Het grote IJsboek van Christophe Declercq

Het Grote IJsboek van Christophe Declercq

Heerlijk weertje! Ik geniet met volle teugen van deze ons toebedeelde overvloed aan zonnestralen. Jullie ook? Het enige wat de pret dan nog kan verhogen, is een verkoelend ijsje. En ijs is toch echt het lekkerste als je het zelf maakt. Enkele jaren geleden heb ik me een ijsmachine aangeschaft, een dure aankoop waarover ik lang getwijfeld heb of het dit wel waard was, maar die twijfel was na mijn eerste zelfgedraaide ijsje al snel verdwenen. Waarom zelfgemaakt ijs zoveel lekkerder is? Kijk eens even op de ingrediëntenlijst van het product, zou ik zeggen. Dan snap je het vanzelf. 

Of ik een onvervalste ijsliefhebber ben? Nee, dat denk ik eerlijk gezegd niet. Het is aan mij niet besteed, op het gemak van die Amerikaanse drieliterbakken leeg lepelen. Daarentegen ben ik altijd wel te porren voor een verfijnd ijskoud bolletje met een uitgesproken smaak. Karamel-zeezout bijvoorbeeld. Of chocolade-mint. Nomnomnom. Hoewel ik verschillende boeken over ijs maken in mijn boekenkast heb, is dit Grote IJsboek wel het summum van professionaliteit. De auteur, Christophe Declercq, is vakleraar banket en ijs aan de Brugse bakkerij-, slagerij- en hotelschool Ter Groene Poorte. Hij schreef eerder verschillende boeken over desserts (waaronder ook ijs), maar nu dus dit Grote IJsboek.

“Het grote IJsboek van Christophe Declercq” verder lezen

Deliciously Ella snel en makkelijk plantaardig koken

Deliciously Ella snel en makkelijk plantaardig koken

Tot zo’n vijf jaar geleden at ik nog op de gebruikelijke manier. Ofwel zoals de meesten van ons zijn opgevoed: eerst het gezonde, dan het zoet. Brood met vleeswaren, kaas én zoet. Maaltijden met pasta, rijst, aardappelen, groente en een bescheiden stukje verantwoord vlees. Op dat moment was ik al wel op weg om flexitariër te worden, maar een sappig biefstukje ging er nog steeds goed in, ook al bleef dat beperkt dat een keer in de veertien dagen. En hoewel ik altijd al een lezer van etiketten was (boodschappen doen met mij duurt echt uren, volgens mijn lieftallige huisgenoot) durfde ik nog klakkeloos een verpakking koek of snoep in ons karretje te laten glijden. Toen ik echter wat vage klachten kreeg van een lichtjes tegenstribbelende spijsvertering, veranderde er vanzelf iets in mijn mindset omtrent voeding.

Net als Ella Mills (Woodward) – van Deliciously Ella –  ben ik óók altijd op zoek naar verhelderende antwoorden, met name op de meest prangende vraag aller vragen, namelijk  “waarom?” Waarom protesteert mijn lichaam als ik (te) vet eet? Waarom krijg ik na het eten van tomaten altijd last van hooikoortsachtige verschijnselen? Waarom lig ik ‘s nachts wakker met een rommelende maag als ik buiten de deur gegeten heb? Na een zoektocht van meer dan drie jaar, kwam ik erachter dat ik behept ben met een histamine-tolerantie. In de reguliere geneeskunst kennen ze uitsluitend het woord allergie, alleen al het woord intolerantie kun je bij een allergoloog beter niet hardop uitspreken, het is onontgonnen gebied waar zij zich niet mee bezighouden. Er bestaan ook geen laboratoriumtests voor, dus besteden ze er geen aandacht aan.

“Deliciously Ella snel en makkelijk plantaardig koken” verder lezen

Een Kookboek door Seppe Nobels

Een Kookboek door Seppe Nobels

Al geruime tijd behoort vlees niet tot een vast onderdeel van de dagelijkse maaltijd in huize Eetplezier. Dat heeft meerdere redenen: a) ik was al nooit zo’n liefhebber van het kauwen op dood dier b) dierenwelzijn ligt me na aan het hart en als ik de beelden uit de bio-industrie zie, word ik acuut onpasselijk en c) de Hb-waardes in mijn bloed hebben me intussen duidelijk gemaakt dat noodzakelijke eiwitten heel gemakkelijk óók uit plantaardig voedsel gehaald kunnen worden. Dus is tegenwoordig mijn eerste vraag altijd: welke groente ga ik maken? Met al dat plantaardigs probeer ik zoveel mogelijk te variëren, van koken, pureren of stoven, tot roosteren en roerbakken. Soms verwerk ik alle left-overs in een grote pan kerrieragout, om dit vervolgens met drooggekookte rijst te eten. Ook heel prettig.

Nu wil ik mezelf absolouut niet als super healthy foodblogger presenteren: ik durf echt nog wel eens af te wijken en een stukje verantwoord vlees of vis naast mijn groenten te serveren. Zo eens in de veertien dagen, maar alle overige dagen geldt dus dat groenten de hoofdrol spelen.

“Een Kookboek door Seppe Nobels” verder lezen

The Pie Room van Calum Franklin

The Pie Room

Waar wij in Nederland onze meesterbakkers voornamelijk kennen van zoete, tongstrelende patisserie,  in Engeland heeft men speciale pasteibakkers. Want pies (spreek uit: paais) zijn hét ultieme volksvoedsel bij onze westerburen. Vaak komen we in Nederland niet verder dan een hartige taart met prei, ui en kaas, maar in het Verenigd Koninkrijk weten ze zo’n beetje alles wat eetbaar is te verstoppen in een korst- of bladerdeegje. Worst, rundvlees, garnalen, niertjes, kalkoen, het kan zo gek niet zijn of men weet er een pastei van te maken. Meestal weten ze die dan ook nog artistiek te versieren, waardoor er niet alleen tongstrelende, maar tevens oogstrelende kunstwerkjes ontstaan.

Calum Franklin is zo’n creatieve pasteibakker en meteen ook eentje van de bovenste plank. Of zoals Jamie Oliver op de cover van het boek The Pie Room stelt: “Calum is the Pie King”. In de gelijknamige bakkerij, gevestigd in hartje Londen, bakt deze Koning der Pasteien de meest fantastische creaties met deeg. Het doet de harten van veel Britten sneller kloppen om in deze karakteristiek ingerichte winkel annex brasserie iets van Franklins iconische creaties te kunnen kopen dan wel te consumeren. De befaamde beef Wellington, een pastei met kip, champignons en dragon of de Tatin met rode ui, wortel en hazelnoot: stuk voor stuk vechten deze gerechten hier om de gunsten van de klant. 

“The Pie Room van Calum Franklin” verder lezen

Joie de Vivre een ode aan de Franse keuken

Joie de Vivre een ode aan de Franse keuken

Drie hartsvriendinnen en een eeuwenoud Frans landhuis, de perfecte match om samen een relaxte tijd door te brengen. Aldaar dromerig uitkijken over de heuvels, uitgebreid reflecteren met elkaar en rust en ruimte vinden. De schoonheid van het Franse land bewonderen, om aan het eind van elke dag af te sluiten met het gezamenlijk bereiden van de heerlijkste gerechten, die uiteraard vergezeld worden van de nodige glaasjes wijn. Welke vrouw droomt daar nu niet van? 

Sacha de Boer (ex-nieuwslezeres en fotografe), Janine Smits (styliste) en Babs Assink (verslaggever) hebben het voorrecht deze droom enkele malen per jaar te mogen beleven. Op verschillende plaatsen in binnen- en buitenland delen ze met elkaar de liefde voor schoonheid, geschiedenis en eten en drinken. Hun meest favoriete plek is toch wel “Les Trois Marronniers”, het robuuste, doorleefde huis middenin de Bourgogne. Op de zolder daarvan ontdekt Janine een bijzonder kookboek uit 1873 met de titel “La cuisinière de la campagne et de la ville, ou la novelle cuisine économique”.

“Joie de Vivre een ode aan de Franse keuken” verder lezen

Bier in de keuken van Melissa Cole

Bier in de keuken

Bier is anno 2019 uitermate hip. Zo hip dat bier zelfs het obligate glaasje wijn van zijn voetstuk aan het stoten is. Want ook bij luxere gerechten wordt tegenwoordig steeds vaker gekozen voor beer-pairing. En ik geloof erin, ben er zelfs min of meer van overtuigd dat er goddelijke combinaties te bedenken zijn met het moderne gerstenat.

Er denkt toch zeker niemand meer aan het doodgewone pils, als we het over bier hebben? Nee, natuurlijk niet. Gelukkig. Elk weldenkend mens denkt bij bier aan de zgn. speciaalbieren. Blond, bock, stout, trappist, ale, dubbel, triple, tipa, lager, geuze, lambiek, allemaal bier met een specifiek karakter. Zelfs het zuurstokroze, maar o zo populaire Fruitesse, mag zich bier noemen volgens de wet. De man in huize Eetplezier doe je een groot plezier met stevige, donkere bieren

“Bier in de keuken van Melissa Cole” verder lezen