Cheverny rosé Domaine Sauger 2017

Cheverny rosé Domaine Sauger

Ben ik er toch weer ingetrapt! Hoewel ik eigenlijk nooit rosé’s koop meer dan één jaar oud, kon deze wijn uit de Loire met gemak drie jaar liggen, zegt de wijn verkopende heer met een overvloed aan overtuiging in zijn stem. Klassewijnen kunnen heel wat hebben, orakelt hij voorts, als ik de fles nog eens minzaam bestudeer. Maar goed, deze Cheverny rosé Domaine Sauger 2017 is in de aanbieding, de zon schijnt uitbundig en ik heb een lang, gezellig weekend in gedachten met vriendinnen die allemaal, net als ik, dol zijn op een glas koele rosé. Een mens kan bijna niet zonder als de zon schijnt 😁.

“Cheverny rosé Domaine Sauger 2017” verder lezen

Wijnkennis getest en de bedroevende uitslag

Wijnkennis

Tijdens het opruimen van de boekenkast kom ik een boekje tegen van Hubrecht Duijker: test je wijnkennis. Waarschijnlijk heb ik het boekje van deze all-round wijnkenner destijds aangeschaft om mijn toenmalige kennis van wijnen op de proef te stellen; feit is dat ik me niet kan herinneren er ooit iets mee gedaan te hebben. Inmiddels zijn we heel wat jaartjes verder en zou, als alles goed is, mijn huidige kennis van zaken omtrent wijn, enigszins toegenomen moeten zijn. 

Ik heb alle tests die in het boekje voorkomen, gemaakt. Goed nagedacht, soms getwijfeld, maar meestal zeker van mijn zaak. Mijn scores op het gebied “wijntermen” waren prima, maar op het terrein van “kenmerkende druiven” en “geuren en smaken” scoorde ik soms best bedroevend laag. Da’s dan opeens nog best lastig om een zekere mate van zelfingenomenheid te moeten laten varen 😬 “Wijnkennis getest en de bedroevende uitslag” verder lezen

Wijnproeverij Biedebolle Goes

wijnproeverij

Sinds enkele maanden heeft Goes er een ruim gesorteerde slijterij bij. Biedebolle aan de Dam. Aan het roer een eigenaar die alles weet te vertellen over whisk(e)y’s en van dit geurige distillaat ook een bijzonder gevarieerd assortiment op de schappen heeft staan. Van eenvoudige tot de meest exclusieve soorten. Elke whiskyliefhebber kan alleen maar dromen van deze immense verzameling flessen en zal hier zijn hart kunnen ophalen.

Datzelfde geldt voor bierliefhebbers. Achterin de zaak worden enkele wanden volledig gedomineerd door dit gerstenat in flesjes. Speciaalbier welteverstaan, van een lichte triple tot een donkere stout en van een porter tot een IPA. Alle bierproducerende landen lijken aanwezig te zijn tussen de bonte verzameling flessen. “Wijnproeverij Biedebolle Goes” verder lezen

Slot Oostende bier

Bierfles en glas Slot Oostende Dubbel Slot

In mijn woonplaats verrijst zeer binnenkort een heuse bierbrouwerij: Slot Oostende. De brouwketels en de vergisting tanks zullen prominent opgesteld staan, alleen de bottelarij wordt elders gevestigd. Slot Oostende wordt als het oudste gebouw van Goes beschouwd. Aangenomen wordt dat in de vroegste jaren van het slot al bier werd gebrouwen. Die traditie wordt nu dus op korte termijn voortgezet! De archeologische opgravingen in en rond het slot zijn momenteel in volle gang, waardoor het perceel er nog “open en bloot” bij ligt. Er zijn nog bergen werk te verzetten, maar als alles mee zit staat er aan het einde van 2016, op het meest historische plekje van Goes een bruisende ontmoetingsplek: het nieuwe Slot Oostende.

Slot Oostende

Jens van Stee fungeert als brouwer van het geestrijke vocht dat ter plekke gaat stromen. Op voorhand heeft hij wat lichtere biertjes in de markt gezet, die makkelijk doordrinkbaar zijn en zullen dienen als huisbieren van het Slot. Onder de welluidende naam Blonde Jacoba (een naam die verwijst naar één van de eerste bewoonsters van Slot Oostende, Jacoba van Beieren) brouwde hij in de ketels van de Amsterdamse brouwerij Troost vierduizend liter van dit blonde gerstenat. Daarnaast werd Wit Voetje (een lichte Weizen), Gouden Gans (een uitgesproken tripel) en een Dubbel Slot (een ‘stoute’ dubbel) geproduceerd. Inmiddels zijn al deze biertjes bij veel Zeeuwse cafés en slijters verkrijgbaar.

Bier is uitermate hip. Zo hip dat bier zelfs het obligate glaasje wijn van zijn voetstuk aan het stoten is. Want ook bij luxere gerechten wordt tegenwoordig steeds vaker gekozen voor beer-pairing. En ik geloof erin, ben er zelfs min of meer van overtuigd dat er goddelijke combinaties te bedenken zijn met het moderne gerstenat.

Hoewel bier ontegenzeglijk het “terroir” van wijn zal ontberen (niemand gelooft toch zeker dat men kan proeven op welke gronden of in welk microklimaat het graan is verbouwd?), bestaan er inmiddels wel ontelbaar veel soorten brouwprocessen, die allemaal uniek te noemen zijn. Dit brouwproces (mouten, koken, gisten, rijpen) is te vergelijken met het vinificatieproces en daarin zijn de verschillen wel degelijk te proeven. Het aantal smaken lijkt eindeloos: zoet, bitter, kruidig of fruitig.

Veel bierbrouwers hebben zich dan ook inmiddels weten te onderscheiden door hele mooie smaaknuances in hun bier te stoppen. Dit wordt bereikt door een extreem nauwkeurige controle tijdens het brouwproces.  In tegenstelling tot de wijnboer is de bierbrouwer veel minder afhankelijk van moeder natuur.

Mag pils wel bier heten

Er denkt toch zeker niemand meer aan het doodgewone pils, als we het over bier hebben? Nee, natuurlijk niet. Gelukkig. Elk weldenkend mens denkt bij bier aan de zgn. speciaalbieren. Blond, bock, stout, trappist, ale, dubbel, triple, tipa, lager, geuze, lambiek, allemaal bier met een specifiek karakter. Zelfs het zuurstokroze, maar o zo populaire Fruitesse, mag zich bier noemen volgens de wet. Goed spul voor de hooggehakte en gel-gelakte barbie’s die, bij gebrek aan kennis en geld, zichzelf voorliegen dat ze aan de Kir Royal zitten te nippen.

Enfin. Bier dus. Het mannetje hier in huis houdt wel van een glaasje speciaal. Voorbeeld: zie hier. Mijn eigen inname blijft beperkt tot twee varianten: het fris-witte, sprankelende Korenwolfje en de fonkelende, lichtjes gesluierde Lindemans kriek. De laatste lijkt een damesachtig biertje, maar wordt gebrouwen op basis van de robuuste lambiek. Hierdoor ontstaat een gevarieerd smakenpalet, dat een perfect evenwicht vindt tussen de zoetheid van het fruit en het zacht-zurige karakter van de lambiek. Heerlijk om te nuttigen op een zonnige dag, als je dorstig op zoek bent naar verkoeling.

Veel meer dan deze twee biertjes is aan mij niet besteed. Ik ben van de wijn. Durf ik er dan, behalve het voorgaande, iets inhoudelijks over te schrijven? Ehhh, nee. Maar ik heb het lekker toch gedaan, zoals jullie zien. Onder het genot van een bitterzoete Aperol.

Bierfles en glas Slot Oostende Dubbel Slot

Gin en Tonic revival

Glas gin en tonic met appelschijfje en fles Caorunn gin

Tis een hype. Gin en tonic. Iedereen kent het. Iedereen wil het. Want niemand wil achterblijven. Zoals Pisang Ambon in de 80’er jaren ook héél gewoon was om te drinken. Niks bijzonders. Wij dronken het met z’n allen als limonade.  Als je dit mierzoete, gifgroene spulletje echter anno 2015 nog in je glas durft te hebben ben je ofwel van de pad geraakt ofwel voor eeuwig vast blijven plakken in je met visnetten en druipkaarsen gelardeerde retro-herinneringen.

Enfin, gin-tonic dus. Deze mevrouw had er al te veel en te vaak loftuitingen over gehoord. Ja, ik weet het mensen, deze gin-tonic revival speelt al weer een tijdje, maar ik verschuil mij graag achter Zeelands veilige zeewering. Daar is geen plaats voor hippe flauwekul. Daar moet gewaakt en gewerkt worden.

Nu weten mijn gewaardeerde lezers waarschijnlijk ook dat ik een fervent wijndrinker ben, maar misschien weten ze nog niet dat ik beslist geen liefhebber ben van mengsels die meer dan 25% alcohol bevatten. Een miniglaasje Grand Marnier of Drambuie als digestief gaat nog net, daarna houdt het echt op. Zou ik hierin te ver gaan dan komen er kwade geesten in mij naar boven en dat is iets wat mijn omgeving bepaald niet weet te appreciëren.

Om in de flow van de hype mee te kunnen zeilen, moest ik dus allereerst een denkomslag zien te maken. Dat ging vrij simpel. Gin is weliswaar een sterk goedje, maar – zo suste ik mijn geweten – het wordt gemixt, dus lijkt het alcoholpercentage plots heel wat minder. Bovendien zou ik de alom gehanteerde verhouding 1:4, heel gemakkelijk kunnen wijzigen in 1:5. Of zelfs naar 1:6. Dat scheelt meteen weer een ferme slok op de spreekwoordelijke borrel.

Gin en tonic

Ook al had ik geen flauw benul hoe gin zou smaken, laat staan gemengd met tonic, inmiddels had ik van veel kanten vernomen dat je er allerlei smaakmakers in kunt kieperen, zoals citroenschilletjes, komkommerplakjes, jeneverbessen of kardemompeulen. Complete botanische tuinen kun je er in kwijt, dus voor mijn smaak zou er vast een passende creatie te bedenken zijn. Dat laatste was genoeg om de doorslag te geven. Jufje Eetplezier ging om gin. En om tonic.

Daar had ik een slijter voor nodig. Een goeie. Met verstand van zaken en heul veul flessen met allerhande alcoholische lekkernijen onder de kurk. In het uiterste zuiden van Zeeland zit zo iemand. Petra de Boevere, bekend van haar boeken “Het meisje van de slijterij” en “Durf te doen”, runt in Sluis slijterij De Vuurtoren waar je met gemak een dag in kunt doorbrengen. Zoveel is er te bekijken. Petra is een onderneemster in hart en nieren, weet als geen ander met (toekomstige) klanten om te gaan, heeft een sterk gevoel voor horizonverbreding en is ook nog eens meester-vinoloog.

Met enige regelmaat zet ze nieuwe producten in de markt. De nu al beruchte Zeeuwierjenever is daar een mooi voorbeeld van. Regelmatig rijden mensen honderden kilometers heen en terug om de Zeeuwse slijterij nu eens in het echt te bezoeken. Gelukkig woon ik al in Zeeland, dus was het slechts een klein endje rijden voor me. Sinds de komst van de Westerscheldetunnel is ook Zeeuws-Vlaanderen voor iedereen gemakkelijk bereikbaar.

In Sluis was het druk. Erg druk, zo werd mij later uitgelegd, omdat het geen strandweer was. Met temperaturen rond de 14 graden blijkt Sluis met zijn vele winkeltjes en eetgelegenheden een grote aantrekkingskracht uit te oefenen.

Proeverij

Van Petra mocht ik verschillende gins proeven. Gin is een sterke drank, verkregen door distillatie van een vergist graan, waaraan tijdens het distillatieproces kruiden en specerijen zijn toegevoegd. Sommige hadden dan ook een duidelijke citrussmaak, bij andere overheerste echt de smaak van jeneverbes. Uiteindelijk kwam ik uit op de van oorsprong Schotse Caorunn, een gin waarbij ik hinten van appel meende te proeven.
Lekker fris, vonden zowel G. als ik. Een juiste tonic, zoals Fever Tree of Fentimans, zorgt voor een ultieme mix van smaken.

Na de proeverij snuffelde ik uitgebreid door de grote collectie wijnen. En ik blééf maar op de toonbank zetten: een fijn flesje Pouilly Fumé, een Gruner Veltliner, een Vermentino en zo nog een aantal. Waarna ik dacht G. enigszins beteuterd te zien kijken toen hij mocht afrekenen. Nou ja, over een tijdje is ook hij dat vast weer vergeten als we zitten te genieten van al dat kostbare vocht.

Voor nu staat er eerst een klassieke Gin en Tonic op het menu. Er gaat een partje appel bij voor een extra smaaktoevoeging. We proeven, eerst nog voorzichtig, maar later gevolgd door ferme slokken. Tevreden slobberen we ons glas leeg en kijken elkaar onderzoekend aan. Gaan we mee in de hype? Ja, seinen onze ogen. Niet elke dag, dat zou zonde zijn van al die mooie wijnen die nog liggen te wachten, maar om zo af en toe af te wisselen, zeg ik DOEN!

Glas gin en tonic met appelschijfje en fles Caorunn gin

Peter Yealands Sauvignon Blanc

Peter Yealands

Passievruchten. Ik ben dol op hun parfumachtige aroma en hun knapperige inhoud. Wist je trouwens dat de typische smaak pas vrijkomt als hun schilletjes volledig gerimpeld zijn? Snijd nooit gladde, gave exemplaren doormidden, je mist dan alles wat deze vrucht zo kenmerkend maakt. Dat allemaal terzijde. Als er ooit een wijn is geweest, waarin ik zó overduidelijk de smaak en geur van deze vruchtjes in herkende, is het in deze verfijnde Sauvignon Blanc van Peter Yealands. Naast passiefruit proef je frisse kruiden en ergens in de verte een pittig pepertje. Kortom: een prachtige, super verfrissende smaak met een lange, mooie nasmaak. Een witte wijn die je gewoonweg een keer moet proberen. Om daarna niet te lang te wachten op je tweede glas. Deze wijn is niet voor niets in de Grote Hamersma bekroond met een 8. Van mij krijgt hij zelfs een 9+.

Ooit was het Yealands Estate een ruig kustlandschap van ravijnen, geulen en kloven. Nu groeien er druiven op een glooiend terrein waar alles in teken staat van duurzaamheid. Tussen de wijnranken grazen schapen om de grond op natuurlijke wijze te bemesten. Vogels zitten tussen de druiven, en mogen daarvan snoepen ook. Verder zie je zonneschermen en windturbines. En alles bij Yealands Estate in Nieuw-Zeeland wordt gerecycled. Van druiventakken en droesem tot afvalwater, verpakkingsmateriaal en glas. Yealands Estate wil dan ook het meest duurzame wijnbedrijf ter wereld worden. Bij Yealands Estate worden de Clearwater Cove, Breaker Bay en Whales Tale wijnen gemaakt.

Verkrijgbaar bij Gall & Gall.