Groentebouillon à la Yvette van Boven

Groentebouillon

Wat een heerlijk mens is het toch, deze kookbroekenschrijfster. Samen met haar schattige hondje Marie heeft ze mijn hart voor altijd weten te stelen. Zo ongedwongen, zo spontaan en met haar recepten toch altijd weer nét iets anders-dan-anders. Haar stijl is verfrissend en authentiek, tussen al het jeugdige, hippe Amerikaanse en Australische kookgeweld van vandaag. Natuurlijk heb ik het over Yvette van Boven. 

In haar laatste boek Home Sweet Home staan heel veel smakelijke gerechten. Wat te denken van uiensoep met Guinness? Of de traditionele shepherd’s pie? Een tea-whiskey cake? Ook deze groentebouillon komt uit dit boek.  “Groentebouillon à la Yvette van Boven” verder lezen

Indian summer

Gevulde aubergine met feta

O, wat houd ik van de nazomer! Indian summer, zoals ze tegenwoordig wel plegen te zeggen. De periode van het jaar waarop de klok net een tikkie langzamer lijkt te lopen. Verstilde beelden. Van nevelflarden die zich in de vroege morgen over dromerige velden vlijen. Van lange strengen hop die zich soepel omhoog weet te klauteren door de beukenboom. Het bleekblauw van uitgebloeide lavendel. Het fragiele sterven van de hortensia. In deze tijd van het jaar ervaar ik de atmosfeer als zacht en kalmerend. Vloeibaar bijna.

Een prima tijd om te reflecteren. Terug te kijken op een zomer vol hectiek. Ik had het idee dat deze zomer iedereen op vakantie wilde in Zeeland. Goed voor de toeristenbrache, minder voor de autochtone bevolking. Na een periode van veertig jaar huisvesting, durf ik me wel een beetje onder die laatstgenoemde groep te scharen. Inmiddels verblijf ik al dubbel zo lang in Zeeland als op mijn geboortegrond. Een vreemde gewaarwording.

Indian Summer

Maar goed, nu een gezapige rust wederom over de Zeeuwse akkers is neergedaald en de van oudsher bekende stilte zich in de hoge populieren heeft genesteld, wordt de wereld weer overzichtelijk. G. en ik genieten van de laatste, behaaglijke zonnestralen, daar ergens achter de duinen in ons houten hutje. Ontspannen in het kwadraat, is het credo. Vitaminen en reserves opdoen alvorens Heertje Herfst genadeloos toe gaat slaan. Rust en ruimte in overvloed. Seniorenvakantie. Noem het gerust zo, als je dat denkt.

Bij dit soort dagen hoort licht verteerbare kost. Ik maak een rijkgevulde tomaten-groentensaus. Zoete, volrijpe, biologische tomaten tot pulp gekookt en bergen groenten in dobbelsteentjes gesneden: uien, venkel, prei, champignons, wortel, broccoli en boontjes. Bakken in een ruime koekenpan met flink peper/zout, door de tomatensaus mengen, op smaak brengen met kruiderij (persoonlijk vind ik oregano en tijm (liefst verse) altijd erg lekker erdoor) en dan laten pruttelen. Deze saus lepel ik vervolgens over geroosterde aubergines à la Ottolenghi , waarvan ik eerst met een lepel het vruchtvlees heb los geschraapt van zijn velletje, om af te toppen met blokjes feta. Een bolletje rijst erbij. Smullen maar. En morgen? Morgen pluk ik gewoon weer een nieuwe dag.

gevulde aubergine
gevulde aubergine

Nasi Goreng

Nasi goreng

Eén of twee keer per jaar, word ik plotseling overvallen door een enorme trek in nasi goreng. Je weet wel: opgebakken rijst met groenten en vlees. Eventueel aangevuld met kroepoek, wat atjar, sambal, een gebakken eitje en een koel glas bier.

Of het komt door de flinter pseudo-koloniale opvoeding van wijlen mijn lieve pap (lees hier wat ik er eerder over schreef) of dat het een basale behoefte is aan flink wat pittigheid, nu de opdringende winterkou zich laat gelden, ik weet het niet. Feit blijft dat, wanneer ik iets in mijn kop heb, het niet in mijn staart zit. Of zoiets.

Reeds tijdens het koken van de rijst, komen de dilemma’s. Wel of geen vlees blijft een moeilijk item in huize Eetplezier. Werden er vroeger nog vrolijk dikke schouderkarbonades in brokken gesneden, om deze vervolgens 24 uur te laten marineren in een ketjap-kruidenmengsel, nu wordt er al zuinigjes gekeken bij het voorstel er in ieder geval twee dunne speklapjes in te mogen verwerken. Goed, goed, ik zal er echt een minimale hoeveelheid in doen. En ja, ja, ik vergeet echt de selderij niet. Vreemde gewoonte, die selderij in onze nasi …..

Nasi goreng

Ingrediënten:
zonnebloemolie
1 à 2 rode pepers, in ragfijne reepjes
2 uien, gesneden
2 tenen knoflook, fijngehakt
1 grote prei, in ringen
halve witte kool, in dunne reepjes
2 wortelen, in kleine blokjes
bos selderij, fijngehakt
neutrale ketjap
sambal (er zijn voor wie het nooit heet genoeg is)
gemberpoeder
korianderpoeder
zout

Bereidingswijze:
Begin met het koken van de rijst eerder op de dag. Hoe kouder de rijst, hoe beter deze later op te bakken is. En met rijst bedoel ik vanzelfsprekend niet die idiote snelkookvarianten, maar gewone, traditionele witte rijst. Zelf gebruik ik bijna altijd basmati. Fijne, geurige rijst.

Wat het vlees betreft: doe wat je hart je ingeeft. Speklapjes, schouderkarbonades, varkenslapjes, het kan allemaal, als je er maar bescheiden blokjes van snijdt en vooral niet vergeet dit een halve dag in een marinade te zetten van olie, ketjap, knoflook, bruine suiker, gemberpoeder, sambal, citroensap, zout. Als je vlees gebruikt, schep dit dan uit de marinade en bak het zacht aan in een ruime wok. Olie toevoegen zal niet nodig zijn. Als het bruin en gaar is, haal het dan uit de pan.

Vegetarische versie

Kies je voor een vegetarische versie, dan begin je met een fikse eetlepel olie in de wok te verhitten.
Fruit de uien en pepers lichtbruin.
Voeg nu de knoflook, gember- en korianderpoeder toe. Pas op: zachtjes bakken, anders verbrandt alles.
Nu mag het vuur hoger en voeg je de wortelen en witte kool toe. Bak alles, telkens omscheppend, zo’n 6 à 8 minuten.
Daarna de prei toevoegen.

Als alle groenten beetgaar zijn, een flinke scheut ketjap toevoegen, eventueel aangevuld met nog wat sambal.
(Heb je vlees gebakken, dan kun je dit nu toevoegen).

Schep voor schep komt er nu de koude rijst bij. Blijf omscheppen. De bedoeling is dat de rijst echt bakt.
Voeg zoveel ketjap toe als je zelf lekker vindt.
Als laatste de selderij erdoor mengen en nogmaals stevig blijven omscheppen.
Proef nu. Voeg eventueel zou toe.

Bak supersnel een eitje. Ruk de zak kroepoek open. Vul de glazen met koel bier of water en ga snel aan tafel. Selamat makan!

Zondagse soep

Zondagse soep

Soms bevindt je lichaam zich ergens eind  2013, maar verblijft je geest midden jaren zeventig. De Britt’s en Ymke’s van vandaag noemen dat “retro”. Ik noem het melancholie. Weemoed om wat geweest is en wat je voor altijd wilt vasthouden. Zondagse soep bijvoorbeeld.

Nu de sneeuw langzaam van mijn stoepje begint te smelten, is het een uitgesproken dag om rustig te overpeinzen. Contemplation on Sunday. Hier in Zeeland doet men dat liever in een (steenkoude) kerk; zelf geef ik de voorkeur aan de warmte van mijn vertrouwde keukentje. Met de Canto Ostinato uit de speakers, laat ik kalm de runderschenkels in koud water zakken. Om even later, als het water zacht begint te borrelen,  uitvoerig de tijd te nemen voor het afschuimen. Zondagse soep is een meditatief gebeuren. Heel Zen allemaal. Zonder geduld wordt het gekookt water met sliertjes groen.

Zondagse soep

Dan komen de theezakjes tevoorschijn. Leeg welteverstaan. En groot formaat. Zoiets als dit: http://shop.blanchedael.nl/accessoires/theeaccessoires/t-sac-4.html. Al sedert het begin van mijn zelfstandige kookkunsten mijn ideale hulpmiddel om bouillon te kruiden. Tijm, laurier, foelie, gekneusde peperkorrel erin. Beetje proppen kan geen kwaad. Zout erbij. De enige keer per week dat ik het zoutvat kwistig hanteer, is bij het maken van soep. Fout, heel fout. Zout is slecht voor den Mensch. Maar één foutje per week kan/mag iedereen zichzelf permitteren. Dan nog een stengel bleekselderij, een in grove stukken gehakte ui en verse peterselie erbij en trekken maar ……

Tegen etenstijd volgt het snijden van de “groentjes” (zoals onze zuiderburen zo liefkozend zeggen): beetje prei, bleekselderij, wortel, venkel, courgette en boontjes. Even laten meekoken, niet te lang, een beetje bite geeft soep de illusie van gezondheid mee. En op het aller-, allerlaatst nog een fikse hoeveelheid selderij erdoor. Niet meer koken nu. Geen vermicelli, geen deegwaar. Zo hoort Zondagse soep voor mij te smaken. Een krachtige smaak met een delicate vulling. Maaltijdsoepen zijn van een heel andere orde. Bestemd voor alle andere dagen van de week. Als er hard gewerkt is en de magen knorren dat het een lieve lust is. Op Zondag echter dient soep slechts als maagvulling na een aangename dag verpozen. Ehhh …… chillen dus.

Zondagse soep

Minestronesoep – Jeroen Meus

Minestronesoep Jeroen Meus

Als de zon niet naar ons wil komen, zullen wij noodgedwongen zelf de roodkoperen ploert moeten opzoeken. Dromend van zonbeschenen, glooiende hellingen, klaterende watertjes en hemelsblauwe luchten, compenseer ik het gebrek aan warmte door een gigapan vol gouden zonnestralen te maken. The Italian way to make an instant-summer … minestronesoep!

Minestronesoep

Ingrediënten
3 liter groentebouillon of kippenbouillon
150 g droge witte bonen, geweekt (optioneel, ik hoef ze niet zo nodig))
200 g zout of gerookt spek (of bacon)
1 dikke ui
1 teentje knoflook
2 stevige wortels
2 stengels bleekselderij
3 aardappelen (bij voorkeur vastkokend)
1 courgette
200 g erwten (vers of diepvries)
150 g sperzieboontjes
1⁄4 witte kool (ook eruit gelaten)
1 bussel peterselie
4 blaadjes laurier
4 blaadjes verse salie
verse tijm
80 g tomatenpuree (geconcentreerd)
400 g tomatenstukjes in blik
150 g Parmezaanse kaas (blok)
150 g spaghetti (of pasta naar keuze)
1 scheutje olijfolie
peper/zout

Bereidingswijze
Wie graag witte boontjes in de minestrone eet, weekt de bonen best ruim vooraf. Doe dat zo’n 12 uur op voorhand (bekijk de aanwijzingen op de verpakking).
Zorg vooraf voor de verse groenten- of kippenbouillon.Snij de meeste groenten in kleine, maar geen té fijne stukjes. In een minestronesoep mogen de diverse groenten herkenbaar blijven. Ze zorgen voor wat extra beet in de soep. Groenten waar mogelijk aarde of zand aan kleeft, was je vooraf in voldoende koud water.
Snijd de ui en de bleekselderij in hapklare stukjes.
Zet een ruime stoofpot of een soeppan op een matig vuur.
Verhit hierin een scheutje olijfolie.
Stoof eerst de stukjes ui en de selder.
Voeg ook de gepelde en geplette knoflook toe.
Roer regelmatig even in de pot tijdens het koken.
Schil de wortels, snij ze in stukjes en doe ze in de pot.

Rol de sneetjes spek of bacon op en snij ze in reepjes. Laat het vlees meestoven. (Verwijder vooraf het spekzwoerd en mogelijke stukjes kraakbeen.)
Snipper de witte kool in reepjes. Schil de aardappelen en snij ze in kubusjes. Voeg alles bij de stovende groenten.
Bind een bouquet garni of kruidentuiltje samen, met daarin enkele blaadjes laurier, enkele takjes tijm, wat peterseliestengels en een paar blaadjes salie.
Voeg de geconcentreerde tomatenpuree toe. Roer de puree onder de groenten en laat alles nog een paar minuten stoven om een zoetere en zachte smaak te verkrijgen.
Voeg ook de ingeblikte tomatenstukjes toe, samen met de geweekte witte bonen.
Schenk de groentebouillon bij de groenten, roer de soep om en laat ze pruttelen op een zacht vuur.

Nu is het de beurt aan de zachtere groenten.
Breek de topjes van de sperzieboontjes. Snijd ze vervolgens in stukken van zo’n 3 cm lang.
De courgette snijd je vervolgens in blokjes. Laat ook deze groenten meestoven in de soep.
Ook de erwten mogen meegaren. Gebruik gerust wat diepvrieserwtjes (of kies voor verse).
Plaats het deksel op de pot. Laat de minestrone een uurtje op smaak komen op een zacht vuur.

Breek de droge spaghettislierten in stukjes van zo’n 5 cm lang. Laat de pasta meekoken tot ze beetgaar is.
Proef de soep en kruid ze naar smaak met peper van de molen en wat zout.
Snipper de verse peterselie in fijne stukjes en rasp de Parmezaanse kaas.
Serveer de minestrone in een groot diep bord en strooi er de peterselie en een portie Parmezaanse kaas over.

Bron: Dagelijkse kost – Jeroen Meus

Kop met dikke minestronesoep

Quinoa met geroosterde groenten en cashewnoten

Quinoa met geroosterde groenten

Vandaag op het menu in huize Eetplezier: quinoa met geroosterde groenten en cashewnoten. Na ons lange weekend op het buitenverblijf, is weer de hoogste tijd voor vitamientjes. Ondanks de goede voornemens, zijn de maaltijden er vaak een ondergeschoven kindje. Want er moet zo nodig gewied, geschoffeld, gesnoeid, gesopt én misschien wel het belangrijkste gezónd worden. Met de nadruk op zón dus. In de zon zitten is een belangrijke activiteit aldaar, temeer omdat wij in een appartement in het centrum wonen, zonder tuintje, en dus node elk zonnestraaltje moeten ontberen, vinden wij de zon op ons gezicht welhaast een buitenaards geschenk.

Gisteren direct naar de winkel voor een flinke zak spinazie. Gezond, gezond!! En omdat vlees sedert enkele maanden niet langer het meest belangrijke bestanddeel van de maaltijd vormt, kies ik er voor eenmaal in de paar weken een goed stukje van het rund te kopen. Voor bij de spinazie viel mijn oog op rosbief. In huize Eetplezier wordt er voor gekozen om daar een perfect gehakt tartaartje van te maken. Voor de ware vleesliefhebbers waarschijnlijk onbegrijpelijk, voor mij de ideale manier om toch de benodigde eiwitten binnen te krijgen, zonder het gevoel te hebben aan een stuk dood dier te zitten knagen. Het is om het Hb op peil te houden, anders at ik het niet.

Vandaag heb ik me voor ’t eerst gewaagd aan de very hot en trendy graansoort quinoa. Het is het soort van voeding waar je niet te lang over moet peinzen. Ik raad jullie ook aan vooral niet te willen achterhalen wat het precies is en waar het allemaal voor gebruikt wordt. Doe je dat toch, dan hoef je misschien niet meer. U is gewaarschuwd!

Quinoa met geroosterde groenten en cashewnoten

Erbij heb ik verschillende soorten groenten geroosterd en een tzatziki-saus gemaakt. Geen echt recept gevolgd, maar zomaar wat bij elkaar gerommeld. Voor de groenten heb ik gekozen voor paprika, wortel, courgette, venkel en sugar snaps. Snijd alles in niet te fijne, maar ook weer niet te dikke, stukken (ha, lekker begrijpelijk). Voor  wat betreft de dressing over de groenten heb ik de aanwijzingen gevolgd van Onno Kleijn en Loete Olthuis uit “52 weekendmenu’s” . Zij maken er dit van: stamp of vijzel 2 eetlepels citroenrasp, 2 eetlepels citroensap, 6 eetlepels grassige olijfolie (ik gebruik Valderrama) met 6 ansjovisfilets (nee, nee, niet bang zijn) fijn en hussel dit mengsel door de groenten. Leg alles in een ruime ovenschaal met wat grof zeezout erover en rooster zo’n 25 à 30 minuten  in de oven op 200°. Af en toe even omscheppen.

Tzatzikisaus maken, iedereen weet hoe je dat snel doet, toch? Komkommertje raspen, in vergiet met wat zout zo lang mogelijk laten uitlekken. Aanmaken met een half fijngewreven (achterkant van je mes gebruiken) knofje, peper, zout en twee flinke eetlepels dikke (Griekse) yoghurt.
Nu nog een handje ongezouten, grof gehakte cashewnoten erover. Klaar! Heul gezond dit.

Geroosterde groenten