Gevulde courgettes met geitenkaas van Jeroen Meus

gevulde courgettes met geitenkaas en warme tomatendressing

Opnieuw een heerlijk vegetarisch recept van Jeroen Meus. Gevulde courgettes met geitenkaas. Ik ben dol op zijn kookstijl. Niet alleen omdat hij er een enorme portie Vlaamse gemoedelijkheid in weet te stoppen. Hij presenteert het ook alsof zijn gerechten in een vloek en een zucht te maken zijn. Dat is niet helemaal waar. Ik heb best wat werk gehad aan deze gevulde courgettes met geitenkaas.

gevulde courgettes met geitenkaas

en een warme dressing van tomaat en balsamico.

Ingrediënten:
125 g verse geitenkaas (zonder korst)
3 (kleinere) courgettes
2 sjalotten
1 teentje look
enkele takjes verse tijm
enkele takjes verse oregano
10 g paneermeel (bij voorkeur panko)
een scheutje olijfolie
peper
zout

de warme tomatenvinaigrette:
4 tomaten
2 sjalotten
2 dl olijfolie
4 eetlepels balsamicoazijn
1 eetlepel kappertjes
enkele sprieten verse bieslook
peper
zout

Bereidingswijze:
Was de courgetttes en snij de topjes er van af. Snij ze nu in gelijke ‘tonnetjes’ van minstens 5 cm hoog.

Schep er met de Parisennelepel het vruchtvlees van de courgette uit tot je een diep kuiltje krijgt. Hou de bolletjes vruchtvlees bij.

Zet de uitgeholde stukken courgette in een ovenschaal met een scheutje olijfolie.

Voor de vulling snij je de stukjes vruchtvlees van de courgettes in fijne stukjes. Versnipper ook de sjalotjes en plet de look tot pulp.

Zet een pot op het het vuur, en schenk er een scheutje olijfolie bij. Verhit de olie op een zacht vuur en stoof daarin de stukjes courgette, de sjalot en de look.

Neem een mengschaal en verbrokkel daarin de verse geitenkaas (stevige kaas, zonder korst).

Rits de blaadjes van de tijm en hak de kruiden fijn. Doe hetzelfde met de oregano. (Gebruik een hoeveelheid verse kruiden naar smaak.) Voeg ze toe aan de kaas.

Doe de gestoofde groentjes in de schaal met de kaas en meng alles tot een smeuïg mengsel. Kruid naar smaak met een snuifje zout en wat peper van de molen.

Doe het kaas-groentemengsel in de spuitzak, snij de tip eraf en vul daarmee de courgettetonnetjes. (Je kan de courgettes uiteraard ook vullen met behulp van een vorkje of een kleine lepel.)

Strooi ten slotte nog een beetje broodkruim over de gevulde courgettes voor een knapperig korstje.
Verwarm de oven voor op 180°C en bak de courgettes 10 tot 15 minuten in de hete oven.

de warme tomatenvinaigrette

Pel de verse tomaten. Breng daarvoor een pannetje water aan de kook. Snij intussen een kruisje in de top van elke tomaat. Dompel de tomaten 15 tellen lang onder in het hete water. Spoel ze onmiddellijk onder koud stromend water. Nu kan je heel eenvoudig de schil verwijderen.

Verdeel elke tomaat in vier, verwijder de zaadjes, en snijd het stevige vruchtvlees in blokjes.

Pel de sjalotten en snipper ze fijn.
Zet een diepe pan (of een kleine kookpot) op een zacht vuur. Verwarm de flinke hoeveelheid olijfolie in de pan, samen met de balsamicoazijn. Voeg een snuif zout en wat peper van de molen toe.

Doe de stukjes tomaat en sjalot in de warme vinaigrette, samen met de kappertjes (hoeveelheid naar smaak) en wat fijngesnipperde bieslook

Laat de stukjes tomaat enkele minuten zacht sudderen, maar zorg ervoor dat ze niet plat gekookt zijn.

Cilindertjes courgette gevuld met geitenkaas en warme tomatendressing

Plenty

Cover Plenty van Yotam Ottolenghi

Meteen bij de eerste blik op de goudkleurige letters op de maagdelijk witte kaft van Plenty wist ik dat ik verkocht was. Toen ik daarna ook nog ‘ns de naam Yotam Ottolenghi zag staan, tastte ik al voorzichtig naar mijn portemonnee. Wat een magnifiek boek is dit! Een vegetarisch kookboek zonder de geur van geitenwollen sokken, zonder de afschuwelijke vleesvervangers als tahoe en tofu, maar barstensvol recepten met groenten, granen en kaas. En dat allemaal te zien op werkelijk schitterende foto’s.

In tegenstelling tot de meeste vegetarische kookboeken, die over het algemeen nogal saai zijn, heeft Ottolenghi in Plenty een sjieke twist weten te geven aan zijn recepten. Hij weet het alledaagse minder alledaags te maken, dat is bijna kunst met een grote K.

Yotam Ottolenghi zit bepaald niet stil op culinair gebied. Zo heeft hij een restaurant en een aantal eetwinkels in Londen. Zijn originele gerechten met groenten en granen bleven niet onopgemerkt, waardoor hij door Guardian gevraagd werd om vegetarische columns te schrijven voor hun weekendbijlage. Plenty is deels een verzameling van deze gepubliceerde recepten, gecombineerd met nieuwe gerechten.

Door de vele, niet al te moeilijke gerechten is dit boek zeker een aanrader. Het is fijn om een boek in handen te hebben waarbij je niet om de vlees- en visgerechten heen hoeft te lezen en wat uitdaagt om verder te denken dan een quiche of salade. Daarbij is de kans bijzonder groot dat je na het lezen direct naar de markt wil gaan om vervolgens een heel weekend in de keuken door te brengen.

Moedereten

Moedereten

Het moet maar eens gezegd: ik ben trots op mijn moeder. Zij is van ver voor de oorlog en heeft in veel gevallen een ijzeren discipline. Al meer dan 10 jaar dekt ze een halve tafel. Voor haar alleen, want papa eet helaas al 13 jaar niet meer mee. Ze heeft een vast eetpatroon, gebaseerd op een bloemig aardappeltje en veel verse groenten. Tezamen met een stukje vlees of vis vormt dit haar dagelijkse maaltijd. Moedereten noem ik het. Altijd voorafgegaan door een Westmalle triple. Vaste prik om 16.30 uur glijdt het gerstenat naar binnen.

Verder nooit iets anders als volkoren brood, bescheiden belegd met kaas, rookvlees, ham of een gekookt eitje. En ’s morgens om half 11 een groot glas vers geperst sinaasappelsap. Eens in de week koopt ze iets exotisch, een ananas, een mango of kiwi’s.

Nodig mijn moeder ook gerust uit, want afgezien van rood vlees en wild, lust ze werkelijk alles. Van oesters tot bloedworst, van geitenkaasmousse tot currykip. Je hebt een dankbare eter aan haar. Tijdens dineetjes in een restaurant en bij de supergezellige fine dining-avondjes bij  mijn schoonzus, kijken de Man en ik met ontzag naar de hoeveelheden voedsel die ze weet te verwerken, inclusief de nodige glaasjes wijn. En dat allemaal terwijl haar gewicht nog nooit boven de 52 kg is uitgekomen.

Eten is voor mam elke dag genieten. Ze kijkt vanaf haar middagboterhammetje uit naar de avondmaaltijd. Die ze weliswaar bijna altijd zelf moet bereiden, maar dat heeft ze er graag voor over.

Ze heeft bijna nooit griep, ze is zelden verkouden, heeft weinig tot geen last van stijve of onwillige gewrichten. Kortom een vitale vrouw van 81. Ik ben er stellig van overtuigd dat al die vitamientjes bijgedragen hebben aan haar fitte constitutie. Het lichaam is als een machine, smering en onderhoud zorgt voor een lange levensduur.

Mijn moeder is van duurzaam hardhout. En ik ben haar bordkartonnen replica 😉

Zeekraal (salicornia europaea)

Zeekraal

Wilde zeekraal (salicornia europaea) is een zoutminnend gewas dat groeit op schorren, een buitendijks stuk land dat tijdens vloed onder water komt te staan. Bij eb kun je het schor betreden en de heerlijke zeekraal snijden. In Zeeland eten ze deze zilte groente dan ook al generaties lang. Tezamen met vis vormt zeekraal een voortreffelijke maaltijd.

Hoewel ik zelf uit West-Brabant kom, denk ik nog vaak met weemoed terug aan de dagen dat papa ons Dafje startte, laarzen, emmers en een scherp mes in de kofferbak gooide en wij richting de schorren achter Rilland-Bath vertrokken. Begin jaren ’80 kon dat nog. Het stond iedereen vrij te snijden zoveel hij wilde. ’s Avonds werd dat smullen!

Zeekraal (salicornia europaea)

Momenteel staat er nog maar heel weinig zeekraal op de schorren in Zeeland. Toen de Oosterschelde-werken kwamen, werd het getij anders. Er kwam minder eb en vloed, dus er komt nog nauwelijks water op de schorren. Om de natuur te beschermen, mag er slechts mondjesmaat voor commerciële doeleinden worden gesneden. De provincie Zeeland geeft 285 ontheffingen uit in het kader van de Natuurbeschermingswet. Daarmee mag de vergunninghouder 1 kilo zeegroente per dag snijden voor eigen gebruik op aangewezen plaatsen rond de Oosterschelde Met dergelijke hoeveelheden kun je nooit in de vraag ernaar voorzien.

Het is dus zeer waarschijnlijk dat de zeekraal die je koopt op/bij de (super)markt uit Frankrijk komt. In de zomer mag daar onder strikte richtlijnen nog worden gesneden. Wat ook steeds meer in de handel komt is de gekweekte versie. Deze zeekraal komt van binnendijkse percelen. In de winter wordt zeekraal zelfs ingevlogen, vanuit Israël – waar de groente op land wordt gekweekt in kassen met aangezout woestijnwater – of in Mexico, waar water van de Pacific wordt gebruikt. Gekweekte zeekraal is een stuk minder zout dan de wilde. De echte Zeeuw proeft dat meteen.

Zeekraal is, naast asperges, voor mij het toppunt van lekker eten. Ik eet het zo vaak ik kan en probeer altijd de wilde versie te kopen. Op dit moment is er nog maar één adres waar ik erop kan vertrouwen dat “wild”’ echt “wild” is. Als je me mailt, wil ik het adres wel verklappen. Gewoontegetrouw eet ik er vis bij, omdat die twee producten bijna een symbiose zijn. Voor een zoutbekje als ik eet ik dan altijd teveel. Dat is niet erg, want zowel zeekraal als vis zijn arm aan calorieën, dus who cares??

Boodschapjes doen

boodschapjes

De Man kijkt nooit naar reclamefolders. a) Omdat het hem geen hout interesseert en b) omdat Echte Mannen wel iets anders aan hun hoofd hebben dan boodschapjes doen.

De druilerige zondagmiddag van gisteren bleek zich echter bij uitstek te lenen om – weliswaar met alle zichtbare tekenen van verveling – op oud foldermateriaal te herkauwen. Tjee, dan ontdek je nog eens wat! Zijn Sensodyne tandpasta in de reclame enne die lekkere jam, weet je wel, van dat Franse merk, enne ijs, ja, dat ook, enne sjokola, die goeie.

Dus ging De Man vanmiddag gewapend met boodschappenlijst naar Appie voor de immer noodzakelijke boodschapjes. Niet zijn kop of thee, want als er één een oplichter is, nou, dan is Appie het wel volgens hem. Prijsafspraken met zwaar onderbetaalde leveranciers, vaste contracten waardoor de Greenery geen voet tussen de deur kan krijgen, goedkoop Argentijns vlees dat reeds 5 jaar ingevroren is geweest enz.
Maar goed, in deze dure tijden doet een mens wat om op de kleintjes te letten.

Boodschappenronde

Al bij de kassa kwam de teleurstelling. Op de tandpasta en het ijs géén korting. Rap naar de klantenservice dan maar. Alwaar de dame met strenge blik De Man attendeerde op het feit dat hij geen Jokers had geplakt. Geen jokers, geen korting, voegde ze er beslist aan  toe. Bij dergelijke prietpraat doemen er voor ’s Mans ogen venijnige martelwerktuigen op. Gelukkig heeft hij intussen na 54 jaar geleerd dat alleen de juiste argumenten hout snijden in zo’n geval. Dus zegt hij braaf: dan plak jij er toch een sticker op. Die heb ik niet, zegt de dame, vastberaden haar klant niet tegemoet te willen komen.

De Man denkt na en zegt: “Goed, dan gaat de koop niet door. Doe alle boodschappen maar retour en geef me mijn geld terug”.
Dat vergt een hoop gedoe alvorens je dat correct in je kassasysteem verwerkt hebt. Bovendien oogde de dame alsof ze een zwaar weekend achter de rug had. Ze zuchtte duidelijk hoorbaar drie maal zó diep dat De Man bijna zijn merk tandpasta aan wilde bevelen.
Gelukkig bracht een toegesnelde hulpklaas de oplossing. Hij toverde jolig een boekje vol met stickers uit zijn toonbank, plakte die her en der op ’s Mans boodschappen en glimlachte vriendelijk, zoals geleerd op de  “hoe stel ik mijn klanten tevreden”-training.  Appie blij. Man blij.

Moraal van het verhaal.
1) Appie blijft een oplichter en doet doodleuk aan ontmoedigingsbeleid. M.a.w. als de klant pas thuis opmerkt dat hij de voorgespiegelde korting niet heeft gehad, is dat jammer voor hem. Eigen schuld, dikke bult. En Appie houdt meer geld in de kassa.
2) Door de invoering van die zinloze jokers, kun je de klant de illusie geven dat hij bovengemiddeld slim is. (Hij moet immers de stickertjes niet vergeten).
3) De klant is bij Appie, zelfs met jokers, duurder uit dan bij een andere supermarkt. De jokers worden ingezet in het geheel van prijsoorlogje en concurrentieslagje spelen. Appie probeert op deze kinderlijke manier gewoon meer spelers (= klanten) te trekken. Waarvan akte.

Noordzeekrab met zeekraal

Salade van Noordzeekrab met zeekraal



Vers scharenvlees van de Noordzeekrab is een delicatesse. Veel mensen kiezen liever kreeft of King crab, maar de Noordzeekrab is minstens zo delicaat en fijn van smaak als zijn duurdere soortgenoten.

Dit keer kookte ik de krab niet zelf, maar kocht het bij één van de fijnste adresjes op Schouwen-Duiveland, nl dat van Sam Uil. Helaas was hij met zijn bootje uit varen, dus het stukje over deze authentieke kreeftenvisser houd je te goed.

De Noordzeekrab is de krachtpatser onder de krabben. Hij is heel breed, heeft grote scharen, een dik pantser en vertrouwt op zijn stevige bouw om zich te beschermen tegen vijanden. Noordzeekrabben eten van alles, maar zijn specialisten in het kraken van schelpdieren. De krab is traag maar sterk, hij kan met zijn scharen makkelijk een potlood breken! De Noordzeekrab is de enige krabbensoort waar in Nederland op gevist wordt. Het vlees uit de scharen wordt in sommige landen als een echte lekkernij beschouwd.

De Noordzeekrab komt algemeen voor langs de kusten van de Noord-Oost Atlantische Oceaan en de Noordzee, tussen de 25 en 300 meter diep. Vlakbij de kust komen alleen jonge dieren voor. Hij leeft vooral op stenige ondergrond, rotsen en wrakken.

Noordzeekrab met zeekraal

Goed, over van de theorie naar de praktijk. Vermeng het krabvlees met twee hardgekookte eieren, twee ragfijn gesneden stengeluitjes, een schepje mayonaise en peper en zout. Eronder gewokte zeekraal. Puur zee in je mond!

Het ziet er op de foto misschien niet uit, maar bij dergelijke gerechten hoort geen opsmuk. More is less, in zo’n geval. Of zoals Jeroen Meus zegt: meer moe da nie zijn, se.