Hete Bliksem op de wijze van Felix Wilbrink

Hete Bliksem

Mensen die zichzelf durven zijn, zonder pretenties of dikdoenerij, vind ik bijzonder aangenaam gezelschap. Als diezelfde mensen dan ook nog op een innemende wijze babbelen of schrijven over alles wat met eten te maken heeft, dan kan er wat mij betreft, niets meer stuk. Felix Wilbrink is zo’n persoon. Hij straalt, zoals Jeroen Meus dat ook op onnavolgbare wijze kan, iets van huiselijke gezelligheid uit. Alsof het leven elke dag een grandioos feestje is. En zo is het ook natuurlijk. Goed, dat je op sommige dagen zelf de slingers op moet hangen voor de broodnodige leut, dat laat ik gemakshalve even buiten beschouwing. 

Huiselijke knusheid dus. Daar hoort vanzelfsprekend altijd een tafel bij. Met goed gevulde borden en veel onderling gekeuvel en gelach. In mijn hoofd bevindt zich een stevig verankerd arsenaal aan geuren, geluiden en smaken. Dat gaat daar nooit meer weg. Als ik gebakken knoflook en uien ruik, denk ik aan de overvloedige rijsttafel van pap, die daarmee twee dagen in de weer kon zijn. Het typische “plopje” van een beugelflesje brengt me terug naar het jaar 1961, toen mijn neefje en ik met onze glaasjes gifkleurige roze of gele priklimonade verschansing zochten in de muffige bedstee van onze grootouders. 

Lees verder

Pommes Duchesse de zelfgemaakte versie

Pommes duchesse

Zonder friteuse kan het leven soms heel erg onaangenaam zijn. Wanneer je bijvoorbeeld op een luie zondag, na een wel erg povere avondmaaltijd, rond een uur of negen je maag hoort knorren. Visioenen van puntzakken goudgele frietjes, voorzien van een dikke klodder mayo, trekken op zulke momenten aan mijn geestesoog voorbij. Maar goed, ik ben nu eenmaal niet in het bezit van zo’n elektrisch frituurgeval, dus blijft er weinig anders over dan een bezoek aan de plaatselijke snackbar. En of dat nu altijd zo’n doorslaand succes is? Het antwoord is simpel: nee.

Diep in mijn hart wil ik ook helemaal niet aan gefrituurde etenswaren denken. Waarom niet? Omdat het niet gezond is en ook omdat ik weet van mezelf dat ik de verleidingen slecht kan weerstaan als er zich eenmaal kroketjes of aardappelstaafjes in de vriezer zouden bevinden. Zonder friteuse is het heerlijk rustig in huize Eetplezier. Nooit twijfelen, nooit dubben tussen “zal ik wel” of “zal ik niet”.

“Pommes Duchesse de zelfgemaakte versie” verder lezen

Zoete aardappelmuffins van Jamie Oliver

Zoete aardappelmuffins

Had ik jullie al verteld van mijn eigenaardige gewoonte om vlak voor het slapen gaan, nog snel een uurtje 24Kitchen te kijken? Gelegen in mijn warme bedje nog even de speekselsappen laten stromen. Geloof me maar, het staat garant voor een nachtje zoete dromen gevuld met de meest excentrieke culinaire uitspattingen.

Dat terzijde. Terug naar 24Kitchen. Jamie begint op die late avond enthousiast te vertellen over zijn visie op Superfood. En hoewel ik helemaal niets te maken willen hebben met eigentijdse voedingshypes, spreken zijn no-nonsense gerechten uit deze serie me best aan. Zaken als boerenkool, eieren, bonen, avocado, bosbessen en broccoli zijn vanuit hun oorsprong ook heul gezond om lang en gelukkig te leven. Daar kan geen gojibes of chiazaadje tegenop. Zegt Jamie. En ik geloof hem.

De zoete aardappelmuffins uit deze aflevering zijn weliswaar bedoeld als ontbijt, maar in mijn hoofd verschijnt een ander plan. In de koelkast ligt voor de volgende dag een ferme krop tri-colore kluitsla te wachten. Ik wil er een kleurrijke salade van maken, met het laatste beetje zoete tomaten, olijven en feta. In plaats van de obligate gebakken aardappeltjes, ga ik er nu deze hartige muffins bij serveren.

Het smaakte prima, hoewel ik het zoetige van de aardappelen vond overheersen. Volgende keer kies ik voor extra smaak door er meer uitjes, peper en kaas doorheen te mengen. Kwestie van persoonlijke smaak.

Zoete aardappelmuffins

Ingrediënten: (12 muffins)
600 gr zoete aardappelen
4 lente-uitjes
1 à 2 rode Spaanse peper
6 eieren
3 eetl hüttenkäse
250 gr zelfrijzend bakmeel
50 gr Parmezaanse kaas
1 eetl zonnebloempitten
1 eetl maanzaad
olijfolie
peper/zout

Bereidingswijze:
Verwarm de oven voor op 180 graden.

Bekleed een muffinvorm met 12 papieren cups of knip vierkantjes uit bakpapier van 15 bij 15 cm en “plak” deze in de vormpjes met een beetje olie.

Schil de zoete aardappel en rasp deze in een kom.
Snijd de uitjes en pepertjes in dunne ringetjes en doe deze bij de aardappel (houd de helft van de pepertjes apart).

Breek de eieren in de kom met de aardappel, doe er de hüttenkäse en het bakmeel bij, rasp er het grootste gedeelte van de Parmezaanse kaas over en voeg peper en zout toe.
Meng alles goed door elkaar, eventueel met je handen.

Verdeel het mengsel over de bakjes, strooi er de zonnebloempitten, maanzaadjes en ringetjes peper overheen.
Schaaf er het laatste stukje Parmezaanse kaas over.

Zet de muffins 45 – 50 minuten in de oven of totdat ze goudbruin en gaar zijn.

Let op: als de muffins net uit de oven zijn, zijn ze nog een beetje “wobbelig”. Ze zijn dan wel gaar. Hoe kouder ze worden, hoe steviger.

Bron: Jamie Oliver – Superfood

Muffins van zoete aardappel

Snijbonenstamppot met Italiaanse topping

Snijbonenstamppot

Er zijn weinig groenten die me zo aan de zomer doen denken dan snijbonen. Tijdens het snijden ervan, komt er een overduidelijke “groene” geur bovendrijven, een beetje als de geur van pasgemaaid gras. Het brengt mij altijd terug naar mijn vroegste kinderjaren, waar op elke zomerdag de zon overdadig leek te schijnen en ik na zo’n dag hongerig uitkeek naar de maaltijd die mam op tafel zette. Snijbonen waren favoriet, gevolgd door sperzieboontjes. Mét zure augurken of komkommer erbij. Je verzint het niet.

Zoals beloofd: het recept voor de snijbonenstamppot met Italiaanse topping. Een vega-recept. Misschien voor velen van jullie niet aantrekkelijk genoeg, maar je kunt er natuurlijk altijd vlees naast serveren. De topping geeft dit gerecht een lekker stevige bite, waardoor het befaamde babyvoedsel-mondgevoel verdwijnt als sneeuw voor de zon.

Snijbonenstamppot met Italiaanse topping

Ingrediënten (voor 4 personen)
1,2 kg kruimige aardappelen
3 oudbakken witte boterhammen
1 bakje platte peterselie
2 tenen knoflook
2 eetl olijfolie
1 citroen, schoongeboend
600 gr snijbonen
4 bosuitjes
125 ml melk
30 gr boter
1 eetl dyonmosterd

Bereidingswijze:
Schil de aardappelen, snijd ze in gelijke stukken en kook ze in water met zout in 20 minuten gaar.
Scheur het brood in stukjes.
Doe met de peterselie en knoflook in een keukenmachine en maal in 1 minuut fijn.

Verhit de olie in een koekenpan en bak het broodkruim in 5 minuten lichtbruin en knapperig. Neem van het vuur.
Rasp de gele schil van de citroen erboven en schep om.

Verwijder de steelaanzet en het puntje van de snijbonen en snijd de bonen in stukjes van een 1/2 cm. Kook ze in 8 minuten beetgaar. Snijd ondertussen het wit en groen van de bosuitjes in ringetjes. Giet de snijbonen af.

Doe de melk, boter en mosterd in een steelpan en verwarm. Giet de aardappelen af en laat ze in de pan zonder deksel even droogstomen. Voeg het melkmengsel toe en stamp met de pureestamper tot een grove puree. (Zelf knijp ik de aardappelen door een pureeknijper voor een gladder resultaat). Meng de snijbonen en bosuitjes erdoor. Breng op smaak met peper en zout.

Schep de stamppot in een schaal en strooi de Italiaanse topping erover.

Bron: Allerhande augustus
Snijbonenstamppot 1

Gnocchi di patate

Bord zelfgemaakte gnocchi met champignonsaus

Adresjes die ik allemaal nog eens wil bezoeken. Doelen die ik ten minste één keer in mijn leven wil bereiken. En recepten die ik stuk voor stuk nog wil maken. Mijn bucket lists. Ik heb ze voor het gemak meteen maar opgedeeld in diverse onderwerpen. Dat maakt het geheel een stuk overzichtelijker. Bovendien heb ik ze in mijn outlook planner staan, naast de verzonden en ontvangen e-mails. Op die manier kom ik ze elke dag tegen. Zo vind ik ergens:
gnocchi di patate zelf maken.

Het stond al een behoorlijk tijdje te verstoffen op de receptenlijst. Maar afgelopen dinsdag kwam het er toch van. Opgetogen ging ik aan de slag. Eerst en vooral de bronnen er op na sla slaan. Meteen werd me duidelijk dat er, althans in mijn boeken, nog niet eens zoveel over vermeld staat. Robert Kranenborg heeft het erover in Winter en Elizabeth David in de Authentieke Italiaanse keuken. Beide beschrijvingen waren dag en nacht verschil.

David gebruikt het hele ei; Kranenborg alleen eidooiers. Qua vorm heeft Kranenborg het over de befaamde ribbels, terwijl David spreekt over het met de duim een plat duwen zodat er een soort van halve maan ontstaat. Dergelijke uitlatingen zaaien verwarring, dat moge duidelijk zijn. Zeker voor een beginnende gnocchi-maker als ik.

Dus ga ik bij mijn virtuele vriendjes en vriendinnetjes te rade. Die blijken ook verschillende technieken dan wel bereidingen te hanteren. Ik focus me op het recept, dat me het meest logisch lijkt. Waarbij ik de aardappelen moet poffen (of stomen) in de oven, maar dat had ik tevoren zelf ook al uitgedacht. Een gekookte aardappel die uit het water gevist moet worden, bevat te veel vocht. Dat kon niets worden.

De saus was ook al bekend. Ik zou paddenstoelen-roomsaus maken met gorgonzola en een salade er naast serveren. So far so good. Tegen vijf uur stond de saus klaar. Bloem was afgewogen. De aardappelen waren gaar. Here we go …..

&#grmpf#& Die piepers waren héét! Toch moest die schil eraf, dus ploeter ik manmoedig verder, om de paar minuten een Gordon Ramsay-achtige uitdrukking uitslaand. Door de pureeknijper persen is daarna een fluitje van een cent. Hoppa! Bloem erdoor mengen, eitje … Hoppa! Intussen het water aan de kook gebracht. En de saus op een zacht vuurtje gezet. Het deegje rollen, rollen, rollen. Niets aan het handje. Ik begin er al bijna bij te fluiten. Niveau kleuterklas dit. Waarom had ik daar in vredesnaam al die jaren zo tegenop gezien? Hoppa!

Het snijden van de slierten neemt een aanvang. Mes erin en afkappen die handel. Ha, hoezo moeilijk, zelf gnocchi maken? Nu nog even die ribbels er in kerven met een vork. Hop …. Ehh, plat. Veel te hard geduwd natuurlijk. Dat moet voorzichtiger. Hmm, geen enkel patroon te ontdekken in de volgende. Andere vork. Met scherpere tanden. Hop …. Finaal door midden. Zo fröbel ik drie slierten gestaag door. Zonder één fatsoenlijke gnocchi. Ik besluit de methode Elizabeth David toe te passen. Met de duim er op drukken en kijk: er ontstaat een soort van dik muizenoortje. Dat geeft hoop voor het vervolg. Of het zonder de ribbels nog gnocchi mag heten, dient even geverifieerd dan wel nagezocht te worden in de boeken.

Ja hoor, binnen enkele minuten komen de muizenoren bovendrijven. Precies zoals in de boeken staat. Hoe is het mogelijk. Ik vind het verbazend om te zien en kan er geen enkele scheikundige analyse aan toedichten. Aardappel + bloem + ei. Waarom zou dit geheel gaan drijven? Hoe dan ook, heertje G en ik moeten dringend aan tafel, anders wordt mijn zorgvuldig in elkaar geknutselde maaltijd koud.

Dan nu de hamvraag. Hoe smaakt mijn DIY gnocchi? Eerlijk antwoorden? Ik vond het niks. Echt niks. Plakkerig en melig. De consistentie van een meelbal die eerst tegen de tanden en daarna tegen het gehemelte blijft plakken. Ronduit smerig. In een grijs verleden heb ik ooit een pak gekocht (DeCecco) om te verwerken en ik kan me nog vaag herinneren dat het destijds ook niet echt mijn “ding” was. Deze homemade versie was zo mogelijk nog vele malen erger. Gelukkig kon de romige saus met extra smaakaccent vanwege de gorgonzola nog veel goed maken.

Dat het eindresultaat niet het gewenste resultaat had, ligt ongetwijfeld aan mij. Hoewel ik stiekem denk: die aardappelen, waren dat wel de goeie? En de bloem? Moest het water misschien niet zachter koken? Had het deegje moeten rusten? Of was het andere recept toch beter? Hoe dan ook, in de toekomst verwacht ik niet veel gnocchi-avonturen meer mee te maken. Ik zit nog bij te komen …..

Gnocchi di patate

Ingrediënten:
500 gr aardappelen
125 gr bloem
1 heel ei
30 gr boter

Bereidingswijze:
De aardappelen met schil garen in de oven op 180°. Reken zo’n 40 minuten, afhankelijk van de grootte.
Schil de aardappelen als ze nog warm zijn.
Pers ze door een pureeknijper of een fijne zeef.
Roer er de bloem, boter en het ei door.
Breng op smaak met zout en peper en kneed er een deegje van.

Rol het uit tot lange worsten ter dikte van een vinger.
Snijd ze in stukjes van bijna 2 cm lang en maak er met je vinger een deuk in, zodat ze de vorm van een half maantje krijgen.

Laat de gnocchi een voor een in een grote pan met zacht kokend water glijden en kook ze circa 3 minuten.
Als ze boven komen drijven, zijn ze gaar.
Haal ze met een schuimspaan uit het water en doe ze met boter en geraspte kaas in een ovenschaal.
Zet de schaal een minuut of twee in een warme oven en dien ze op met een saus naar keuze.

Bron: de authentieke keuken van Italië – Elizabeth David

Bord zelfgemaakte gnocchi met champignonsaus

Aardappelpannenkoekjes

Aardappelpannenkoekjes

Zondagmiddag 14.15 uur. Bij 100% NL mompelt – voor de derde keer vandaag – Frank Boeijen zijn Kronenburg Park. Ik heb nooit één woord begrepen van deze cryptische tekst Ga die wereld uit. Eén seconde en rij snel door die wereld uit. En vraag niet naar de weg, want iedereen is de weg kwijt. Wie het snapt, mag het zeggen.

Buiten is het winderig en fris. Voldoende tijd om lang achter de laptop door te brengen. Stiekem zet ik de thermostaat een half graadje hoger, want na drie weken opvliegende hittegolven, begin ik kenmerken te vertonen van een diepgevroren mummie.

Direct na het inschakelen van mijn trouwe HaPeetje dienen er zich drie mailtjes aan, die ik per omgaande beantwoord. Leuk, een uitnodiging voor een etentje erbij! Mijn bank wijst me erop dat ik alert moet zijn op indringers en op het Feestboek is het een lawaai van jewelste. Iedereen wil zo lang mogelijk bovenaan de lijst blijven staan.

Ik surf van blog naar site. Van krant naar platform. En juist als ik denk alles wel gezien te hebben voor vandaag, kom ik bij Dagelijkse Kost terecht. Voor wie het niet kent: een Vlaams programma met de übergezellige chef Jeroen Meus als aan-elkaar-prater-en-koker. Met in mijn achterhoofd een restant van de aubergines met krokante korst voor vanavond (blog volgt nog), zoek ik iets voor erbij. Iets met aardappel misschien. Aardappel-cupcakes zie ik staan. Ha, dat is grappig! Ik snel naar de koelkast. Geen chorizo in huis. Ook geen geitenkaas trouwens. Exit cupcakes.

Vijf regels lager lees ik aardappelpannenkoekjes. Die dan maar? Tja, is zo gewoon eigenlijk. Alledaags bijna. Maar omdat ik al weken zin heb in Kaiserscharrn en er nog steeds niet toe gekomen ben om het te maken, besluit ik toch voor deze hartige pannenkoek te gaan. Raggmunk noemen ze dit in Zweden. Rösti in Zwitserland.

Hindernis nr 1: geen enkel pak melk meer te vinden in huize Eetplezier. Owowowow. How now? Het pak yoghurt biedt uitkomst. Uit voorzichtigheid leng ik het aan met water. Altijd gemakkelijk als je een voorraad van alles in huis hebt *schudt hoofd en denkt na over haar verlept organsatietalent*.

Hindernis nr. 2: achter de loeihete koekenpan hervat mevrouw Opvlieger haar bezoekjes. Met een rood hoofd bak ik driftig verder. Ik begin stilletjes aan te lijken op een overspannen koekenbakster.

Hindernis nr. 3: blij dat het bakproces ten einde is, schuif ik  aan tafel. Het fototoestel ligt achter me. Niemand die daar aan denkt. Maakt ook niet uit eigenlijk, want het zou toch niet in mijn vermogen gelegen hebben om van aardappelpannenkoekjes iets appetijtelijks te maken. Althans, niet op de foto.  In het eggie zijn ze best lekker. De rauwe aardappel is op deze manier verrassend snel gaar. Het is ook niet zo’n gedoe met omdraaien als bij de echte rösti. Maar eigenzinnig als ik ben, doe ik er een volgende keer wel wat kruiden door.

Aardappelpannenkoekjes

Ingrediënten (4 personen)
800 g loskokende aardappelen (liefst oude, deze bevatten meer zetmeel)
90 g patisseriebloem
1 ei
3 dl melk
een klont boter
peper/zout

Bereidingswijze
Weeg de ingrediënten voor de Zweedse aardappelpannenkoekjes zorgvuldig af.
Neem een mengschaal en doe er de bloem in. Schenk er de melk bij en voeg het ei toe. Meng het beslag glad met de garde.

Schil de loskokende aardappelen en rasp ze fijn. Gebruik bij voorkeur oudere aardappelen, omdat deze knollen extra veel zetmeel bevatten.
Doe de geraspte aardappelen in het beslag, voeg een snuif zout toe en meng alles voorzichtig met een vork.

Zet een grote braadpan of koekenpan op een matig vuur. Smelt er een klont boter in.
Schep per pannenkoekje één volle vork van het beslag met aardappel in de pan. Druk het hoopje even aan tot een egaal koekje. Bak meteen meerdere pannenkoekjes goudbruin in één beurt.

Gebruik een kleine spatel en draai ze na één tot twee minuten om. Laat de pannenkoekjes verder bakken op een zacht vuur totdat ook de binnenkant gaar is. Controleer het resultaat. (De randjes zijn een stuk sneller gaar en krokant.)

Bron: Dagelijkse Kost – Jeroen Meus