Communicatie anno 2017

Communicatie anno 2018



Gisteren zat ik – geheel bij toeval – in de lounge van een bekend hotel in een Vlaamse hoofdstad. Deze lounge wordt tevens gebruikt als koffie- en theeruimte. Beetje ongezellige ruimte met zo’n in- en uitcheckbalie voor je snufferd, het geluid van rollende koffers en haastige personen. Gelukkig brengt de communicatie anno 2017 een oplossing. Niemand kijkt daadwerkelijk om zich heen.

Terwijl ik daar van mijn Dilmah groene thee à la morocco zit te nippen en G. van zijn onafscheidelijke espresso, zie ik links van ons drie personen aan een tafeltje zitten, allen zonder aandacht voor elkaar. Wat ze dan wel doen? Uitvoerig op hun telefoon turen. Rechts leunt een mondaine jongedame, gekleed in een harig jasje, kort rokje en zwarte kaplaarzen, tegen de muur. Ze omklemt haar spierwitte I-phone als was het haar baby die afgepakt dreigt te worden.  Met haar beide duimen tikt ze driftig op het scherm.

Ik weet niet wat ik me erbij moet voorstellen. Controleert ze of haar vlucht niet gecanceld is? Zegt ze haar vriendje definitief de wacht aan? Maakt ze alvast een afspraak voor haar volgende beautybehandeling? Allerlei scenario’s passeren mijn geestesoog. Oordelen. Vooroordelen. Ik weet het. Misschien informeert ze wel naar de gezondheid van haar jongste kind, nu mama genoodzaakt was een paar dagen het huiselijke nest te verlaten voor een zakelijke bijeenkomst.

De meeste verbazing wekt echter het tafeltje achter ons waar acht mannen omheen zitten. Jonge mannen. Gemiddelde leeftijd: 25. Acht personen. Zes telefoons. Twee personen voeren een normaal gesprek. Eén persoon heeft zijn telefoon aan een laptop hangen. Vanuit mijn ooghoeken – ik hoef er niets eens veel moeite voor te doen – ontdek ik een grafiek. Het gezicht van de jongeman drukt bezorgdheid uit. Met de beste wil van de wereld kan ik niet bedenken waar zijn ongerustheid vandaan komt. En als ik het niet begrijp, heeft het vaak iets met geld te maken.

Maar goed, wat wil ik met dit alles nu eigenlijk zeggen? Dat de wereld zo veranderd is? Ach, dat is niets nieuws. Onze oma’s en opa’s verwonderden zich ook al over de veranderende tijdgeest. Dus nee, dat is het niet. Tijd vliegt vooruit en is niet terug te draaien. Gisteren is verleden, morgen is toekomst. That’s life.

Stoort het me dat we (wij) geen normaal (lees mondeling) contact meer hebben met elkaar? Ook niet, want zelf dobber ik lustig mee op de diverse social mediabootjes. En geheel niet tegen mijn zin, laat dat vooral duidelijk zijn. Soms zou ik zelfs willen dat internet ook in mijn jeugd al bestaansrecht had gehad. Dan had ik niet dagenlang met spanning op de postbode hoeven te wachten, in de hoop dat hij een liefdeskaartje van mijn vriendje bij zich zou hebben. Het had me talloze bezoekjes aan de bibliotheek bespaard, als ik weer eens iets na wilde zoeken voor een scriptie. Want eerlijk is eerlijk: door de komst van internet ligt de volledige wereld, inclusief alle soorten van informatie, aan je voeten, nietwaar?

Maar als het allemaal geen afkeer van het nieuwerwetse is, wat is het dan wel dat je zo intrigeert, vrouwtje Eetplezier? Na enig gepieker ben ik er wel uit. Waarschijnlijk mis ik de ogen van de ander om te peilen hoe de emotionele vlag erbij hangt. Ogen weerspiegelen onderhuidse gevoelens en geven subtiele veranderingen weer. Zeg nou zelf: in een face-to-face gesprek heeft toch niemand emoticons nodig?

En juist die non-verbale signalen mis ik op de hedendaagse schermpjes. Zonder oogcontact geen levenslustige twinkel of opgetrokken wenkbrauw. Geen verwijde pupil die blijdschap toont. Nooit een glanzend oog dat onderliggende tranen verraadt. Maar wat ik toch vooral mis zijn die sterren die uit jouw ogen spatten en die mij het gevoel geven dat het voor jou écht belangrijk is wat ik vertel. Misschien helpt het als we elkaar juist dát wat meer kenbaar maken in al onze mailtjes, app’jes, berichtjes en reacties. Of zoals we dat ten tijde van de lieve, grappige, ontroerende ansichtkaartjes zeiden: kleine moeite, groot gebaar!

Zaterdag is de beste dag van de week

Zeeuws spek zelf maken



Als iemand die ijsjes staat te verkopen op de Zuidpool. Zo voel ik me op deze zaterdag. Zo’n dag dat er niemand op mij zit te wachten. Oké, het grote voordeel is wel dat het rust en ruimte schept in het vaak rusteloze hoofd.

Eerst moet ik nodig een goede vriendin bellen. Of ze geen boodschappen nodig heeft met het weekend voor de deur. Volgens de papieren mag ze na haar staaroperatie weliswaar alles doen, maar wel op het gemakkie. En sinaasappels of aardappelen sjouwen is best een heftig ding. Gelukkig is alles in orde met haar en heeft ze nog voor drie weken eten in huis.

Mooi. Dan kan nu de dag echt beginnen. Het plan is een recept uit het boek Simple Food van van Sergio Hermans te maken. Het befaamde Zeeuwse spek, naar een DIY recept. Helemaal onvoorbereid ben natuurlijk ik niet. Het 1 kg wegende stuk Livar buikspek ligt al een dag geduldig te wachten, tot hij in zijn pekelbadje mag. Het is echter juist dat pekelbadje dat me nu enige kopzorgen baart. Volgens het recept moet ik suiker, zout en kruiden mengen. Ja? En dan? Ik zie nergens een hoeveelheid water staan. Potjandorie. Google erbij dan maar. Daar lees ik over het zgn “droogpekelen” waar expliciet bij spek voor gekozen wordt. Holy Mozes, saved by the bell! 

Het zou totaal niet ondenkbeeldig geweest zijn als ik er, navigerend op eigen gevoel en intuïtie, een litertje water bij gekieperd zou hebben. Wat een ergernis toch, recepten die niet volledig zijn. Niet elke amateurkok heeft een vrachtwagen aan basiskennis in zijn culinaire rugzak. Hoppa, het spek ligt eindelijk in zijn verwenbadje. Hij/zij mag er 24 uur in vertoeven, om daarna voor 48 uur in de marinade te gaan. Het zijn best ingewikkelde zaken, zo’n Zeeuws spekje from scratch in je eigenste keukentje maken. Maar een beetje experimenteren met culinaire zaken blijft altijd leuk. En bovendien zit er toch niemand op mij te wachten vandaag.

Dus rommel ik nog wat verder met potjes en pannetjes. Bereid een frittata met aardappel, uien en veel kruiden voor. Was de sla en maak guacamole. Rooster puntpaprika’s, doe ze door de blender en schep er een fikse lepel ricotta met balsamico en pepersaus door. Dit resulteert in een smakelijk smeersel voor op een toastje.

Als het eenmaal 16.00 uur is, begin ik toch opeens het vermoeden te krijgen dat er best wel eens iemand op me zou kunnen wachten. Nou, komaan dan, laat de zaterdag maar beginnen! Voel je welkom. Ontkurk de wijn. Schuif aan. Eet. Drink. Vier het leven!

P.S. Het recept voor het zelfgemaakte Zeeuws spek houden jullie van mij te goed!

Gevulde paprika met auberginecrème, rijst en feta

Gevulde paprika met auberginecrème



In het boek Simple Food van Sergio Herman staat dit recept voor gevulde paprika. Het idee ervoor komt van zijn voormalige souschef Filip Claeys, die deze gevulde paprika met auberginecrème maakte als hij aan de beurt was om de personeelsmaaltijd te verzorgen. Sergio gaf er zijn eigen draai aan en gebruikte er puntpaprika’s voor. Vrouwtje Eetplezier zag, na enige bestudering van het recept, dat de hoeveelheid vulling veel te veel zou worden voor 2 platte puntpaprika’s. Bovendien waren er supergrote, mooie “gewone” paprika’s in de aanbieding. Ideaal om te vullen en dus voor dit recept!

Gevulde paprika met auberginecrème, rijst en en feta

Ingrediënten: (voor 4 personen)
2 grote rode paprika’s
olijfolie
zwarte peper van de molen
zeezout
1 gesnipperde ui
mespunt geperste knoflook
500 gr gehakt half om half
1 fijngesneden verse chilipeper
2 theelepels kardemompoeder
2 theelepels kaneelpoeder
3 theelepels gemalen korianderzaad
300 gr oesterzwammen
300 gr auberginecrème (zie hieronder)
250 gr gekookte basmatirijst
4 gepelde tomaten, brunoise gesneden
halve bos peterselie, gehakt
halve bos koriander, gehakt
100 gr feta

Voor de auberginecrème:
3 aubergines
2 theelepels ras el hanout
peper van de molen
zeezout
mespunt geperste knoflook
2 dl olijfolie
4 eetlepels Griekse yoghurt

Bereidingswijze:
Begin met het maken van de auberginecrème.
Verwarm de oven voor op 180˚.
Was de aubergines en snijd ze doormidden.
Kruid met ras el hanout, zwarte peper, zeezout, knoflook en olijfolie.
Rooster in de oven tot het mooi korstje ontstaat, wikkel in aluminiumfolie en pof verder.
Haal het vruchtvlees uit de schil en mix de massa glad met de yoghurt en olijfolie.
Breng op smaak met peper en zeezout. Zet apart.

Snij de paprika’s doormidden, verwijder de zaadlijsten en leg ze in een ovenschaal.
Besprenkel de paprika’s met olijfolie en kruid met zwarte peper en zeezout.
Zet de ovenschaal in een voorverwarmde oven van 180˚ en laat circa 10 minuten voorgaren.

Zet ondertussen een pan op met wat olijfolie.
Bak de ui en knoflook kort aan en voeg het gehakt en de fijngesneden chilipeper toe.
Kruid af met zwarte peper van de molen, zeezout, kardemom, kaneel en koriander.
Voeg de oesterzwammen toe en bak ze mee.
Meng nu de auberginecrème onder het gehakt (op zacht vuur) en voeg tenslotte de rijst toe.
Meng alles grondig door elkaar.
Proef en kruid indien nodig bij.
Werk het gehakt af met de tomatenblokjes, peterselie en koriander.

Vul de paprika’s rijkelijk met het gehaktmengsel en strooi er blokjes fetakaas over.
Schuif in de oven en laat dit 20-25 minuten bakken.
Het vel van de paprika’s mag best een beetje geblakerd zijn hier en daar. Ze zijn dan lekker zacht.

Serveer dit met een frisse salade erbij!
Gevulde paprika met auberginecrème

Terug op aarde

Terug op aarde



Woensdag. Verkiezingsdag. Eindelijk. Tot de avond ervóór heb ik gezweefd. Eigenlijk best een fijn gevoel, dat richtingloze zweven. Het kon wat mij betreft nog alle kanten op. Politiek gezien dus. 

En hoewel ik van nature een heuse rooie rakker ben (iedereen mag het even goed hebben, een ieder mag aanschuiven, gemoedelijk drinken we een fair-Trade kopje thee, pakken elk een koekje uit de collectieve koektrommel en keuvelen uitputtend over een fatsoenlijk bestaan voor iedereen), zijn er toch echt dit jaar twijfels over het partijtje dat mijn belangen zou moeten vertegenwoordigen. Dus koekeloer ik voorzichtig eens wat meer naar rechts. Om vervolgens te moeten concluderen dat dat toch echt mijn stiel niet is of ooit zal worden. 

Tijdens het grote verkiezingsdebat land ik gelukkig met beide voeten terug op aarde. In mijn eigen vette Zeeuwse klei. Tussen het welbespraakte volkje zie ik plotseling die gewone man. Een eenvoudige, vredelievende man die zonder al te veel electoraal geneuzel probeert de kerntaken van zijn partij naar voren te brengen. En plotseling zie ik pap in hem.

Kijk nou, mijn eigen lieve vader spreekt de kiezer toe. Toe, alsjeblieft mensen, niet teveel flauwekul boven halen. Geen geouwehoer. Het leven van alledag moet geleefd worden, met handen die zorgen voor elkaar, met ogen die zicht houden op de realiteit, met een hart dat groot genoeg is om ieder van ons te herbergen, met gezond verstand dat wil samenwerken en niet elke onenigheid wil uitvechten. Laten we vooral niet zo moeilijk doen.

Eenmaal in het stemhokje komen hoofd en hart samen. De verbinding is compleet. Mijn potloodje zweeft nog even, zoekend naar het juiste vakje, maar landt dan toch bij de juiste persoon. Hè, hè, dat lucht op. Driftig kras ik verder tot het vakje dieprood naar me lijkt te knipogen. Goed gedaan, mompelt er iemand vanaf mijn schouder: op het juiste moment de macht gepakt.

Snelle flapjacks op de manier van Mary Berry



Kijk, je hebt gezond en iets minder gezond. Beter gezegd: ongezond. Van het eerste mag/moet je véél eten en van het tweede wat minder. Veel minder eigenlijk. Maar al die keren dat je iets ongezonds naar binnen werkt, laat het dan in vredesnaam wel van goede kwaliteit zijn. Zelfgemaakt, zonder onnozele kunst- en hulpmiddelen. Met echte roomboter uiteraard, zoals in deze snelle flapjacks.

En ja hoor, wees vooral niet ongerust: deze lekkernij is echt vet. Dat kun je al zien aan de verhoudingen in het recept. Doet er niet toe, gewoon lekker opsnoepen die handel. En van genieten natuurlijk. Bak deze flapjacks niet te lang, want dan worden ze hard en donker. Ze horen lekker chewy te zijn. Zoet, vet met een beetgare bite. En o, de havermout erin zorgt voor het opheffen van al die ongezonde tegenhangers. Toch? Zeg volmondig Ja en je gaat er vanzelf in geloven … 😁

Snelle flapjacks

Ingrediënten: (24 stuks)
225 gr boter
225 gr ruwe rietsuiker
75 gr golden syrup
275 gr havermout

Bereidingswijze:
Verwarm de oven voor op 160˚.
Vet een ondiepe bakvorm of braadslede van 30 x 23 cm in en bedek de bodem met bakpapier.

Smelt de boter in een grote pan met de suiker en golden syrup.
Roer de havermout door het mengsel.
Meng het geheel goed, doe het in de bakvorm en druk het goed aan met een glaceermes of de achterkant van een lepel.

Bak het mengsel tot het goudbruin is, afhankelijk van je oven kan dat variëren van 20 tot 35 minuten.
Haal het uit de oven en laat het 10 minuten afkoelen.
Snijd er 24 flapjacks uit en laat deze in de bakvorm volledig afkoelen.

Als je er graag wat chocolade door hebt, dan ga je als volgt te werk.
Laat het mengsel afkoelen, nadat je de havermout hebt toegevoegd.
Roer er 100 gr pure chocoladestukjes door.
Doe het mengsel in de bakvorm en volg het recept.

Bron: Mary Berry’s bakbijbel

Mexicaanse tortillataart à la Estée Strooker

Mexicaanse tortillataart

Stapelen is het nieuwe rollen. Zo’n stapel heet dan plotseling taart: Mexicaanse tortillataart. Omdat er mais in zit en kidneybonen, denk ik. En o ja, tortilla’s natuurlijk. Het moet allemaal niet gekker worden. Enfin, een mens kan niet aan alle nieuwigheden voorbij gaan, dus werd er in huize Eetplezier ook gestapeld tot er een compact, eetbaar bouwwerk ontstond. Goed te eten, hoor, zo’n tortillataart! Gemakkelijk ook. Want zo’n goed gevulde oproltortilla eten staat voor mij synoniem met steltlopen op een elastieken koord. Intimi weten wat dat in mijn geval betekent. Niet te doen. Ik zeg dus: stapelen maar, die tortilla’s!

Mexicaanse tortillataart

Ingrediënten: (4 pers)
6-8 tortilla’s
2 maïskolven (of een blik als je het jezelf gemakkelijk wil maken)
1 blik kidneybonen
1 rode ui
1 teentje knoflook
1 rode peper
1 aubergine
1/2 limoen
150 gr harde cheddar
200 gr jonge kaas
200 ml zure room
1 eetl gerookt paprikapoeder
1 eetl komijnzaad
1/2 eetl korianderpoeder
mespunt cacaopoeder
mespunt kaneel
olijfolie om in te bakken

Bereidingswijze:
Breng een pan met water en zout aan de kook en kook de maïskolven in circa 25 minuten gaar.

Verwarm de oven voor op 170˚.
Pel en snipper de ui. Pel de knoflook en snijd hem fijn. Snijd de rode peper in dunne ringetjes en de aubergine in kleine blokjes.

Verhit een scheut olijfolie in een grote koekenpan en fruit de ui, knoflook en peper. Voeg de specerijen toe en fruit deze een paar minuten mee (oppassen voor verbranden!).

Voeg opnieuw olie toe aan de pan en bak de aubergineblokjes met zout en peper, tot ze zacht en geslonken zijn.

Snijd intussen de maïskorrels van de kolven, spoel de kidneybonen en laat goed uitlekken. 
Rasp de schil van de halve limoen.
Voeg de mais en de kidneybonen toe aan het auberginemengsel en bak nog 5 minuten.
Breng op smaak met de limoenrasp.
Rasp de beide kazen.

Vet een spring- of quichevorm in met een beetje boter en bedek de bodem met een tortilla.
Bestrijk de tortilla met een laagje zure room.
Schep een laag vulling erop en bestrooi met de geraspte kazen.
Herhaal deze stoppen tot de springvorm vol is.
Sluit af met een tortilla met daarop een laag zure room en geraspte kaas.
Bak de tortillataart circa 30 minuten in de oven.

Bron: Vlees noch vis: Estée Strooker