Spruitjes met een Indonesische twist

Spruitjes met een Indonesische twist
Er zijn weinig groenten met zo’n oer-Hollandse uitstraling als spruitjes. Naast hun felgroene kleur, kennen ze weinig appetijtelijke facetten. Hun kenmerkende geur herbergt zwavelverbindingen, waardoor het koken van spruitjes niet bepaald als eetlustopwekkend gezien wordt. En ja, over de smaak valt ook genoeg te twisten. Vanzelfsprekend degusteren volwassen lieden de groene bolletjes manmoedig . Kinderen zijn veel eerlijker en trekken al een vies gezicht zodra ze menen een spoor van de geur te herkennen.

Smaak is altijd persoonlijk, wat de één fantastisch vindt is voor de ander om van te gruwelen. Denk aan Franse kaas, olijven, oesters en warme melk. Zelf lust ik bijna alles wat op de velden te vinden is, van aardappelen tot boerenkool en – wat meer onalledaags – van cassave tot artisjok en topinamboer.  “Een makkelijke eter”, zei mam trots tegen andere moeders in de buurt van ons ouderlijk huis. 
“Spruitjes met een Indonesische twist” verder lezen

Zhug het Jemenitische zusje van pesto

Zhug het Jemenitische zusje van pesto
Smeerseltjes zijn helemaal hip. Want ja, ze zijn er in zoveel soorten en ze happen zo heerlijk weg op een stukje brood tijdens de vrijdagmiddag- of weekendborrel. In den beginne, toen Nederland nog bezig was zich te ontdoen van de doorgekookte spruitjeslucht en eindelijk de landen om haar heen begint te ontdekken, was er de Italiaanse pesto. Wat een sensatie, zo’n aromatisch smaakbommetje bij de vaak saaie Hollandse spaghetti. Met alleen tomaat en gehakt is er weinig lol te beleven aan gedroogde pasta, maar met een handvol fijngewreven basilicumblaadjes wordt het zaakje ogenblikkelijk naar een hoger culinair plan getild.

Ook de tapenade werd een regelrechte hit in de jaren ‘90. Zoutig, smaakvol en van goede olijven gemaakt was deze dipper niet meer weg te denken van het borrelplateau. Variaties met paddenstoelen en zongedroogde tomaten zien het daglicht, ook heel lekker allemaal. Nog wat later gaan we en masse aan de hummus: het fijngemalen kikkererwten-prutje met sesampasta. En all the way from Mexico komt daar plots de guacamole aangevlogen. Zak tortilla’s ernaast en smullen maar! 
 
“Zhug het Jemenitische zusje van pesto” verder lezen

Salsa romesco met geroosterde aubergine

Romesco saus met geroosterde aubergine

Hemelvaartsdag 2020. Onder normale omstandigheden betekent deze dag de opmaat naar een lang, lui en (hopelijk) hemelsblauw weekend. Lange files ingeblikte zonzoekers op weg naar de dan nog ongerepte stranden of naar het allereerste terrasje van dat jaar. 

Dit keer is alles volledig anders. Een onbeduidend klein doch venijnig organisme heeft ons leven van alledag grotendeels tot stilstand gebracht. Al meer dan 60 dagen verkeert ons land in een “intelligente lock-down”. En hoewel er enkele versoepelingen zijn doorgevoerd en 30% van de vakantieaccommodaties weer mag worden verhuurd, roept de Veiligheidsregio Zeeland op om toch vooral niet massaal mijn provincie te komen bezetten. Het duurt nog meer dan 10 dagen alvorens de horeca open mag en dan nog zal het beperkt blijven tot 30 personen per locatie. Dus: blijf in je achtertuin mensen. Geniet daar van de zon, van een koel glas rosé of bier en van je gezin.

Echt, er komen betere tijden aan, maar het is beter om nu nog even vol te houden. Voor vanavond heb ik een aangenaam zomers gerecht, namelijk salsa romesco. Dit is van oorsprong een Catalaanse saus die zowel koud of warm gegeten kan worden. Deze versie is van de Vlaamse chef Jeroen Meus, die koken tot een weldadige bezigheid heeft weten te transformeren. 

“Salsa romesco met geroosterde aubergine” verder lezen

Gado gadosaus de milde smaakmaker

Diverse groenten met gado gadosaus

Oh meisjes (en jongens), wat ben ik toch gek op de Indonesische keuken! Eigenlijk zou ik elke dag wel gestoomde, witte rijst willen eten met een pittig gekruid gerecht ernaast. Het hoeven voor mij echt geen uitgebreide rijsttafels zijn te zijn. Zo’n kommetje dampende rijst met een eenvoudig groente- of vleesgerecht maakt me al blij genoeg. Sommige gerechten uit de Indonesische keuken blijven terugkomen in huize Eetplezier. Waren het vroeger veelal de vleesgerechten die gretig aftrek vonden, vandaag de dag zijn ook de groentegerechten populair. Gado gado bijvoorbeeld. Geblancheerde en/of rauwe groenten, overgoten met een smakelijke saus. Het is eigenlijk een gerecht van niks, alleen wat groenten (wel ideaal om alle restjes groenten in te verwerken), maar uiteindelijk máákt de saus het gerecht tot iets wat je vaker wilt eten.

De saus heet dus gado gadosaus en beslist geen satésaus. Het verschil zit ‘m in de kokosmelk die je toevoegt aan gado gadosaus. Even afgezien van de hoeveelheid pepers die je gebruikt, ontstaat dus in beginsel een milder resultaat dan bij de traditionele pindasaus. Ik maak het al jaren als volgt.

Gado gadosaus

Fruit een paar fijngewreven tenen knoflook met 2 à 3 sjalotten zachtjes aan 1 eetlepel zonnebloemolie.
Doe er op het laatst een theelepel geraspte gember, een theelepel koriander, 1 theelepel laos en 1 (of twee, of drie) fijngesneden chilipeper(s) toe. Laat nog even meebakken.

Rooster 200 gr ontvliesde, ongezouten pinda’s in 6 tot 8 minuten in een tot 190˚ verwarmde oven. Laat ze afkoelen en maal ze in een keukenmachine fijn.

Voeg 1/2 dl sojasaus, 2 eetlepels palmsuiker (of bruine suiker), het sap van 1/2 limoen, 1 theelepel zout en het gebakken sjalottenmengsel toe.

Draai er een gladde massa van, voeg 4 dl kokosmelk toe en draai het opnieuw glad. Verwarm het op een zacht vuurtje.

Serveer deze saus over geblancheerde of rauwe groenten, zoals sperziebonen, wortel, paprika en komkommer. Van oorsprong worden de groenten lauw of koud gegeten, maar ik geef zelf de voorkeur aan warme groenten. Je kunt alle groenten gebruiken die jij lekker vindt. Eet het met gekookte rijst, eventueel een vleesgerecht, met wat kroepoek en natuurlijk een koel glas bier of een kruidige wijn.

Gepofte knoflooksoep

Soepkop met gepofte knoflooksoep

In mijn nieuwste kookboek “Mijn Arabische Keuken” van Mounir Toub zag ik deze gepofte knoflooksoep staan. Kan niet anders dan héél lekker zijn, seinden mijn hersencellen naar mijn speekselklieren, tijdens het lezen van het recept. Veel knoflooksoepen bevatten alleen knoflook, aardappel en bouillon; deze variant bevatte ook nog een scala aan groenten. Plus één bijzonder eigenaardig ingrediënt, namelijk ananas. Dat ging zelfs mijn culinaire voorstellingsvermogen te boven. Knoflook en ananas: ik kon me er niets bij voorstellen. Ik heb het (optioneel) opgenomen in het volgende recept. Probeer het dus gerust, ik heb mijn beurt even voorbij laten gaan.

En o, schrik nu niet van die hele bol knoflook, door het poffen verdwijnt de scherpe smaak volledig en komt het zoetige karakter van dit bolgewasje naar boven. De rauwe teentjes knoflook zijn dan ook beslist noodzakelijk voor een royale knoflooksmaak. De dag erna niet al te veel sociale bezigheden plannen, dat is weer wel een vereiste na dit soepje. Aan de slag dan maar.

Gepofte knoflooksoep

Ingrediënten:
1 bol (liefst verse) knoflook
4 eet olijfolie
1 ui
3 stengels bleekselderij
1 prei
1 ltr kippenbouillon
3 teentje knoflook
1 laurierblad
1 dl room
½ bos bieslook of peterselie
50 gr geroosterde pijnboompitten
Optioneel: 200 gr verse ananas

Bereidingswijze:
Verwarm de oven voor op 200 graden.

Snijd de bovenkant van de bol knoflook eraf en leg de bol op een stuk aluminiumfolie.
Besprenkel met 2 eetl olijfolie, pak de bol goed in en pof in circa 30 minuten in de oven.

Pel de ui en snijd in halve ringen.
Snijd de bleekselderij en prei in dunne reepjes.

Verwarm 2 eetl olijfolie in een soep-an en voeg de ui, prei en bleekselderij toe en laat op zacht vuur 8 minuten garen.
Blus af met de kippenbouillon, voeg het laurierblaadje toe en breng aan de kook.
Knijp de gepofte knoflook uit en voeg toe aan de soep.
Pel de 3 teentjes rauwe knoflook en knijp uit in de soep. Laa het geheel 10 minuten op zacht vuur pruttelen.

Haal na 10 minuten het laurierblaadje uit de soep, giet in een blender en pureer de soep.
Giet de soep terug in de pan, voeg (kook)room toe en breng opnieuw aan de kook.

Optioneel: snijd de verse ananas in kleine blokjes.

Hak de bieslook of peterselie.

Schep de soep in kommen of borden en garneer met de ananasblokjes, de bieslook of peterselie en de pijnboompitten.

Bron: Mijn Arabische keuken – Mounir Toub

Kop met gepofte knoflooksoep

Bloemkool met pasta à la Jamie Oliver

Bloemkool met pasta Jamie Oliver

Sinds Jamie afstand heeft genomen van zijn quasi-nonchalante jeugdigheid, ben ik weer fan van hem. Nu hij vader is geworden van vier kindjes en inmiddels de veertig is gepasseerd, is ook zijn kookstijl huiselijker geworden. Kijk, en daar houd ik van. Niks hatseflats barbecuemaaltje of stevig gekruide, geroosterde megakippen, maar normale Dagelijkse Kost (oeps, da’s weer een andere chef, geloof ik.)

Hoe dan ook: de hoogste tijd om weer eens een recept uit te proberen van deze Engelse chef. Bloemkool bereiden vormt altijd een moeilijk item voor me. Na mijn poging om ze te roosteren, had ik nog geen nieuwe creaties toegevoegd aan mijn bloemkoolprogramma. Jamie nam het denken van me over en ziedaar: bloemkool met pasta! Hoe verzin je het. Echt, het is verrukkelijk, temeer omdat de crumble er de noodzakelijke bite aan geeft. Wedden dat zelfs het meest verwende kind overstag gaat? Is het jullie trouwens ook al opgevallen dat hij niet meer zo ernstig zlizzt als voorheen? Wat bekendheid al niet met je kan doen.

Bloemkool met pasta à la Jamie Oliver

Ingrediënten: (let op: dit is voor 6 personen)
8 plakjes pancetta
1 grote bloemkool
500 gr gedroogde pasta (ik koos voor de Rummo pantacce, verkrijgbaar bij de Sligro)
250 gr cheddar of gewone Goudse kaas
4 dikke plakken boerenbrood (ik gebruikte een grote Italiaanse bol)
verse rozemarijn
2 tenen knoflook
250 gr crème fraîche
optioneel: parmezaanse kaas voor erover

Bereidingswijze:
Warm de oven voor op 220 graden. Ik heb zelf een heteluchtoven en heb hem ingesteld op 200 graden. Het gerecht was na 15 minuten mooi goudbruin en goed heet.

Leg de pancetta in een braadslede van circa 30 x 25 cm en zet die boven in de hete oven. Snijd de bloemkool in roosjes. Doe de pasta in een ruime pan, leg de bloemkool erop en doe er zoveel water op dat alles net onder staat. Voeg zout toe. Leg het deksel erop en kook de pasta volgens de aanwijzingen op het pak.

Rasp de kaas en zet die weg in een kom. Haal de pancetta uit de oven en hak de plakjes samen met het brood, de rozemarijn en een flinke scheut olijfolie in een keukenmachine tot het mengsel de consistentie van grof broodkruim heeft.

Afwerking

Zet een vergiet op een grote kom om het kookwater op te vangen en laat er de pasta en bloemkool in uitlekken. Kieper de inhoud van het vergiet in de braadslede waar je de pancetta in hebt gebakken en zet hem op laag vuur. Giet er 4 dl van het opgevangen kookwater bij. Knijp er de ongepelde tenen knoflook bij, roer er de crème fraïche en de geraspte kaas door en maak de stukken bloemkool voorzichtig stuk met een kleine stamper of vork. Breng op smaak met peper en zout.

Spreid het mengsel uit en strooi er het broodkruim over. Zet de braadslede circa 8-15 minuten in de oven tot er een goudbruin, pruttelend laagje op zit. Schaaf er eventueel nog wat krullen parmezaanse kaas over. Serveer direct met een frisse salade.

Bloemkool met pasta à la Jamie Oliver