I.M.

soms bij het zwijgzaam eten
van de eerste, zoete worteltjes

regelmatig tijdens het piepen
van de nog altijd kromme achterdeur

dikwijls als ik ze maar opzoek
de zelfgebreide wintersokken

vaak als ik de lavatera snoei
en weet hij bloeit toch nooit meer
zo mooi als toen

meestal als de kurk weer
eens afbreekt
of de kerstverlichting het niet doet

maar altijd bij het afschuimen
van de groentesoep met daarin
alles van jouw omgespitte aarde

© Nell Nijssen

2e prijs Landelijke Gedichtendag 2008 Vlaardingen

Locus Amoenus

Wij dragen lucht, happen golven in de dag,
fluiten lichte liedjes, vlechten schaduwen
en kijken toe hoe de parels zullen rollen

naar een plek in de melkweg. We stralen
of ons leven aan klatergoud hangt, smelten
dagen van graniet om tot ongerepte lichtheid.

Daar baden we in groene koelte, vlijen
de tijd dicht tegen ons aan en wachten
tot de zon in ons zal ondergaan.

© Nell Nijssen

(1e prijs Gouden Zandkorrel 2009 Noordwijk)

Uitgevlogen

met de strijkplank het gras maaien
terwijl een toilettas uitpuilt
en wegfietst bestemming onbekend

een stofzuiger – alleen het woord al –
schildert nevelsliertjes om mijn hoofd
een lichtkrans van dode bloempotten
die zich een weg baant door de zwaartekracht

inmiddels is de vogelkooi leeg gewaaid
en wie biedt er op een broodmes
dat niet langer meer mag smeren

ik kartel punten aan jouw fluitconcert
en vlij me buiten
het domein van mijn gezichtsveld

dromende bomen eten hapjes uit mijn dag
ik vaar van hier tot aan het hek

en terug

© Nell Nijssen

(nominatie Arnhems Lezersbal 2009)

Teken van Leven

het zal toch niet dat jij het was
daar zittend op dat carbolineum paaltje
vermomd als torenvalk

daar waar ik afsla
van Goes naar Zierikzee, zag ik
wel vierentwintig vleugels
tegen een platinawit decor

jij als vogel, ik geloof er in
want had ik niet juist daarvoor
dringend geprobeerd
contact met je te krijgen?

je nam niet op
zoals altijd

© Nell Nijssen

(nominatie Jacob van Maerlantprijs Kats)

Ongebroken

met letters smelt zij de dag aaneen
en blaast scherven van haar leven
tot zongevulde souvenirs

– ting ting –

ik vraag uw aandacht
voor haar opgebouwde spiegelbeeld
zie het witgewassen oog

aanschouw een transparant
verstand ontstaan uit alle
kleuren van de regenboog

goudomrande glazen springen
gaten in een onbeschreven lucht

– het geluid van brekend glas –

barst, net nu zij
een nieuwe zin begonnen was

© Nell Nijssen

(3e prijs Glas- en Poëziefestival Leerdam)

Herboren

iets heel zachtgeels ontwaakt
in mei; een nieuwe lente, nieuw begin
er groeit wat donzigs binnenin
door vlinderhanden aangeraakt

een ongarepte prilheid die volmaakt
de frisse wereld baart die ik bemin
er glinstert hoop; ik krijg zo’n zin
in leven dat naar groene appel smaakt

het breekt door schalen hardheid heen
verjaagt de laatste kilte uit de lucht
voedt mij met licht dat eens verdween

de pijn voorbij; een laatste zucht
ik drijf het beste uit mijzelf bijeen
koester de warm, volgroeide vrucht

© Nell Nijssen

(eervolle vermelding sonnettenwedstrijd “Ode aan de Lente”, uitgeschreven door NCRV’s DichtTalent)