Wortelcake van een Geheime Bron

Wortelcake in Zeeuwse knopvorm

Dit recept kent een “geheime oorsprong”. Omdat het geheim is, kan ik er dus ook niet veel over vertellen. Hoe dan ook: van deze wortelcake hebben al heel wat mensen gesnoept. Waar? Dat mag ik niet zeggen. Beginletter? Nee, ook niet. Wie? Van een chef die zo aardig was mij het recept te geven. Wat er in zit? Dat mogen jullie weten en zal ik hieronder verklappen.

De hoeveelheden lijken een beetje eigenaardig, maar dat komt omdat ik het recept in drieën heb moeten delen. Tenslotte is het hier geen weeshuis!

Wortelcake

Ingrediënten:
165 gr boter
165 gr lichte basterdsuiker
3 à 4 eieren
135 gr bloem
5 gr bakpoeder
35 gr amandelbloem
35 ml karnemelk
66 gr walnoten
100 gr geraspte wortel
theelepel nootmuskaat, geraspt
snuf zout
rasp van halve sinaasappel

Bereidingswijze:
Verwarm de oven voor op 160°.
Beboter een cakeblik of tulbandvorm.
Mix de boter met de suiker en het zout tot een luchtige, witte massa.
Voeg dan één voor één de eieren toe. Voeg pas een nieuw ei toe, als het voorgaande volledig is opgenomen.
De bloem en de overige ingrediënten kun je op een lagere snelheid erdoor mengen, maar je kunt het er ook doorheen spatelen.
Vul het blik of de tulbandvorm met het beslag.
Bak 40 á 50 minuten in de oven, totdat een satéprikker er droog en schoon uitkomt.

Man en ik vonden hem zo al verrukkelijk. Niet te droog en bomvol smaak. Maar als je een heuse zoetekauw bent kun je er natuurlijk een mooie glazuurlaag over doen. Dat maak je zo:

100 gram poedersuiker
1/2 eetlepel water
1/2 eetlepel citroen-  of sinaasappelsap

Zeef de poedersuiker.

Roer de poedersuiker met een halve eetlepel water (en een halve eetlepel citroen- of sinaasappelsap) tot een dik papje.

Blijf roeren tot het glazuur glanst.

Nu kun je de glazuur over de cake of laten uitlopen en gladstrijken met een mes dat je plat houdt.

Het glazuur wordt vanzelf hard.