De Melksalon – Reineke van Wouwe

De Melksalon

Toen ik in 1976, als Brabants meisje de devote Mariabeeldjes voorgoed achter me liet en in Goes mijn intrek nam, hoorde ik voor het eerst mensen praten over De Melksalon. Ik wist niet wat ik me er bij moest voorstellen. Met mijn diepgewortelde afkeer van melk was er ook geen enkele reden om er verder naar te vragen. Toch is het altijd in mijn gedachten blijven hangen, temeer omdat er met een zeker ontzag over werd gesproken en de naam veel mysterie in zich herbergde. Kon je er slechts koude of warme melk gebruiken of moest ik het zien als de voorloper van de moderne lunchroom?

Nu, janauri 2020, kom ik tussen de namen van mijn Kobo Plus-abonnement een boek tegen met de veelzeggende titel De Melksalon, geschreven door Reineke van Wouwe. Welja, alsof het zo moet zijn: het vormt de basis van een Zeeuws familieverhaal. Ik besluit het te gaan lezen. Wellicht word ik er wijzer van. 

“De Melksalon – Reineke van Wouwe” verder lezen

Slot Oostende bier

Bierfles en glas Slot Oostende Dubbel Slot

In mijn woonplaats verrijst zeer binnenkort een heuse bierbrouwerij: Slot Oostende. De brouwketels en de vergisting tanks zullen prominent opgesteld staan, alleen de bottelarij wordt elders gevestigd. Slot Oostende wordt als het oudste gebouw van Goes beschouwd. Aangenomen wordt dat in de vroegste jaren van het slot al bier werd gebrouwen. Die traditie wordt nu dus op korte termijn voortgezet! De archeologische opgravingen in en rond het slot zijn momenteel in volle gang, waardoor het perceel er nog “open en bloot” bij ligt. Er zijn nog bergen werk te verzetten, maar als alles mee zit staat er aan het einde van 2016, op het meest historische plekje van Goes een bruisende ontmoetingsplek: het nieuwe Slot Oostende.

Slot Oostende

Jens van Stee fungeert als brouwer van het geestrijke vocht dat ter plekke gaat stromen. Op voorhand heeft hij wat lichtere biertjes in de markt gezet, die makkelijk doordrinkbaar zijn en zullen dienen als huisbieren van het Slot. Onder de welluidende naam Blonde Jacoba (een naam die verwijst naar één van de eerste bewoonsters van Slot Oostende, Jacoba van Beieren) brouwde hij in de ketels van de Amsterdamse brouwerij Troost vierduizend liter van dit blonde gerstenat. Daarnaast werd Wit Voetje (een lichte Weizen), Gouden Gans (een uitgesproken tripel) en een Dubbel Slot (een ‘stoute’ dubbel) geproduceerd. Inmiddels zijn al deze biertjes bij veel Zeeuwse cafés en slijters verkrijgbaar.

Bier is uitermate hip. Zo hip dat bier zelfs het obligate glaasje wijn van zijn voetstuk aan het stoten is. Want ook bij luxere gerechten wordt tegenwoordig steeds vaker gekozen voor beer-pairing. En ik geloof erin, ben er zelfs min of meer van overtuigd dat er goddelijke combinaties te bedenken zijn met het moderne gerstenat.

Hoewel bier ontegenzeglijk het “terroir” van wijn zal ontberen (niemand gelooft toch zeker dat men kan proeven op welke gronden of in welk microklimaat het graan is verbouwd?), bestaan er inmiddels wel ontelbaar veel soorten brouwprocessen, die allemaal uniek te noemen zijn. Dit brouwproces (mouten, koken, gisten, rijpen) is te vergelijken met het vinificatieproces en daarin zijn de verschillen wel degelijk te proeven. Het aantal smaken lijkt eindeloos: zoet, bitter, kruidig of fruitig.

Veel bierbrouwers hebben zich dan ook inmiddels weten te onderscheiden door hele mooie smaaknuances in hun bier te stoppen. Dit wordt bereikt door een extreem nauwkeurige controle tijdens het brouwproces.  In tegenstelling tot de wijnboer is de bierbrouwer veel minder afhankelijk van moeder natuur.

Mag pils wel bier heten

Er denkt toch zeker niemand meer aan het doodgewone pils, als we het over bier hebben? Nee, natuurlijk niet. Gelukkig. Elk weldenkend mens denkt bij bier aan de zgn. speciaalbieren. Blond, bock, stout, trappist, ale, dubbel, triple, tipa, lager, geuze, lambiek, allemaal bier met een specifiek karakter. Zelfs het zuurstokroze, maar o zo populaire Fruitesse, mag zich bier noemen volgens de wet. Goed spul voor de hooggehakte en gel-gelakte barbie’s die, bij gebrek aan kennis en geld, zichzelf voorliegen dat ze aan de Kir Royal zitten te nippen.

Enfin. Bier dus. Het mannetje hier in huis houdt wel van een glaasje speciaal. Voorbeeld: zie hier. Mijn eigen inname blijft beperkt tot twee varianten: het fris-witte, sprankelende Korenwolfje en de fonkelende, lichtjes gesluierde Lindemans kriek. De laatste lijkt een damesachtig biertje, maar wordt gebrouwen op basis van de robuuste lambiek. Hierdoor ontstaat een gevarieerd smakenpalet, dat een perfect evenwicht vindt tussen de zoetheid van het fruit en het zacht-zurige karakter van de lambiek. Heerlijk om te nuttigen op een zonnige dag, als je dorstig op zoek bent naar verkoeling.

Veel meer dan deze twee biertjes is aan mij niet besteed. Ik ben van de wijn. Durf ik er dan, behalve het voorgaande, iets inhoudelijks over te schrijven? Ehhh, nee. Maar ik heb het lekker toch gedaan, zoals jullie zien. Onder het genot van een bitterzoete Aperol.

Bierfles en glas Slot Oostende Dubbel Slot

Het Postkantoor – Goes

Het Postkantoor Goes

Waar vroeger het vertrouwde postkantoor in Goes gehuisvest was, is nu een café restaurant gevestigd. Met de toepasselijke naam Het Postkantoor. Hoe kan het ook anders. De volledige buitenkant, maar gedeeltelijk ook de binnenkant is intact gelaten. En dat is maar goed ook, want, zo stelt de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap: “Het in 1890, in neo-renaissance stijl gebouwd postkantoor is van algemeen belang, vanwege cultuurhistorische waarde en van architectuurhistorische waarde als karakteristieke stijl vertegenwoordiger.” Wij, mensen, dienen zuinig te zijn op monumentaal erfgoed. Met dit “nieuwe” postkantoor ben ik als zodanig dan ook erg gelukkig.

Het Postkantoor

Voor Zeeuwse begrippen ziet het er gelikt uit, daar binnen in grand-café Het Postkantoor te Goes. No doubt about. Ik zie parallellen met Dudok. Een nonchalante look, geroezemoes, grote ruimte, gezelligheid om in weg te duiken.

Onafgewerkt pleisterwerk. De ruimte is in tweeën gedeeld door een immense, glazen vitrinewand, gevuld met allerlei soorten serviesgoed uit grootmoeders tijd. Bloemetjes, bloemetjes en nog meer bloemetjes. I love it.

Er wordt hier overduidelijk gestreefd naar een lounge stijl, opgeleukt door  retro-elementen. Leuke zitjes met oerlelijke bankjes en dito leunstoelen. De nostalgische, stoffen lampenkapjes doen daar nog een schepje bovenop. Meteen bij binnenkomst een lange, houten leestafel met witte kuipstoeltjes.

Eten en drinken kun je hier ook. Allereerst natuurlijk koffie en thee. Met koek/gebak van Van Opdorp, van oudsher de beste banketbakker van Goes e.o.
Voor de grotere trek laat de kaart overduidelijk Italiaanse invloeden zien. Panini & tostini, pizza’s, pasta’s, maar ook smakelijke vis- en vleesgerechten.

Jammer alleen dat er na onze binnenkomst twee jongedames van de bediening vage handelingen staan te verrichten, zonder op te merken dat hun twee nieuwe gasten al minstens vijf minuten zitten rond te kijken. Uiteindelijk wordt het servetten vouwen gelaten voor wat het is en neemt een dame zonder al te veel belangstelling onze bestelling op. Kom op jongens en meisjes, dat moet jeugdiger, dynamischer, met meer spirit kunnen! Een gast wil zich gewaardeerd, maar bovenal welkom voelen en dan doet een glimlach waarmee je tegemoet wordt getreden, vaak wonderen. Alle neuzen dezelfde richting op en de magie van een gastvrij Postkantoor is geboren.

Voor het overige niets dan lof. Doordachte entourage en sfeer. Een uniek gebouw met schitterende elementen. Lekker veel ruimte. Lekkere hapjes en drankjes. Zat Goes op dit Postkantoor met al zijn mogelijkheden niet héél hard te wachten? Vanaf nu kun je terecht op de Grote Markt 14. Om koffie te drinken of een glaasje wijn. Om uitgebreid te eten of gewoon, om lekker lang  en genoeglijk te kunnen relaxen.