Cocktail- of whiskysaus

Cocktail- of whiskysaus

De één noemt het cocktailsaus, de ander whiskysaus en zelf noem ik het mijn saus voor bij de mosselen. Cocktail- of whiskysaus dus. Wat doet zo’n naam er ook toe. Als het maar lekker is. En dat was het gisteren. Superverse mosselen gehaald bij mijn vertrouwde vishandelaar Van As in Yerseke. Prei, wortel en selderij gesneden. Alles in de pan gedingest. Broodje geroosterd. Drie keer flink opschudden. Schaal voor de lege schelpen. Aan táááá-fel ……….

O ja, het sausje. Een kind doet de was. Zo simpel, maar zo veel smaakvoller dan de familieleden in fles of tube. Meneer Calvé en mevrouw Remia doen een overload aan kunstmatige hulpstoffen in hun sausjes, met de bedoeling het geheel minstens honderdentwee jaar te kunnen bewaren. Goed spul moet je niet willen bewaren, dat consumeer je direct. Nu. En geen uur later.

Cocktail- of whiskysaus

Ingrediënten:
twee delen mayo van goede kwaliteit
een deel tomatenketchup
een deel volle yoghurt (of crème fraîche)
sjalotje, ragfijn gesnipperd
splash goeie whisky
scheutje gembersiroop
peper, zout

Zoeter of zuurder kun je bijsturen met behulp van gembersiroop en citroensap. Begin met een klein scheutje gembersiroop. Toevoegen kan altijd nog. Niets is erger dan een (te) zoete saus. Gebruik je yoghurt is het zuur meestal wel in orde. Bij het gebruik van crème fraîche kun je wel wat citroensap gebruiken.

Pesto zelf maken

Pesto zelf maken

Toen ik afgelopen weekend drie strengen heerlijk verse knoflook kreeg, wist ik al meteen wat ik er mee wilde gaan doen. A) knoflooksoep maken en b) pesto zelf maken.

Ik begon met het laatste. Voor de maaltijd van vandaag had ik pasta in mijn hoofd. Met veel groenten, maar zonder vlees. Dan smaakt zo’n extra shot vers-kruid er natuurlijk prima bij.
Aan de slag met mijn eigen versie. Geen parmezaan in huis? Jammer, doch niet noodzakelijk, ik raspte gewoon een stuk Old Amsterdam. Iets zouter dan parmezaan, oppassen dus met extra zout toevoegen.

Pesto zelf maken

Eerst een grote bos basilicum kaal plukken. Blaadjes voorzichtig wassen en droog deppen. Flink wat pijnboompitten roosteren in een droge koekenpan. Knoflook (ik heb vijf teentjes gebruikt voor een behoorlijke portie) fijnsnijden. Knoflook, pijnboompitten en basilicum in de blender stoppen. In een dun straaltje extra vergine olijfolie toevoegen totdat een smeuïge massa ontstaat. Dan de kaas toevoegen en olie toevoegen tot het een goed smeerbare consistentie heeft. Proeven. Eventueel afmaken met peper en zout.
Lekker met pasta! Ook niet te versmaden op een vers geroosterd bammetje of toastje.

Pesto uit een potje is, wat mij betreft, niet te eten. Je proeft er de kunstmatigheid boven alles uit. Basilicum proef ik al helemaal niet. De kaasmaak en het zout prevaleren. Het is echt niet lekker.

 

Sliptong met remoulade-achtige saus

Sliptong

Er zijn een heleboel zaken te bedenken die je simpel moet houden. Vooruitdenken bijvoorbeeld, is totaal zinloos. Het loopt toch altijd anders dan je vooraf bedenkt. Beter is dus alles eenvoudigweg tot je te laten komen.

Het onderhouden van vriendschappen is ook zo’n zaak die gediend is bij eenvoud. Weg met die condities en verwachtingen naar elkaar toe. Onvoorwaardelijk blij zijn de ander te zien. Daar hoeft geen kadootje, compliment of blijk van waardering aan te pas te komen. Gedachten uitwisselen, elkaar proberen te verstaan, oprecht interesse in elkaar hebben. Enfin, genoeg gez(w)everd.

Bij de bereiding van vis geldt hetzelfde. Teveel toeters en bellen bij een visgerecht maakt alles onnodig gecompliceerd. Als de kraakversheid optimaal is, zit daarin voor 98% de smaak. Kraakvers is wat mij betreft het nét niet meer zichtbaar spartelen van het beestje. En ik tref het bijzonder door in een provincie te wonen, waar de vissersschepen zo’n beetje langs mijn raam varen.
Vandaag sliptongetjes op het menu in huize Eetplezier. Om nog even een wijdverbreid misverstand uit de weg te ruimen: het is sliPtong en geen sliBtong. In sliptong zit het werkwoord slippen. Sliptongen zijn zo klein dat ze gemakkelijk door de zeef slippen waarmee de vis wordt gesorteerd. Er is dus geen verband met slib (‘modder’). Waarvan akte.

Sliptong met remoulade-achtige saus

Ik eet bij sliptong graag een frisse, groene saus bij. Noem het salsa verde of remoulade, whatever. Om de term “simpel” kracht bij te zetten, onthoud ik me liever van een naamgeving.

Bereidingswijze:
Doe een paar flinke eetlepels zure room in een schaaltje. Snijd een sjalotje ragfijn.

Hak diverse groene kruiden (bijv. salie, oregano, dille,  tijm, peterselie) die je voorhanden hebt. Schep door de zure room. Kappertjes, mosterd, peper, zout erbij en eventueel nog wat vers citroensap.

(Door de zure room te vervangen door mayonaise en er nog een fijngeprakt, hardgekookt ei aan toe te voegen met wat fijngehakte augurkjes, krijg je een echte remouladesaus). Misschien ook nog wel redelijk simpel te noemen, besef ik achteraf.

Serveer dit bij de in bruisende roomboter gebakken sliptongetjes.  En geniet van de eenvoud van een vers, zilt visje. Yam!