Boodschapjes doen

boodschapjes

De Man kijkt nooit naar reclamefolders. a) Omdat het hem geen hout interesseert en b) omdat Echte Mannen wel iets anders aan hun hoofd hebben dan boodschapjes doen.

De druilerige zondagmiddag van gisteren bleek zich echter bij uitstek te lenen om – weliswaar met alle zichtbare tekenen van verveling – op oud foldermateriaal te herkauwen. Tjee, dan ontdek je nog eens wat! Zijn Sensodyne tandpasta in de reclame enne die lekkere jam, weet je wel, van dat Franse merk, enne ijs, ja, dat ook, enne sjokola, die goeie.

Dus ging De Man vanmiddag gewapend met boodschappenlijst naar Appie voor de immer noodzakelijke boodschapjes. Niet zijn kop of thee, want als er één een oplichter is, nou, dan is Appie het wel volgens hem. Prijsafspraken met zwaar onderbetaalde leveranciers, vaste contracten waardoor de Greenery geen voet tussen de deur kan krijgen, goedkoop Argentijns vlees dat reeds 5 jaar ingevroren is geweest enz.
Maar goed, in deze dure tijden doet een mens wat om op de kleintjes te letten.

Boodschappenronde

Al bij de kassa kwam de teleurstelling. Op de tandpasta en het ijs géén korting. Rap naar de klantenservice dan maar. Alwaar de dame met strenge blik De Man attendeerde op het feit dat hij geen Jokers had geplakt. Geen jokers, geen korting, voegde ze er beslist aan  toe. Bij dergelijke prietpraat doemen er voor ’s Mans ogen venijnige martelwerktuigen op. Gelukkig heeft hij intussen na 54 jaar geleerd dat alleen de juiste argumenten hout snijden in zo’n geval. Dus zegt hij braaf: dan plak jij er toch een sticker op. Die heb ik niet, zegt de dame, vastberaden haar klant niet tegemoet te willen komen.

De Man denkt na en zegt: “Goed, dan gaat de koop niet door. Doe alle boodschappen maar retour en geef me mijn geld terug”.
Dat vergt een hoop gedoe alvorens je dat correct in je kassasysteem verwerkt hebt. Bovendien oogde de dame alsof ze een zwaar weekend achter de rug had. Ze zuchtte duidelijk hoorbaar drie maal zó diep dat De Man bijna zijn merk tandpasta aan wilde bevelen.
Gelukkig bracht een toegesnelde hulpklaas de oplossing. Hij toverde jolig een boekje vol met stickers uit zijn toonbank, plakte die her en der op ’s Mans boodschappen en glimlachte vriendelijk, zoals geleerd op de  “hoe stel ik mijn klanten tevreden”-training.  Appie blij. Man blij.

Moraal van het verhaal.
1) Appie blijft een oplichter en doet doodleuk aan ontmoedigingsbeleid. M.a.w. als de klant pas thuis opmerkt dat hij de voorgespiegelde korting niet heeft gehad, is dat jammer voor hem. Eigen schuld, dikke bult. En Appie houdt meer geld in de kassa.
2) Door de invoering van die zinloze jokers, kun je de klant de illusie geven dat hij bovengemiddeld slim is. (Hij moet immers de stickertjes niet vergeten).
3) De klant is bij Appie, zelfs met jokers, duurder uit dan bij een andere supermarkt. De jokers worden ingezet in het geheel van prijsoorlogje en concurrentieslagje spelen. Appie probeert op deze kinderlijke manier gewoon meer spelers (= klanten) te trekken. Waarvan akte.

Frisse tonijnsalade

Johan frisse tonijnsalade

Op een kwade dag koop ik een bakje Johma frisse tonijnsalade. Niet dat het mijn favoriete broodbeleg is. Maar de vrienden op doorreis belden laat in de middag dat ze ’s avonds nog langs wilden komen. Dus met spoed naar de beste bakker. Gezwind naar Appie om her en der wat lekkers uit de schappen te grissen.

Het werd een heul gezellige avond. Herinneringen. Grappen en grollen. Koffie en thee met schwarzwalderkirschtaart. Eén fles wit en één fles rood en diverse franse kaasjes. Het stokbrood met frisse tonijnsalade wist de show te stelen. Als grote dissonant weliswaar.

Ik heb de leesbril er maar eens bij opgezet. Omdat het bakje nu toch leeg is. Omdat we geen van allen ziek geworden zijn. Maar meer nog omdat ik wil weten waar dit smaakloze smeersel uit samengesteld is.

Frisse tonijnsalade

Ik lees voor jullie: gekookte tonijn (45%), plantaardige olie, water, augurk, suiker, tomatenpuree, natuurazijn, scharreleigeel, gemodificeerd zetmeel, mosterd, zout, glucose-fructosestroop, verdikkingsmiddelen: Arabische gom/guarpitmeel/
xanthaangom, zuurteregelaar: natriumacetaat, conserveermiddelen: kaliumsorbaat (E211), voedingszuren: citroenzuur/melkzuur, groente-extract (doperwten/wortel), kleurstof: paparika-extract, citroensap, aroma, smaakversterkers: mononatriumglutamaat, dextrose, vispoeder, natuurlijk aroma, rookaroma, antioxydant E385, zetmeel, maltodextrine, plantaardig vet, glucosestroop, specerijen (bevat o.a. selderij), kruiden.

Het moeten wel erg geavanceerde fabrieken zijn, daar bij Johma. Hoe krijg je anders zo’n waslijst bestanddelen in zo’n ieniemienie bakje gestopt? Verontrustend als een fabrikant zoveel in een product propt om het maar enigszins de smaak te laten geven die overeenkomt met de naam.

Volgende keer maak ik mijn eigen frisse tonijnsalade weer. Met minder dan 8 ingrediënten: tonijn op olijfolie, waarvan ik het grootste gedeelte olie laat weglopen, gesnipperd bosuitje, 10 fijngehakte zwarte olijven, ½ eetlepel kappertjes, ½ eetlepel mayonaise, oregano, versgemalen peper en evt. een paar druppels citroensap. (Eventueel kun je er nog wat fijngesneden gedroogde tomaat aan toevoegen).

Prakken. Mengen. Proeven. En daarna nooit meer aan Johma durven denken.

Neuro-marketing

Neuro-marketing

Heel vroeger geloofde ik nog. Dat God bestond en dat AH zijn boodschappen louter uitstalde om de consument te plezieren. Dat je brood bij de bakker moest halen en wijn bij de slijter. Tot een merkwaardig fenomeen zijn intrede deed. Branchevervaging heette dat. Opeens lagen er bonbons bij het Kruidvat, gamba’s bij de slager en olijfoliën bij het tuincentrum. Waarna ook de neuro-marketing een heel eigen tak van sport werd.

Mijn ogen gingen open. De producent of winkelier doet helemaal niets om de consument te behagen, ze willen alleen maar dat wij alles – ik herhaal: alles – kopen wat zij in het schap zetten. Inspelen op de markt, noemen zij dat. Om de consument maar te doen geloven dat zij perfect luisteren naar hen. Het principe van: u vraagt, wij draaien.

Ja, ja. Nou, geef mijn portie maar aan Fikkie. Ik ken ze zo langzamerhand, de slim bedachte verkooptruukjes van de jongens en meisjes marketeers. Ze verdienen goud geld om de consument keihard te belazeren. Welk fatsoenlijk mens zit te wachten op producten als Raw Juice? Op schudflessen pannenkoekenmix? Of op drinkbare vezelrijke ontbijtjes? Op vitaminenwatertjes? Slim, slim, slim, je verpakt opgeklopte lucht, laat er een  tot de verbeelding sprekende afbeelding op los, voorziet dit alles van frisse kleurtjes en, tot overmaat van ramp, misleidende kreten die suggereren dat je met dit product écht aan je gezondheid werkt.

Neuro-marketing

Hoe dom kan de consument worden gehouden! Steeds meer bedrijven hebben in de gaten dat het brein de touwtjes in handen heeft en maken daar op hun eigen manier gebruik (of misbruik?) van. Het heeft alles te maken met onze rechter- en linker hersenhelft. Ze schakelen de wetenschap in om hen een handje te helpen. De vraag is immers niet langer: hoe plezieren we de consument? Maar: hoe plezieren we het brein van de consument? Neuro-marketing ….echt, het bestaat!!

Pas als je de moeite neemt de kleine lettertjes te lezen, kom je tot de slotsom dat de ingrediëntenlijst vaak bol staat van de kunstmatige geur- en smaakstoffen en dat de gezondheidsclaims niet waar gemaakt kunnen worden, simpelweg omdat er minder dan 1% van het werkzame bestanddeel in het product zit.

Hetzelfde geldt voor bonuskaarten, airmiles, klantenpassen en meer van dat soort ongerief. Daarover volgende keer meer.