Coronamoeheid is even besmettelijk als het virus zelf

Coronamoeheid is even besmettelijk

Tussen alle vrolijke geneugten van het Eetplezier door, voel ik plotseling toch de dringende behoefte om mijn gedachten omtrent het vreselijke virus met jullie te delen. Vanwaar die noodzaak, hoor ik jullie denken. Is het omdat ik de alarmerende berichten in de media lees over de toename van geconstateerde besmettingen? Is het omdat mijn eigen woonplaats “toevallig” geplaagd wordt door een zogenaamde “cluster” van circa 50 jongvolwassenen die positief getest zijn? Of word mijn bezorgdheid opnieuw getriggerd door het aanschouwen van het reislustige, ingeblikte volkje dat bumper aan bumper op de A58 voortschuifelt, richting favoriete kustplaatsen als Zoutelande en Domburg? Alwaar men, volgens de regionale media,  zogeheten corona-coaches in gaat zetten om de grote stroom vakantiegangers enigszins te reguleren.

Want ja, het gros van de mensen is corona-moe is en begint de anderhalve meter duidelijk zichtbaar aan hun laars te lappen. Ik bespeur zelf ook dat velen om mij heen niet erg bereidwillig meer zijn om offers te brengen ten bate van het collectief. Tijdens mijn dagelijkse portie buitenlucht zoeft en raast het overgrote deel me op korte afstand voorbij. Vóór, achter, opzij, ik kom soms ogen tekort, alleen omdat anderen de anderhalve meter niet langer willen respecteren. Men kruipt als vanzelf weer terug in zijn eigen veilige, individualistische bubbel en de meeste mensen doen weer wat ze gewend waren te doen. Ogenschijnlijk zorgeloos. Samen strijden tegen corona? Kom op zeg, het ergste is toch allang achter de rug? We hebben braaf geapplaudiseerd voor het zorgpersoneel, we hebben eindeloos geluisterd naar de angstwekkende doemscenario’s van de heren Kuipers en Gommers, de IC’s laten geruststellende cijfers zien, dus na ruim vier maanden is het wel goed geweest.

“Coronamoeheid is even besmettelijk als het virus zelf” verder lezen

De Rode Draad

Het rood van aardbeien

Het is vandaag rood, rood en nog meer rood. Deze dag kent de rode draad. Al vroeg in de morgen staat er een alleraardigst koeriermeisje voor mijn deur. In haar hand een doosje gekoelde aardbeien. Sweet Eve, een nieuw ontwikkelde vrucht die zich moet onderscheiden van haar soortgenoten. Geteeld op smaak. Volzoet en aromatisch zijn ze, volgens de meegeleverde folder.

Nu ben ik geen professor in de Aardbeikunde. Gewoonlijk vertrouw ik simpelweg op mijn trouwe smaakpapilletjes. Ooit ben ik een loyaliteitsverdrag met deze bondgenoten aangegaan. Zolang zij geen juichende of uitbundige signalen in mijn mondholte afvuren, blijf ik wie ik ben. Een verdraaid kritische consument. En tot mijn spijt moet ik jullie vertellen dat de termen volzoet en aromatisch ook bij deze rooie nieuweling niet worden waargemaakt. Deceptie alom.

Er blijken in deze moderne tijd geen aardbei meer geteeld te kunnen worden die dezelfde smaaksensatie teweeg brengt als die van pakweg 25 jaar geleden. Op ons postzegelformaat moestuintje van weleer, plukten we de heerlijkste vruchten, waaronder bessen, bramen en frambozen. En tevens waanzinnig smakelijke zomerkoninkjes. Corona heetten ze. Of Senga Sengana. Vol overgave lagen ze daar, op hun bedjes van stro, te soezen in de zon tot ze volgroeid genoeg waren om geplukt te worden. Dat deden we met zachte hand. Want o, wat waren ze fragiel en sappig deze beitjes. Met het verrukkelijke aroma van échte aardbeien.

Natuurlijk weet ik dat deze corona niet voldoet aan de huidige eisen van de producent. Ze zijn slechts beperkt houdbaar en dus niet rendabel. Tussen producent en consument ligt al snel een logistiek traject van drie à vier dagen. En tja, dan zijn die superzachte corona’s natuurlijk allang tot moes verworden. Maar er is meer aan de hand. De meeste fruitsoorten hebben volle grond nodig. Waarom? Een goede bodemsamenstelling bevat mineralen die middels de sapstroom in het fruit terecht komen. Hierdoor krijgt elke vrucht “terroir”, ofwel je proeft overduidelijk de bodem erin terug. Het is eigenlijk zo’n beetje hetzelfde als met bepaalde soorten wijn of kaas: je bent er een liefhebber van of niet. In ieder geval is het een onmiskenbaar onderdeel van de kwaliteIt.

Een tiental minuten internet-speurwerk leverde het volgende resultaat op. “De Sweet Eve aardbeien worden op een substraat in de buitenlucht geteeld. Hierdoor kunnen ze gedurende het Nederlandse seizoen langer en constanter worden aangeleverd dan de aardbeien van de volle grond.”
Goed, ik weet voldoende. Het is het zoveelste product dat in de markt gezet wordt middels een grootscheepse marketingcampagne. Leuk bedacht, maar het heeft een verhullend effect op de uiteindelijke smaak. En die smaak … was dat nu eigenlijk niet de essentie van het hele verhaal? Jezelf als producent onderscheiden doe je niet door een strakke promotie, een innovatieve verpakking of een leuk naampje. Hoe vaak moet het nog gezegd worden? Het is slechts de smáák die blijft hangen. Niet meer. Niet minder. Ho effe, *steekt beide handen in de lucht* don’t shoot the messenger.

Gelukkig was er nog meer rood vandaag. Honingzoete, biologische cherrytomaatjes van kwekerij Zuidbos in Noordgouwe. Hoewel ik de truc van het drogen al een flink aantal keren had toegepast, moet ik toegeven dat het geheugen van een mens soms gelijk staat aan een emmer met een gat erin. Van boven komen er telkens nieuwe dingen bij en aan de onderkant loopt het er in een gestaag tempo weer uit. Dank dus aan Tessa van I am cooking with love voor de reminder. Dankzij haar heb ik opnieuw een fikse pot homemade gedroogde tomaatjes in mijn fridge.