Gevulde tortillarolletjes met tomatensaus

Gevulde tortillarolletjes

Nou, dat had ik even goed ingeschat, zeg! Gerechten met tomatensaus zijn per definitie, althans vastgelegd door een niet-zo-perfecte camera die bediend wordt door mijn onhandige handjes, nooit fotogeniek te noemen. Ik had er al eerder mee te maken gehad. Keer op keer werd het een afschuwwekkend plaatje. En dat is wel het laatste dat een fatsoenlijk vrouwmens wil op heur blog: afkeer opwekken. Dus wist ik dit keer het onheil te vermijden door tevoren een foto te nemen van de ingrediënten. Een keurig stilleven van groen, oranje, rood en wit. Mooi, dat was alvast geregeld.

Gevulde tortillarolletjes met tomatensaus

Het assembleren van zo’n fantasiegerecht vergt verder ook niet veel culinaire kennis. Je maakt allereerst een smakelijk tomatensausje, zoals hier bijvoorbeeld. Of je pakt een blik van de beste tomaten die je kunt vinden (ik gebruik daarvoor de San Marzano), bakt wat uien en knoflook en laat dit inkoken tot een smakelijk geheel. Daarna bak je de groenten met kruiden naar keuze en vervolgens komt het meest lollige onderdeel van dit recept: het oprollen van de tortilla’s. Daarvoor leg je een ferme eetlepel van de groenten in het midden, om daarna de tortilla zo strak mogelijk op te rollen en naast elkaar in een ingevette ovenschaal te leggen. Dergelijke bezigheden doe je niet dagelijks, dus houd vol ….. Na de vierde voelen je vingers aan hoe het moet, dus doe je de eerste vier even opnieuw en eindig je met de quasi-nonchalante vaardigheid van een ervaren tortillaroller.

Strooi er dan een laag geraspte kaas over. Schenk nu de tomatensaus erover. Let op: de tortilla’s moeten onder staan. Strooi er vervolgens nog een laagje kaas over voor een gebruind resultaat.  Dit recept is gebaseerd op een pakje mini-tortilla’s. Voor de grotere versie zul je dus meer groenten en saus nodig hebben. O ja, en voor wie het vlees mist: bak gerust wat gehakt rul en voeg dit door het groentenmengsel. Niks mis mee, zolang je maar vlees kiest dat een beter dierenleven achter de rug heeft.

Ingrediënten (2 personen)
2 uien, gesnipperd
prei, in fijne ringetjes gesneden
1/2 wortel, in kleine blokjes
courgette, in kleine blokjes
paprika, in kleine blokjes
champignons,
blik tomaten
pakje tortilla’s
geraspte kaas

Bereidingswijze:
Verwarm de oven voor op 180 graden.  Zie bovenstaande tips voor de bereiding. Zet de schotel circa 30 -35 minuten in de oven.

Ui, courgette, wortel, champignons, wortel, tortillavellen

Lunchgerechtje met eieren, bonen, tomaat en champignons

Lunchgerechtje met eieren

Als onvervalste Engelsman typeert Jamie Oliver dit lunchgerechtje met eieren, bonen, tomaat en champignons als “eenpansontbijtje”. Hoewel ik een half jaar geleden het ontbijt en de heilzame werking ervan heb herontdekt, gaat het me toch net iets te ver om in alle vroegte gebakken tomaten en bonen naar binnen te schuiven. Er zijn dingen in het leven die je beter niet kunt proberen.

Ben je zelf wel zo’n diehard? Be my guest. Eet dit wanneer jij wilt. Gelukkig zijn er geen regels die bepalen wanneer iets gegeten mag worden.

Lunchgerechtje met eieren, bonen, tomaat en champignons

Ingrediënten
olijfolie
2 rijpe tomaten, of 12 kerstomaatjes gehalveerd
8 kastanjechampignons
2 eieren
100 gr zwarte bonen (voorgekookt of blik/zak)
worcestersaus
2 eetl hüttenkäse
tabasco of shiraca saus

Bereidingswijze:
Zet een koekenpan  met 2 theel olie op het vuur.
Snijd de tomaten doormidden en leg ze op de snijkant in de pan.
Snijd de steeltjes en het onderste randje van de champignons en leg ze met de onderkant kant naar beneden in de pan.

Bak de tomaten en de champignons in 6 à 7 minuten, terwijl je ze regelmatig verschuift. Keer ze pas om als ze goudbruin zijn.

Draai het vuur laag, breek de eieren in de pan en kantel de pan om het eiwit over het hele oppervlak uit te laten vloeien.

Laat de boontjes uitlekken, hussel er vlug een scheutje worcestersaus door en verdeel ze over de pan.

Strooi er peper en een snufje zeezout over, leg een deksel of een stuk aluminiumfolie op de pan en laat de eieren circa 2 à 5 minuten bakken tot ze naar wens zijn. Voor mij mag het best wat stevig zijn.

Schep er kloddertjes hüttenkäse over en maak het gerechtje af met enkele druppeltjes Tobasco of andere pepersaus.

Jamie serveert er reepjes tortilla bij, maar ik geef de voorkeur aan een dikke snee grof desembrood. Een voedzaam, edoch smakelijk gerechtje voor als je even geen trek hebt in een gewoon broodje kaas.

Bron: Superfood – Jamie Oliver (aangepast)

Lunchgerechtje van gebakken tomaten, zwarte bonen, champignons en ei in een koekenpan
Gebakken tomaten, zwarte bonen en champignons met ei

Zalmfilet met roomsaus en tagliatelle van courgette

Zalmfilet met roomsaus

Vandaag alleen een recept. Zalmfilet met roomsaus en zogenaamde courgetti (=spaghetti van courgette). Smakelijk ende gezond! Normaliter ben ik geen groot fan van moderne dingen, zoals deze “courgettini”, maar ik dien een flinke meid te zijn en met de tijd mee te gaan. Heden ten dage ligt dit sliertjesspul al in verschillende variaties in het koelvak van de supermarkt. Tssss  ……. *schudt hoofd*

Zalmfilet met roomsaus en tagliatelle van courgette

Ingrediënten (voor 2 personen):
2 eetl boter
150 gr champignons, in plakjes gesneden
2 courgettes
2 sjalotjes, gesnipperd
200 ml droge, witte wijn (een niet te vette Chardonnay of een sauvignon blanc)
200 ml visbouillon (mag ook van een tablet)
400 gr zalmfilet
125 ml room
verse dille, fijngehakt
zout/versgemalen peper

Bereidingswijze:
Schil de courgettes. Schaaf ze daarna met een mandoline in dunne plakken. Leg deze plakken voorzichtig op elkaar en snijd deze in smalle repen. Houd apart.

Verwarm de boter in een grote pan en fruit de sjalotjes op laag vuur aan.
Voeg nu de champignons toe en bak op hoog vuur al omscheppend bruin.
Nu kan de wijn en de bouillon erbij. Laat alles op hoog vuur tot de helft inkoken.

Bestrooi de zalmfilet met peper en zout en pocheer ze in de ingekookte bouillon.
Pocheren = tegen de kook houden. Afhankelijk van de dikte van de vis zal dit zo’n 10 à 12 minuten in beslag nemen.
Als de vis gaar is, schep je ze uit de pan en houd ze afgedekt met alufolie even warm.

Voeg de room toe aan de saus en laat dit een paar minuten inkoken tot de saus iets dikker wordt. Breng evt verder op smaak met zout en peper.
Leg de zalmfilet weer terug in de pan, maar zet het vuur laag.

Blancheer nu de courgettelinten. Een klein minuutje in kokend water is meer dan genoeg. Laat uitlekken in een vergiet.

Schep de courgette in een schaal, leg de zalm erop en lepel er wat van de roomsaus over. Bestrooi rijkelijk met verse dille.

Tijdverspilling

Tijdverspilling

Zomaar een morgen eind januari 2014. Een dag die ik anders wil invullen dan alle voorgaande dagen. Even geen gefröbel in de keuken, alle boeken uit het zicht, laptops aan de kant. Als ik om 08.15 uur aan mijn crackertje kaas zit, leg ik mijn kleumende handen om een grote kop loeihete thee. Aaipetje ligt uitnodigend naar me te loeren maar ik ben flink en denk na over mijn opdracht voor die dag. Tijdverspilling is des duivels oorkussen.

Na drie happen moet ik vaststellen dat het begrip “zinvol” niet gebaat is bij te lang nadenken. Dóen moet ik. Niet denken, maar handelen. Automatisch schuifel ik de keuken in en open de koelkast. O ja, da’s waar ook, er ligt nog een berg kervel …. En dragon … . Best lekker samen met paddenstoelen, fantaseer ik.

Iemand begint heel hard Valkuil! te roepen in mijn hoofd. Enigszins beduusd schakel ik over op de automatische piloot en voer een aantal dagelijks terugkerende handelingen uit. Wasje erin, bedje recht, wasje eruit, stofjes zuigen.

Het brein dreutelt voort. Zal ik vriendin bellen om een museum te bezoeken? Zal ik mijn potloden weer eens uit de kast halen om te gaan tekenen? Moet ik eigenlijk niet hoognodig op zoek naar nieuw sanitair? Naar verse planten? En die afschuwwekkende blauwe envelop, kan ik daar op voorhand niet wat aandacht aan besteden?

Er begint iets te dagen. Het is dinsdag. Fysio wacht. En was dat niet morgen dat ik een familielid wilde bezoeken die onlangs is verhuisd naar een verzorgingstehuis? Jawel, Nijssen. Maar als ik dan tegen half zeven thuis kom, heb ik toch niets te eten in huis? Help, ik moet boodschappen doen! Etenswaar. Bloemetje. Opeens krijg ik het razend druk.

Tijdverspilling

De klok is al naar half twee gesprongen als ik thuis kom. Mijn tas herbergt fijne lapjes varkens- en rundvlees. Om zelf gehakt van te draaien! Sinds ik het daarvoor bestemde hulpstuk op de Kitchenaid ontdekt heb, zal ik nooit – ik herhaal: nooit – meer gehakt bij de slager halen. De keren dat ik dan als langzaam afkickende carnivoor door het leven wil, wil ik wel een beetje fatsoenlijk eten.

Vlees door zo’n elektrische molen duwen, is het probleem niet. Het geheel weer optimaal bacterievrij opbergen is een geheel ander verhaal. Goed, na ook deze klus geklaard te hebben, volgt het draaien en braden van de balletjes. Vier grote voor twee avondmaaltijden, dertig kleinere voor in de soep. Het watertje met kruiden staat al lustig naast me te dampen; een pannetje met bruisend roomboter ernaast.
Ik voel een zweetdruppeltje verschijnen. Tersluiks kijk ik eens op mijn nummerloze klok. Huh? Kwart over drie? Théééééé!

Terwijl alles staat te borrelen en te braden, krijg ik een ingeving. Die dragon zou best eens lekker kunnen smaken in een ragoutje. En als ik dan morgen na de soep eens een bladerdeegbakje maak …….

Vóór ik het weet, sta ik twee doosjes champignons van hun overtollige vuil te ontdoen. Hak, hak, hak. Bak, bak, bak. Roer, roer, roer. Wat een voltreffer, deze combi van dragon met paddenstoelen en een drupje cognac. Morgen na de soep een fijne variatie op het beroemde Koninginnehapje. Mission accomplished. Of wacht …. Nee. O jee. De bloemkool voor vanavond. En de aardappeltjes moeten nog uit hun jasje. Snijd. Schil. Was.

Plotseling voel ik een dringend tekort aan serotonine zich aandienen. Dat klopt aardig met het tijdstip. Vijf uur. Winetime. Ik verzoek mijn HuisProgrammeur zich los te weken uit zijn algoritme en een lekker flesje wit te openen. Marlborough, Nw. Zealand, Brancott Estate. Lekker! Geurt naar rijpe abrikoosjes en nog wat.

Man en ik keuvelen ons verder de dag door. Nuttigen een oer-Hollandse maaltijd met Spaanse bloemkool. Constateren beiden dat mijn eigenhandig gedraaide gehaktballetjes de smaak van vroeger herbergt. Waarna we een overrijpe mango soldaat maken, zodat het sap zich druppelend langs onze kin een weg naar beneden baant.

Man schuift daarna achter de laptop om een ontbrekend stukje toe te voegen aan een digitaal presenteerschaaltje en ik moet nodig een stukje schrijven. Over verloren uren die gevuld worden met … Ja, met wat eigenlijk?

Zomaar een avond eind januari 2014. Een dag die ik anders had willen invullen dan alle voorgaande dagen. Een dag die misschien verloren was geweest, als ik niet van al mijn keukenklusjes had genoten.

Spaanse aardappelsoep

Spaanse aardappelsoep

Sorry. Ik heb jullie gisteren aan het schrikken gemaakt, geloof ik. Van diverse kanten kreeg ik verontruste tweets, mailtjes en reacties op mijn blog. Waarschijnlijk dachten jullie dat mijn laatste uur geslagen was. Of zoiets. Nou ja, na herlezing kan ik me daar ook wel iets bij voorstellen. Nogmaals sorry.

Eigenlijk was ik gisteren helemaal niet somber, maar juist erg vrolijk. En een foodblog is een foodblog, daar verwacht je geen surrealistische onthullingen vol treurnis op.  Allemaal waar. Maar dit is de virtuele wereld, hè? Niets is wat het is; alles is wat het lijkt. Ook waar, toch?

Zoals altijd ligt de waarheid ergens in het midden. Ooit schreef ik de voorgaande blog als inzending voor een schrijfwedstrijd. En met de gedachte: beter een curieus blog, dan een leeg blog, publiceerde ik gisteren het bewuste artikel. Nooit verwacht hebbende dat ik daarmee zoveel mensen op het verkeerde been zou zetten. Excuus.
Zo, drie keer is wel genoeg, denk ik. Ter zake. Over naar de Spaanse aardappelsoep.

Deze dikke, voedzame soep is ooit ergens vandaan gekomen, vraag me niet waar vandaan, en een leuke variatie op alle soorten maaltijdsoepen. Het is beslist een andere smaak als de pompoensoep die in deze tijd van het jaar zo favoriet is.
De chorizo is optioneel. Eigenlijk kan deze Spaanse aardappelsoep niet zonder deze pittige worst, hoewel ik dit keer toch gekozen heb voor de vegetarische versie. Dat was geen vastomlijnd plan, maar werd geboren uit tijdnood. (Chorizo is in huize Eetplezier geen standaard ingrediënt in de provisiekast).

Spaanse aardappelsoep

Ingrediënten:
2 eetl. olie
500 gr aardappelen, in blokjes
2 preien, in ringen
2 teentjes knoflook, fijngehakt
5 dl kippenbouillon
1 bouquet garni (tijm, laurier, peterseliestelen)
150 gr. kastanjechampignons, in vieren gesneden
200 gr knolselderij, in blokjes
3 dl melk
chorizoworst naar smaak
peper

Bereidingswijze:
Verhit de olie en bak hierin de prei en knoflook zachtjes.
Voeg de aardappel, bouillon, bouquet garni en peper toe en breng alles aan de kook. Laat circa 30 minuten koken.
Verwijder daarna het bouquet garni.

Bak intussen de champignons op hoog vuur.
Pureer de soep en schenk hem door een zeef.
Breng de soep opnieuw aan de kook.
Kook de soep nog 10 minuten.
Voeg nu de knolselderijblokjes en de melk toe.
Roer er, naar smaak, zoveel chorizo door als je zelf wilt tezamen met de champignons.
Breng op smaak met zout en peper.

Spaanse aardappelsoep

Boeuf Bourguignon

Het voorgerecht tijdens mijn stressvrije etentje van afgelopen weekend bestond uit een – o, wat een gemak – anti-pastischotel. Daarop huisgemaakte guacamole, goede kwaliteit chorizo, parmaham, in de oven gedroogde trostomaatjes, in rozemarijn en citroenolie gemarineerde buffelmozzarella, kalamata olijven en baba ganoush.

Voor het hoofdgerecht heb ik de dag ervoor alle tijd genomen. Speciaal voor dit gerecht komt hiervoor mijn alleroudste kookboek uit de kast, t.w. De regionale keuken van Frankrijk, een boek van authentieke Franse recepten. Er zit zo’n rood-satijnen lintje in dit schitterende boek en dat bevind zich standaard bij deze veelvuldig gemaakte Boeuf Bourguignon.

Het lijkt een ingewikkeld recept, maar als je de tijd ervoor om het goed door te lezen, valt het alles mee. Jammer dat het me helaas niet helemaal duidelijk is waarom er een jonge bourgogne in wordt geadviseerd. Ik kies er altijd een oudere bourgogne of een Côtes du Rhône voor, omdat het de smaak verdiept.

Er zijn maar weinig gerechten zo bekend en tegelijk vaak zo slecht gemaakt als boeuf bourguignon. Er is rundvlees van een ouder beest voor nodig (Bourgondiërs prefereren Charolais), met veel bindweefsel dat gedurende de bereiding oplost en zorgt voor een volle saus.

Aan te bevelen zijn doorregen runderlappen of sukadelappen. Een pittige rode wijn, zoals beaujolais of een jonge bourgogne geeft het gerecht pit. Boeuf bourguignon moet beslist langzaam bereid worden, altijd op een laag pitje, zo nodig 3 à 4 uur. Het vlees moet gaar zijn, maar niet uit elkaar vallen. Vroeger werd het vlees vaak aan één stuk bereid en niet, zoals nu, in stukken gesneden.

Vaak worden de croûtes weggelaten (doe ik ook) en wordt het vlees opgediend met gekookte aardappelen (bij mij een aardappelgratin). De smaken van dit gerecht komen nog meer tot hun recht als het ten minste een dag van tevoren (leve het stressvrije leven) wordt gemaakt.

Boeuf Bourguignon

Ingrediënten: (voor 4 personen)
750 – 1 kg rundvlees, in grote dobbelstenen (ik gebruikte riblappen)
0,6 dl olie
1,25 dl rode wijn, bij voorkeur bourgogne
25 gr bloem
2,5 dl bouillon
zout en peper
mespuntje suiker (niet noodzakelijk)
4 croûtes, gebakken in een olie-botermengsel (ook niet noodzakelijk)
1 eetl gehakte peterselie

voor de marinade:
7,5 dl rode wijn, bij voorkeur bourgogne
1 ui, in ringen gesneden
1. wortel, in schijfjes gesneden
bouquet garno
1 teentje knoflook, fijngehakte
6 zwarte peperkorrels
2 kruidnagels
mespuntje zout
2 eet olie

voor het garnituur:
250 gr ontbijtspek, in reepjes gesneden
16 à 20 kleine uitjes (ik gebruikte sjalotjes)
250 gr champignons

Bereidingswijze:
Het is niet noodzakelijk het vlees te marineren, maar toch hebt u de ingrediënten voor de marinade nodig.
Doe het vlees, als u het wel wilt marineren, in een schaal (niet van aluminium), giet de wijn erover en voeg de marinade-ingrediënten toe, waarbij u de olie als laatste over het vlees giet.

Laat het geheel een dag op kamertemperatuur staan, waarbij u het 3 of 4 keer omroert en zet het 2 dagen in de koelkast.

Laat het vlees uitlekken en bewaar de marinade; bewaar de ui en wortel apart.
Maak  de stukken vlees zorgvuldig droog met keukenpapier.

Blancheer het ontbijtspek als het erg zout is.
Verhit in een koekenpan met dikke bodem de helft van de olie en laat de stukken vlees aan alle kanten bruin worden.

Leg ze terzijde en doe hetzelfde met het garnituur: doe de spekjes in de koekenpan en bak ze op een tamelijk hoog vuur bruin, maar niet knapperig.
Neem het ontbijtspek eruit, doe de uitjes erin en laat deze ook bruin worden.
Haal dan de uitjes uit de pan, doe de champignons erin en bak lichtbruin.
Leg de ingrediënten voor het garnituur terzijde.
Giet het overtollige vet uit de pan en voeg de wijn toe.
Breng deze aan de kook en roer de aanbaksels in de pan los zodat ze in de wijn oplossen.

Verhit de rest van de olie in een braadpan met dikke bodem, doe de apart gelegde ui en wortel uit de marinade erin en bak ze onder af en toe roeren langzaam gaar maar niet bruin.

Voeg de bloem toe en bak dit mengsel al roerend mooi bruin, maar pas op dat het niet verbrandt!
Roer de rest van de marinade-ingrediënten, de wijn uit de koekenpan, de bouillon en peper en zout erdoor.
Doe het vlees terug in de pan en breng alles aan de kook.
Leg een goed sluitend deksel op de pan en laat het geheel op het fornuis of in een matig-hete oven (150°) 3 à 4 uur zachtjes sudderen. Roer af en toe.

Leg het vlees, als het gaar is, in een andere braadpan, zeef de saus en giet hem over het vlees.
Roer het garnituur van ontbijtspek, ui en champignons erdoor en laat alles nog zachtjes 15 minuten sudderen, totdat de uitjes gaar zijn en de smaken zich goed vermengd hebben.
Proef de saus en breng hem op smaak; voeg eventueel een mespuntje suiker toe, als tegenwicht voor het zuur van de wijn.
Serveer het gerecht in een ondiepe schaal met eventueel de croûtes langs de  rand.
Bestrooi het vlees met de gehakte peterselie.

Bron: De Regionale keuken van Frankrijk – Anne Willan

Boeuf bourguignon