Sandwichspread lekker fris en lekker anders

Sandwichspread lekker fris lekker anders

Kennen jullie het gevoel een moord te willen doen voor een broodje “anders dan anders”? Ja? Gelukkig, dan ben ik niet alleen. Na driehonderd boterhammen met kaas, avocado, ei, radijs, humus en pindakaas, schreeuwt mijn hongerige maag om iets wat hartig, fris en smooth tegelijk is. 

Onwillekeurig dwalen mijn gedachten dan af naar de jaren ‘80, toen Heinz een voor die tijd behoorlijk innovatief product in de markt zette: sandwichspread! Kennen jullie de bijbehorende catchy reclame nog? Helemaal hip voor die tijd, maar o, o, wat zat er een arsenaal aan kunst- en hulpmiddelen in het zalvige smeerseltje.

“Sandwichspread lekker fris en lekker anders” verder lezen

Gado gadosaus de milde smaakmaker

Diverse groenten met gado gadosaus

Oh meisjes (en jongens), wat ben ik toch gek op de Indonesische keuken! Eigenlijk zou ik elke dag wel gestoomde, witte rijst willen eten met een pittig gekruid gerecht ernaast. Het hoeven voor mij echt geen uitgebreide rijsttafels zijn te zijn. Zo’n kommetje dampende rijst met een eenvoudig groente- of vleesgerecht maakt me al blij genoeg. Sommige gerechten uit de Indonesische keuken blijven terugkomen in huize Eetplezier. Waren het vroeger veelal de vleesgerechten die gretig aftrek vonden, vandaag de dag zijn ook de groentegerechten populair. Gado gado bijvoorbeeld. Geblancheerde en/of rauwe groenten, overgoten met een smakelijke saus. Het is eigenlijk een gerecht van niks, alleen wat groenten (wel ideaal om alle restjes groenten in te verwerken), maar uiteindelijk máákt de saus het gerecht tot iets wat je vaker wilt eten.

De saus heet dus gado gadosaus en beslist geen satésaus. Het verschil zit ‘m in de kokosmelk die je toevoegt aan gado gadosaus. Even afgezien van de hoeveelheid pepers die je gebruikt, ontstaat dus in beginsel een milder resultaat dan bij de traditionele pindasaus. Ik maak het al jaren als volgt.

Gado gadosaus

Fruit een paar fijngewreven tenen knoflook met 2 à 3 sjalotten zachtjes aan 1 eetlepel zonnebloemolie.
Doe er op het laatst een theelepel geraspte gember, een theelepel koriander, 1 theelepel laos en 1 (of twee, of drie) fijngesneden chilipeper(s) toe. Laat nog even meebakken.

Rooster 200 gr ontvliesde, ongezouten pinda’s in 6 tot 8 minuten in een tot 190˚ verwarmde oven. Laat ze afkoelen en maal ze in een keukenmachine fijn.

Voeg 1/2 dl sojasaus, 2 eetlepels palmsuiker (of bruine suiker), het sap van 1/2 limoen, 1 theelepel zout en het gebakken sjalottenmengsel toe.

Draai er een gladde massa van, voeg 4 dl kokosmelk toe en draai het opnieuw glad. Verwarm het op een zacht vuurtje.

Serveer deze saus over geblancheerde of rauwe groenten, zoals sperziebonen, wortel, paprika en komkommer. Van oorsprong worden de groenten lauw of koud gegeten, maar ik geef zelf de voorkeur aan warme groenten. Je kunt alle groenten gebruiken die jij lekker vindt. Eet het met gekookte rijst, eventueel een vleesgerecht, met wat kroepoek en natuurlijk een koel glas bier of een kruidige wijn.

Beurre Blanc de perfecte begeleider bij vis

Beurre blanc de perfecte begeleider

Als je, net als ik, dol bent op alles wat uit de zee komt, dan houd je waarschijnlijk ook wel van een begeleidende saus. Zelfgemaakt uiteraard. Dat hoefde ik er hopelijk niet bij te vertellen, toch? Een kruidige ravigottesaus, een verfijnde béarnaise of om het helemaal smooth en superlekker te maken: een beurre blanc. Bij een smakelijk gepocheerd visje is zo’n fijne boterige saus echt de spreekwoordelijke kers op te taart.

Voor een authentieke beurre blanc dien je eerst een zgn. gastrique te maken: een ingekookte vloeistof op basis van wijn, azijn, sjalotten, knoflook en kruiden. Gastrique wordt als basis gebruikt voor vele andere botersauzen, bijvoorbeeld bearnaise. Het zuur van de gastrique biedt een tegenwicht aan het zoet van de boter, waardoor de uiteindelijke saus in balans wordt gebracht.

Beurre blanc

Ingrediënten:
2 dl witte wijn
1 dl witte wijnazijn of ciderazijn
2 dl water
2 sjalotten
3 teentjes knoflook
enkele takjes tijm
2 blaadjes laurier
10 zwarte peperbolletjes
150 gr koude roomboter

Bereidingswijze gastrique:
Schenk de wijn, de azijn en het water in een pan.
Pel de sjalotten en snij ze in grove stukken. Pel en kneus de tenen knoflook. Voeg ze bij het wijnmengsel, samen met de peperbollen, de blaadjes laurier en de tijm.
Breng het mengsel zachtjes aan de kook en laat het inkoken tot 1/3 van de oorspronkelijke hoeveelheid.
Giet het ingekookte mengsel door een zeef en laat de reductie afkoelen.

Afwerking beurre blanc:
Zet een steelpan op een zacht vuur en doe er een bodempje van de reductie in. (Vries de overschot in om later te gebruiken.)
Voeg een klein scheutje room toe en breng het mengsel kort aan de kook.
Snij de boter in blokjes en zet het vuur zacht.
Roer continu met een garde en voeg de klontjes boter één voor één toe. Laat ze telkens wegsmelten tot je een zachte gebonden saus krijgt. De echte chefs noemen dit “monteren”.

De blanke botersaus is klaar als je een mooie balans proeft tussen het zuur van de reductie en de volle smaak van de boter. Geen van beide smaken mogen overheersen.
Kruid de saus met een beetje peper van de molen en een snuifje zout. Laat de saus na het monteren absoluut niet meer koken, want dan zal ze onherroepelijk gaan schiften.

Beurre blanc saus

Tomaten-amandelpesto

Schaaltje met groene tomaten-amandelpesto

Er is in huize Eetplezier al heel wat keren pesto gemaakt. De gewone. Met de juiste pijnboompitten, Parmezaanse kaas en natuurlijk geurige basilicum. Jamie Oliver komt in zijn boek “30 minutes meals” met een variatie erop. Zelf noemt hij het een groen prutje. Kan ook. Het is maar net waar je voorkeur naar uit gaat. Ik kies voor een ietwat deftiger benaming: tomaten-amandelpesto.

En ik dacht: tomaatjes te pakken te zien te krijgen met de smaak van tomaatjes. Honingtomaatjes. Duur, maar dan heb je wel de garantie dieprode vruchtjes barstensvol smaak te proeven. Mijn idee is dat alles wat je in de basis van een gerecht stopt, van onberispelijke kwaliteit hoort te zijn. In dit geval kwam ik echter bedrogen uit. Van de tomaatjes was na het blenderen zowel qua kleur als qua smaak niet veel meer terug te vinden. De groene kleur van de basilicum domineerde. Jammer. Toch had deze pesto een duidelijk andere smaak dan de traditionele pesto genovese of pesto rosso. Zoeter. Milder. Geschikt om met eetlepels tegelijk over je pasta te lepelen.

Tomaten-amandelpesto

Ingrediënten: (voor 4 personen)
40 gr Parmezaanse kaas
100 gr geblancheerde amandelen
2 teentjes knoflook
1 peper
2 bossen basilicum
4 ansjovisfilets
350 gr honingtomaatjes

Bereidingswijze:
Doe de kaas, amandelen, peper en knoflook in de keukenmachine of blender.
Hak alles zo fijn mogelijk.
Doe er daarna met draaiende motor de basilicum, ansjovis en de tomaatjes bij.
Blender zo fijn mogelijk en doe er nog twee gulle scheuten extra vierge olijfolie bij.
Proef en breng de pesto op smaak.

Breng pasta naar keuze aan de kook.
Laat deze na de gewenste kooktijd uitlekken en doe ze meteen terug in de pan, tezamen met de tomaten-amandelpesto.
Hussel goed door elkaar. Voeg eventueel nog wat kookvocht toe.
Voor een leuk effect voeg je er nog een handvol gehalveerde tomaatjes aan toe.
Dien meteen op en eet er een lekkere salade van bietenblad met avocado, bleekselderij én honingtomaatjes.

Schaaltje met groene tomaat-amandelpesto

Spread van avocado met feta en geroosterde paprika

Spread van avocado met feta en geroosterde paprika

Laat ik om te beginnen voorop stellen dat ik bepaald niet onder de indruk ben van superfoods. Eerlijk gezegd geloof ik er niet in. Ik houd mij meer vast aan termen zoals “alles met mate” en bovenal “eet gevarieerd”. Elke week komen er andere zaken ter tafel in huize Eetplezier.

Vleesloze maaltijden worden afgewisseld met AVG’tjes. Voedzame pastaschotels met vlinderlichte salades. Pittige, Oosterse gerechten met oer-Hollandse boerenkool. En ondertussen knopen we de diverse eetmomenten aan elkaar met diverse stukken fruit. Op een stoute dag wordt er heus ook wel eens iets weg geknabbeld, iets wat zo fijn kraakt in je mond en waarin de producent dermate veel kunstmatige smaakstoffen heeft verstopt dat je jezelf geweld moet aandoen om er vanaf te blijven. Ik heb het natuurlijk over zoutjes. Pops. Bites. Wokkels. Pretzels. Allemaal even lekker. Geef het maar toe: zelfs als je een fanatieke consument bent van Superfoods, liggen de verleidingen overal op de loer.

Naast ons dagelijkse glaasje geestrijk vocht is het altijd fijn om iets te kunnen knabbelen. Liefst iets met geen overvloed aan calorieën. Meestal genieten noten mijn voorkeur, maar soms heeft een mens behoefte aan iets anders. Naast de telefoon lag al enkele weken het boek Superfood van Linda Shearer naar me te lonken. Ik had er al eerder in gebladerd en vrijwel meteen viel mijn oog toen op dit recept. In het boek wordt het een dip genoemd; zelf geef ik de voorkeur aan het woord spread. Het is een puur en eerlijk smeerseltje, zonder kunstmatige toevoegingen. Superfood in zijn meest ultieme vorm.

Spread van avocado met feta en geroosterde paprika

Ingrediënten:
2 avocado’s
240 gr gekookte witte bonen
200 gr feta, verkruimeld
2 geroosterde paprika’s, in stukjes
1-2 teentjes knoflook, fijngewreven
1 tl zout
1 limoen, uitgeperst

Bereidingswijze:
Doe mij een lol en gebruik in vredesnaam geen geroosterde paprika’s uit een pot. Het zijn vieze, zure krengen, die niets te maken hebben met hun eigenhandig geroosterde broertjes en zusjes. Bovendien is het bijna geen werk.

Verwarm de oven voor op 200°.
Leg de paprika’s op een bakplaat, eventueel bekleed met bakpapier.
Laat ze circa 30 minuten roosteren, tot het vel zwart geblakerde plekken vertoont.
Draai ze na 15 minuten even om.

Stop ze daarna 20 minuten in een gesloten plastic zak.
Hierna kun je heel gemakkelijk het velletje verwijderen.

Doe alle ingrediënten in een foodprocessor of blender.
Pureer tot een glad en romig geheel.
Voeg voor een fluwelig resultaat eventueel een scheutje water toe.

Deze spread smaakt heerlijk op een toastje, maar doet het op een snee zuurdesembrood ook erg goed. In de koelkast blijft het ongeveer een week goed.

Noot: Dit boek werd mij ter beschikking gesteld door uitgeverij Van Duuren media. Dit feit is niet van invloed geweest op mijn oordeel. Ik schrijf slechts over zaken die mij persoonlijk in beroering brengen. Schaaltje met spread van avocado,  feta en geroosterde paprika

Groene saus à la Eetplezier

Groene saus

Superfood. Een term die in het Moderne Luilekkerland niet meer weg te denken is en gehanteerd wordt voor bepaalde voedingsmiddelen die een positief effect zouden hebben op ons lichaam. Chiazaad, hennepolie, gojibessen, rauwe cacao. Door voldoende van deze producten te consumeren, houden wij ons lijf gezond. Zeggen de Superfood-aanhangers.

Low-carb. Broodbuik. Raw foods. Voedselzandloper. Paelo. Het kan niet op anno 2014. Ik loop er allemaal niet warm voor. Neemt u mij vooral niet kwalijk. Doet u gerust wat u denkt te moeten doen met al deze moderniteiten; ik houd mij vooralsnog het recht voor om me vast te houden aan gewoon gewoon. Niet te veel zout en suiker. Zuinig met slechte vetten. En alles met mate. Ik word er niet vitaler van of energieker door; maar op deze wijze houd ik het toch al 58 jaar vol. *applaus*

Superfood heeft voor mij alles te maken met pure producten, zonder industriële bewerkingen. Daar kan niets mis mee zijn. Een vers visje, voortreffelijke crème fraîche uit Normandië, vier handjes kruiden. Gestoofd venkeltje ernaast. Lepeltje rijst of aardappelen. Mandarijntje toe. En morgen gezond weer op!

Voor het maken van een begeleidend sausje, heb ik zo mijn eigen toverformule bedacht. Het is geen traditionele salsa verde en het is ook zeker geen klassieke bearnaise- of ravigoteaus. Misschien lijkt het nog het meest op Duitse Grune Soße, waarin soms kwark of zure room wordt gebruikt. Hoe dan ook: het smaakt verrukkelijk bij een  stukje vis of vlees.

Groene saus à la Eetplezier

Ingredienten:
6 flinke eetlepels crème fraîche (bij voorkeur d’Isigny, die is zó geweldig lekker)
1 eetlepel citroensap
2 eetlepels fijngesneden dille
2 eetlepels fijngesneden bieslook
2 eetlepels fijngesneden dragon
2 eetlepels fijngesneden salie
lik mosterd
peper/zout naar smaak

Varieer naar hartenlust met kruiden, met kappertjes, met een fijngesnipperd sjalotje of augurkje, desgewenst met een fijngewreven ansjovisje. Net wat jij zelf lekker vindt. Alles kan. Niets moet.