Varkensstoof met pruimen en uien

Varkensstoof met pruimen en uien

Nostalgie. Dat is het. Oude schriften, boeken of albums tegenkomen – ergens in een stoffig hoekje van een kast – er doorheen bladeren en langzaamaan wegdromen bij de herinneringen die het oproept. Je kunt er zomaar uren zoet mee zijn.

Een heel verleden trekt aan je voorbij, als je eenmaal aan het bladeren slaat. Het bruin-oranje veel te dikke serviesgoed, de zelf gehaakte keukengordijntjes *gruwel, gruwel, nooit meer aan denken*, je spiksplinternieuwe telefoon met kiesschijf, wijdpijpbroeken, veel te wilde haardossen, wankele druipkaarsen in een ouwe chiantifles, stiekeme glaasjes pisang ambon, rauwe ham met meloen, dikke lagen Boursin op toast (pas op de markt, dus moest er vaak geproefd worden) en tenslotte de nieuwkomer op eetgebied: de eeuwig walmende fonduepan die zorgdroeg voor een compleet beroete kamer. Waarna je de volgende dag met een bezwaard gemoed moest vaststellen dat soppen en poetsen aan jou totaal niet besteed was.

Enfin, in zo’n met weemoed doortrokken stemming bladerde ik door mijn zorgvuldig bewaarde recepten-knipselmap uit de jaren ’70. Het leverde de volgende varkensstoof met pruimen en uien op. Wat ik me nog kan herinneren is dat vriend en ik destijds van dit gerecht gesmuld hebben. Varkensvlees met pruimen … het is een klassieke combinatie, maar dat wisten we toen nog niet. En zoals het gaat met klassieke zaken: ook anno 2017 smaakte dit gerecht nog steeds opperbest!

Varkensstoof met pruimen en uien

Ingrediënten: (4 pers)
650 gr varkensschouder, in blokjes
2 eetl olijfolie
½ theel kaneel
½ theel zwarte peper
1 theel gedroogde tijm
2 uien, gesnipperd
1 eetl rode wijnazijn
½ eetl dijonmosterd
350 ml droge witte wijn
3 teentjes knoflook, fijngehakt
4 wortels, in blokjes
1 laurierblaadje
375 ml groenten- of kippenbouillon
zout, peper
1 eetl boter
1 eetl suiker
15 – 20 zoetzure zilveruitjes
16 gedroogde gewelde pruimen

Bereidingswijze:
Meng de olie met de kaneel, peper, tijm en rozemarijn en meng deze door het vlees.

Verhit een stoofpan met zware bodem, voeg het vlees toe en doe het deksel op de pan. Bak het vlees op middelhoog vuur circa 5 minuten.
Neem het deksel eraf en bak het vlees al omscheppend nog circa 10 minuten tot het aan alle kanten bruin is.
Haal het vlees uit de pan en houd het apart.

Zet het vuur lager en bak de uien tot ze zacht en goudgeel zijn. Neem ze uit de pan en bewaar bij het vlees.

Voeg de wijnazijn, mosterd en één derde van de wijn toe aan de pan. Verhit tot het kookpunt en roer de aanbaksels goed los van de bodem. Laat alles in circa 8 minuten inkoken tot een stroopachtig geheel.
Voeg nogmaals één derde van de wijn toe en kook dit opnieuw in. Herhaal deze stap nog één keer met de rest van de wijn.

Voeg nu de knoflook, wortel en laurierblad toe en bak dit 1 minuut. Voeg de bouillon toe, breng het aan de kook en doe het varkensvlees en de uien er weer bij. Breng op smaak met peper en zout. Laat het op een heel laag vuur 45 à 60 minuten stoven.

Breng in een steelpannetje de boter, suiker en 60 ml water met de zilveruitjes aan de kook. Kook ze op laag vuur tot de uitjes bruin en gekarameliseerd zijn. Houd ze apart.

Een kwartier voor het einde van de stooftijd, kun je de uitjes en pruimen toevoegen. Warm alles nog goed door en proef of het vlees zacht genoeg is. Verwijder dan het laurierblad.

Dit gerecht is lekker met aardappelpuree en sperzieboontjes of rode kool.

Herfst in het hoofd

En dan opeens is het kil. En te vroeg donker. Wordt het herfst in mijn hoofd. Mis ik de koele, witte wijntjes. Het buiten zijn, de geur van lavendel en rozemarijn. Pas gemaaid gras. Een zon die niet onder lijkt te gaan.

Dan opeens ontdek ik de eerste spruitjes. Zuurkool. Aankondigingen van kerstshows. Wil ik helemaal nog geen trui of warme sokken. Negeer ik stoïcijns mijn waterige neus. Mijn elk jaar kouder lijkende voeten.

Ik kan het niet tegenhouden. Elk jaar hetzelfde gevecht. En altijd wint de natuur. Moet ik toegeven aan mijn behoefte aan stamppotten met spek. Aan Soep. Kruidigheid. Gember. Kaneel. Oliebollen. Glühwein. Gepofte kastanjes.

Aan gezelligheid en waxinelichtjes van Verkade. Boudewijn de Groot en Adamo. Vlooienspel op het pluchen kleed. Een snorrende kachel met roze ruitjes. Drie wollen dekens en ijsbloemen op de ramen. Tikkende breinaalden. De Flinstones en de Comedy Capers. Nepchocolade muizen. Het zilveren engeltje dat zo haar best deed om elk jaar weer ongeschonden uit het vloeipapier tevoorschijn te komen.

Ik ben geen engel. Eigenlijk ben ik best een beetje veel een Echt Mens. Dat op dit moment het liefst de dekens over zich heen wil trekken. Om een winter lang onder te duiken in de geborgenheid van warme dromen en nostalgische herinneringen. En pas samen met de krokusjes te ontwaken als er een vrolijk Lenteliedje klinkt.