeland een opvallend en groots kunstproject binnen de gemeentegrenzen trekken. Dat hebben ze voor elkaar. Voor een half miljoen staat het daar nu, te midden van de Zeeuwse akkers. groots te wezen. Opvallend ook, jazeker. En wat mij betreft blijft het bij deze kwalificaties.

Wat vinden jullie eigenlijk van deze betonnen landschapskunst?

 

Theo Voorzaat – schilderkunst

Theo Voorzaat

Tot afgelopen zaterdag had ik nog nooit van Theo Voorzaat gehoord. Maar toen ik vrijdagavond op de Zeeuwse televisie (jazeker, die is hier ook uitgevonden!) een fragmentje voorbij zag komen over deze schilder en zijn werk, was mijn interesse gewekt. Man en ik houden erg van realistische schilderkunst en dit zag er wel erg indrukwekkend uit!

Theo Voorzaat schilderkunst

Dus  reizen we af  naar het St. Jacobshofje in Zierikzee, waar er een kleine expositie is ingericht met werk van deze kunstenaar. Onderwerp van zijn schilderijen zijn gebouwen uit het heden, die in verval zijn en geplaatst zijn in een toekomstig ogende wereld. Vaak keren hierin vervreemdende elementen als grote stenen bollen terug. In een toelichting die ter plekke op tafel ligt, is te lezen dat de kunstenaar hiermee uiting wil geven aan de technologische ontwikkelingen van vandaag, die vaak lijnrecht tegenover het thema van het schilderij staan. Opvallend is ook de bijzondere lichtval, die een positieve wending aan het wat naargeestige beeld geeft.

Alle schilderijen zijn met zeer grote precisie geschilderd, waardoor het werk van Voorzaat ook wel als hyperrealistisch wordt getypeerd. Zelf zie ik duidelijke overeenkomsten met de stijl van Jopie Huisman. Beide kunstenaars bezitten de gave om een combinatie van hun filosofie en hun gevoel voor esthetiek om te zetten in een fenomenale schilderkunst. Als kijker word je als het ware meegezogen tot in de kern van het schilderij. Meesterlijke kunst.

De expositie in Zierikzee is inmiddels afgelopen. Wie echter belangstelling heeft voor de collectie van Theo Voorzaat kan terecht in galerie Lieve Hemel te Amsterdam.

TEFAF 2013

Tefaf 2013

Dat ik  – mevrouw Eetplezier – een merkwaardig schepsel ben, wisten jullie al lang natuurlijk. Als ik, per ongeluk, ooit een keer vóór zeven uur de echtelijke sponde node moet verlaten, is het gekerm en gekreun niet van de lucht. Terwijl dit gegeven toch voor 80% van de beroepsbevolking de normaalste zaak van de wereld is. Om toch op enigszins fatsoenlijke wijze de dag te kunnen beginnen, heb ik mijn interne wekker standaard op 07.45 uur gezet. Een redelijk tijdstip, maar toch dienen de mensen in mijn directe omgeving zich vóór tien uur nog altijd te bedienen van de juiste aanspreekvormen.

En sinds mijn hormonale huishouding zich een eigen leven heeft toegeëigend, is lange afstanden overbruggen ook bepaald geen favoriete bezigheid meer. Alleen al het aanschouwen van lange rijen ingeblikte reizigers, die zigzaggend en voorhoofdwijzend zo snel mogelijk hun doel willen bereiken, is voldoende om mij klotsende oksels te bezorgen. Om nog maar te zwijgen over mijn krampachtige pogingen massale ontmoetingsplekken zo veel mogelijk te vermijden.

Tot zover de feiten. Dan nu de werkelijkheid, zoals die zich afspeelt als zich eenmaal een plan in mijn brein heeft genesteld. Met hetzelfde gemak waarmee ik bovengenoemde bezwaren opvoer, worden deze weggewuifd als het mij zo uitkomt. Hypocriet, ja.

Ik wilde naar  ‘s lands grootste kunstbeurs, de Tefaf.  Man’s agenda van afgelopen week liet het niet toe een volle dag vrij te maken. Maar toen er donderdag twee afspraken kwamen te vervallen, zag ik mijn kans waar. Ik begon woensdagavond met subtiele opmerkingen richting Man.
Vroeg op? Ach, voor één keer …. 168 kilometer, twee uur rijden …. we hebben een betrouwbare auto, toch? Druk? Hoewel 73.000 bezoekers in tien dagen moeilijk onder het vloedkleed vallen te schoffelen, wist ik er bijkans een kleinschalig gebeuren van te maken. Zo gaat dat als een vrouw iets in heur hoofd heeft.

Na een stilzwijgend genoten ontbijt en een dito autorit, rijden we om 11.00 uur het parkeerterrein van het Mecc op. Daarna gaat het sprookjesboek als vanzelf open. Ik val van de ene verbazing in de andere en voel mij vele uren achtereen het spreekwoordelijke kind in de overvolle snoepwinkel.

TEFAF

Zoveel mooie objecten bijeen, van imposante bronzen Boeddhabeelden tot kostbare sieraden, van magistrale schilderijen tot Chinees porselein, kunstig geweven kleden, uurwerken in alle vormen en maten, glanzende mahoniehouten meubelen, antieke boekwerken, kristallen vazen en karaffen, Egyptische oudheden, zilveren gebruiksvoorwerpen, het is teveel om op te noemen.

 

Ik ben gefascineerd door de lichtval in een stadsgezicht van Willem Koekkoek.
Ook een schilderij van Monet met daarop schaatsende figuren tussen rietstengels door, bekijk ik van alle kanten. Impressionistisch van dichtbij en tegelijkertijd zó realistisch veraf. Hoeveel artistieke gaven kan een mens wel niet bezitten? Wat streepjes en lijntjes, beetje blauw, stipje groen, en je hebt opeens een adembenemend schilderij. Dan is er het zwart-glanzende beeld van Fernando Botero: man met hoed op paard. Onwaarschijnlijk glad en ik moet de neiging onderdrukken om niet de mollige vormen te strelen.

Voor het eerst zie ik één van Warhol’s spraakmakende Campbell-schilderijen. Ik kom originele Appels tegen, Dali’s en Dufy’s. Verder briljante offsetprints achter glas in betoverende kleuren. Modern Art heet dat. Japanse sculpturen van geëmailleerd brons, gouden korenaren die zachtjes wuiven als ik er tegen blaas, moderne 3D glaskunst, need I say more?

Maison den Boer

Nog één ding dan: Maison van den Boer verzorgt hier de inwendige mens. Dat doen ze, zoals gewoonlijk, in de door hen bekende stijl. Binnen de TEFAF zijn er twee restaurants (beiden volledig bezet op het moment dat Man en ik trek kregen), twee cafés met eenvoudige lunchgerechten, koffie, thee en gebak, één zelfbedieningsterras waar ter plekke warme gerechten worden bereid, één sushibar en twee champagnebars.

Man en ik zijn van eenvoudige komaf, eten weliswaar graag lekker, maar voelen ons niet thuis tussen het mondaine volkje met hun Gooische R die zich liever aan de Moët & Chandon laven dan aan de esthetische schoonheid waarmee ze zich omringd wanen. Dus eten wij een simpele baquette met ham/kaas. Netjes in een papieren zakje met doorkijkvenster gestoken, dat dan weer wel. Karnemelk in plaats van alcohol. Om maar zo weinig mogelijk te missen.

Tegen sluitingstijd beginnen wij aan de terugreis. Nog even twee uurtjes zoeven over de E313. Het schemert al en ik probeer knikkebollend al het moois van die dag terug te halen in mijn hoofd. Vanuit mijn half geloken ooghoeken zie ik Man naar me kijken. Hij grijnst en zegt: “morgen uitslapen zeker?” Morgen uitslapen.