Koningsdag 2017

Koningsdag 2017

Elk jaar, eerst op 30 april en vervolgens op 27 april, als de ochtendstond oranje kleurt, beginnen G. en ik met het ophalen van herinneringen. Hoe we stonden te bibberen van de kou in onze veel te dunne zomerjasjes. Altijd ontbrak een stralende zon tijdens het koekhappen en zaklopen. Hoezeer de Oranjevereniging ook zijn best deed, ik vond het altijd een dag van niks. Nou ja, afgezien van de tompoucen dan. Want die waren vroeger echt vele malen beter dan de hedendaagse opgeklopte exemplaren, barstensvol felgekleurde kunst- en hulpstoffen. Ik blief ze niet meer. 

Maar nooit eerder voelde het zo onbehaaglijk koud als op deze koninklijke verjaardag van 2017 . Diep weggedoken in onze winterjassen maken G. en ik een rondje langs het vrijmarktgebeuren. Rommel kopen doen we ook al jaren niet meer. Ooit overviel ons een soort van realiteitszin: genoeg is genoeg. Aangezien we kleinbehuisd zijn, maakt een overdaad aan prullaria het leven er niet gemakkelijker op. Dus dient alles wat aangeschaft wordt functioneel te zijn. Zo niet, laten we het staan.

Koningsdag

Het probleem zit hem, wat mij betreft, meer in de verwachtingsvolle snuitjes van de kinderen. Ik zou hun hele hebben en houwen opkopen, inclusief kleed. Om me daarna te verschansen in een behaaglijk warme omgeving en samen met de jeugdige verkopers-in spé het glas te heffen op onze dicht bij het volk staande Koning. Zij met mierzoete ranja, ik met de meer volwassen versie oranjebitter. Helaas zijn het teveel kinderen die hun gerafelde teddyberen, verfomfaaide spellendozen en beduimelde prentenboeken aan de schuifelende voorbijgangers kwijt willen. Ik ben tenslotte de Koning zelf niet. Mijn financiële middelen zijn beperkt. Bovendien zijn mijn vingers intussen zo verkleumd dat ik geen muntje uit mijn portemonnee weet te vissen.

We ontvluchten de menigte en doen een rondje centrum. Veel winkels zijn gesloten en zelfs Appie heeft besloten de verjaardag van onze Willem te moeten vieren. En dat terwijl ik me net bedacht had dat wat lekkere hapjes wellicht onze stemming nog iets op zou kunnen vijzelen. Niet dus. Lichtelijk uit ons humeur, steken we de sleutel in het slot. Ha, aangenaam warm hier! Leve de programmeerbare thermostaat! 

Met de zomerse temperatuur die binnen heerst, stort ik me op de rosé en G. op een donkere I.P.A.. Geen hapjes erbij. Jammer. Zelfs geen idee wat we die avond als maaltijd gaan gebruiken. Dat komt niet vaak voor in huize Eetplezier. Beetje armoedig allemaal. Uiteindelijk wordt het een tosti kaas-tomaat. Daar is natuurlijk niets mis mee, maar op zo’n feestelijke dag heb je uiteraard wel fantasieën over vorstelijke maaltijden. Asperges bijvoorbeeld, rijkelijk bevloeid met zoute roomboter, jonge krieltjes ernaast en fijne scharreleitjes. Gelukkig ben ik niet treuzelig van aard. Geloof me maar, vóór 30 april liggen genoemde lekkernijen op onze borden. En uiteindelijk is dat toch de datum waarop Koninginned ….. eh, Koningsdag van oudsher gevierd dient te worden, nietwaar?

Italiaanse penicilline

Kop met dikke Italiaanse penicilline

Bij 50 had ik een heus feestgevoel. Bij 60 blijkt dat gevoel opeens heel wat minder te zijn. Of dat met die tien jaar verschil te maken heeft, ik kan het jullie niet zeggen. Het voelt alleen plotseling wel ér-rúg ver over de helft. Alsof de koek bijna op is. Of zoiets. Niet aan toegeven maar. Altijd positief blijven.

Ook al wil ik het zonder zichtbaar feestgedruis, liefst héél snel aan me voorbij laten gaan, toch zijn er wel wat geheime plannetjes. Just for the both of us. Een middagje Antwerpen, een fijn etentje, we laten het gewoon gebeuren. Kijken wat er op ons pad zou komen. En dan komt het geniepige gepeupel langs, in de vorm van een uitstekend geoutilleerd legertje rhinovirussen. G. oogt, volkomen tegen alle verwachtingen in, als een zieke kip, terwijl de papieren zakdoekjes in rap tempo richting pedaalemmer vliegen.

Met een quasi-dapper bekkie feliciteert hij me op de bewuste dag en doet tijdens het feestelijke ontbijtje heldhaftige pogingen om onze plannen verder te ontvouwen. Richting? Tijdstip? Nu ben ik gelukkig behept met de vastberadenheid van een flexveer. Net zo gemakkelijk draai ik 180 graden, als de situatie zich daartoe leent. Ik installeer mijn zieke kippetje op de bank en berg de slingers en roltongen op in de doos.

Vandaag ondernemen we een nieuwe poging. G. brengt weliswaar nog steeds het geluid voort van een overjarige zeehond, maar ook virussen kennen een uiterste houdbaarheidstermijn, roep ik hem monter toe. Vooruit met de geit maar! Eerst is er nog wel een noodzakelijke boodschap af te handelen, maar daarna willen we toch echt ons favoriete lunchadres aandoen. Ja, het wordt allemaal beduidend minder van betekenis dan gepland, toch is het alleszins een prettige manier om deze duistere, koude dag door te komen. Wederom mag het niet zo zijn. Na de boodschap is de lucht veranderd van kleur. Van een frivool wit lichtgrijs naar een dreigend diepdonker leisteen. Venijnig koud ook. Tranen biggelen over G.’s wangen. Mijn eigen kijkers, toch al nooit in een opperbeste stemming, doen van weersomstuit mee. Eén halfzieke kip en één door winterse duisternis aangetast bleekbekje schuifelen treuzelend voort.

Oost west Thuis best

Dan verschijnt het Licht. Resoluut dirigeer ik G. richting automobiel. Hup, op ‘uus an. Niks koukleumen. Niks zoeken naar een verre parkeerplek en tot op de draad toe nat worden misschien. Thuis is het behaaglijk. Thuis is het veilig en kan ons niets gebeuren. Twintig minuten later zitten we genoeglijk achter onze raampjes te kijken naar de kletterende regen. Diep verscholen onder dikke lagen regenkleding passeren tientallen mensen ons huisje. Met drijfnatte honden. Of met huilende kinderen. Onder dergelijke weersomstandigheden heb ik met iedereen compassie. Het voelt haast een beetje oneerlijk om warm en droog binnen te mogen zitten.

Italiaanse penicilline

Inmiddels heb ik de koelkast geplunderd: spek, venkel, champignons, prei, wortel, courgette en trostomaten die nu echt op hun laatste benen lopen. Ik besluit er geurige minestronesoep van te maken. Een grote pan Italiaanse penicilline! Verdrijft de meest onverzettelijke virussen. Verwarmt de bibberende botjes. Geeft kleur aan asgrauwe dagen.

Naast alle slagregens is er rond etenstijd ook een fikse wind opgestoken, die de rolluiken vervaarlijk doet rammelen. G. en ik lepelen tevreden de heilzame soep naar binnen. Doel niet bereikt. Richting veranderd. Of zoals onze Britse buurtjes dat zo prachtig weten te verwoorden: happiness is a direction, not a destination. Ik ga de slingers maar weer eens ophangen.

Proost op een gelukkig en liefdevol 2017

Crème brûlée

Zo. Het zit erop. Een nieuw jaar, een nieuw begin. Het was de afgelopen week plezierig rustig in huize Eetplezier. Zonder uitbundig feestgedruis of maaltijden met een overvloed aan calorieën en alcohol. De vrije tijd wordt door G. benut om nog wat voorouders te achterhalen in de on-line archieven. Inmiddels bestaat zijn genealogie uit meer dan 2100 personen, allemaal ontsproten uit ene Jan die rond 1530 in Ritthem leefde.

Mam leest ondertussen alles wat ik haar aanbied. Niet alleen een stapel Buitenlevens maar tevens Paaz, Het Hof en 999 mooiste plekjes van Zeeland. Het fysieke leesvoer wordt afgewisseld met het lezen van haar digitale krantje en heel wat spelletjes Rummikub, Pyramid en Candy Crush op haar Aaipetje. Inmiddels zijn de termen Moeilijk Level, E-magazine en Dropbox volledig ingeburgerd in haar vocabulaire.

Mam is gemakkelijk. Mam past zich aan. Zuurkoolschotel, mam? Ja, lekker! Vind je het niet fris in huis? Nee, helemaal niet. Zullen we even een wandelingetje maken? Prima. En ze trekt haar schoenen aan. Natuurlijk doen G. en ik onze best het haar naar de zin te maken, maar zonder haar ongekende flexibiliteit zou het nog niet zo gemakkelijk zijn om haar acht dagen in huis te hebben.

Natuurlijk wordt er, zoals gebruikelijk, wel veel aandacht aan de maaltijden besteed. Ook zonder de aan de haren erbij gesleepte toeters en bellen, valt er smakelijk te eten. Het overgrote deel was ofwel niet fotogeniek genoeg of was de revue al eens gepasseerd. Een overzicht.

Op kerstavond maak ik een ragout van een flink assortiment aan bospaddenstoelen. De paddenstoelen bak ik met een aantal sjalotjes, vervolgens blus ik af met een ferme scheut cognac. Op het laatst voeg ik lekker veel gehakte dragon toe én een slokje room. We eten het met droge basmatirijst. Als toetje eten we een prima crème brûlée, van de site van Duizenden1dag. Heerlijk!

Eerste Kerstdag staat er om te beginnen een licht voorgerechtje op tafel. Een salade caprese, geconstrueerd naar eigen inzicht. Met de allerzoetste honingtomaatjes die ik kon vinden en een buffelmozzarella die zachter is dan de zachtste babywangetjes. Salade caprese

Daarna een dubbel getrokken runderbouillon met slechts wat preiringetjes en kruiden. Het hoofdgerecht bestaat uit gekookte aardappelen, rodekool (hoe traditioneel!) en Livar rib-eye. En eerlijk is eerlijk: dit Limburgse scharrelvarkensvlees heeft echt nog de smaak van vroeger. Het eerlijke randje vet herinnert me aan de zondagse karbonaadjes uit mijn jeugd, waarvan ik het botje tot de laatste vezel wist af te kluiven. Met een glimmende kin als gevolg. En een moeder die me ten strengste verbood het smetteloze tafellaken nog aan te raken.

Als nagerecht heb ik de dag ervoor vanille- en walnotenijs gedraaid, wat prima smaakt in een badje van babbelaarlikeur. Om de man die er verstand van heeft te citeren: Meermoetaniezijn En zo is het!

Tweede Kerstdag kleden we de borrel een beetje meer aan dan normaal en maak ik voedzame Prei Parmentier, gevolgd door een Schwarzwalder Affogato à la Jamie. Verkruimel zandkoekjes of amaretti in 4 espressokopjes of ruime glazen. Laat kersen op siroop uitlekken en verdeel ze over de kopjes of glazen. Sla een reep chocolade kapot en doe een paar stukjes in elk kopje of glas. Maak een kannetje espresso, die je zoet met suiker naar smaak. Schep een bolletje ijs in elk van de kopjes. Rasp er wat chocolade over en schenk er net genoeg hete espresso bij om de chocolade te laten smelten. Yam, yam. Schwarzwalder kirschtorte in smeltende vorm!

En was er de rest van de week ook nog iets aan Eetplezier te beleven? Jawel, op zondag was er gekaramelliseerde witlof met opnieuw een stukje Livar. Stiekem verstop ik wat witte wijn en room in de begeleidende saus. Mam smult ervan, terwijl wij genietend toekijken. Maandag: hoewel er met twaalf graden op de thermometer geen sprake is van snertweer, staat er erwtensoep op het menu. Opnieuw een gerecht dat mam niet meer voor zichzelf maakt.

Op dinsdag heb ik mijn beproefde Elzasser zuurkool in gedachten. Mam kijkt belangstellend toe als ik de uien en appels stoof. Gaat ze thuis ook eens proberen,  belooft ze. Woensdag is het de hoogste tijd voor het absolute hoogtepunt in culinaire zaken: friet! Omdat ik deze gebakken goudstaafjes zelf haast niet meer eet en derhalve ook niet beschik over een voor dit soort doeleinden geschikte pan, trekt G. rond zessen een spurt naar de lokale frietboer (ik ben van Brabant, daar heet iemand die melk verkoopt een melkboer en een persoon die friet verkoopt een … juist ja). Ik leg nog maar net de laatste hand aan de witlofsalade als G. als een hazewind binnen komt stuiven. Snel aan tafel dan maar. Tsjonge, dat smaakt! Op verzoek goed doorgebakken, knapperige aardappelstaafjes die door G.’s tempo nog loeiheet zijn.

Tradities verdienen het om in ere gehouden te worden: in plaats van de gebruikelijke oliebollen, neem ik, zoals altijd op oudjaarsavond, alle tijd om een overheerlijke nasi goreng te maken. Smullen! Waarna we ons richting bank begeven en aldaar wachten tot de klok van twaalf zal slaan. Maar niet nadat we eerst nog even een appelflapje in de oven geschoven hebben, een aantal hapjes hebben bereid én natuurlijk een heerlijk flesje hebben ontkurkt. Met terugwerkende kracht wil ik samen met jullie alsnog proosten op een zinvol en deugdzaam 2016! Dat het in alle opzichten vooral een lékker  jaar mag worden!

 

 

Feestelijke dagen gewenst!

Feestelijke dagen gewenst

Tweeënvijftig weken. Driehonderd vijfenzestig dagen zijn opnieuw als zand door mijn vingers gegleden. Althans, zo lijkt het. Geen seconde heb ik me verveeld.

Opnieuw was het een ratjetoe van allerhande leuke en minder leuke zaken. Mijn frêle voorvlerkje dat bijkans werd geplet door de kloeke mannenhand van Jonnie Boer. Opnieuw afscheid nemen, nu van liefst twee dierbare familieleden. Verblijven in het allermooiste hotel van Twente. Een vervelend virus dat me een paar weken hardnekkig gezelschap bleef houden. Mam die in goede gezondheid 85 mocht worden. Lieve buurman Peet die voor altijd achter de horizon verdween. Vredige nazomerweken in ons houten huisje nabij de Schouwse duinen.

En o ja, op 4 januari wisselde ik mijn blogspotaccount in voor dit WP-blog inclusief eigen domeinnaam. Hier en daar rammelt het soms nog wel ergens, maar ik kan er mijn ei op kwijt en belangrijker nog: jullie nemen ook nog eens de tijd om al die onzinnigheden van mij te lezen. Ik wil jullie daar allemaal heel hartelijk voor bedanken. Jullie reacties, tweets en opmerkingen vormen een deel van mijn wereld. Binnen die wereld is er altijd plaats voor nóg meer zielen, nóg meer vreugd’.

Feestelijke dagen gewenst

De feestdagen staan nu voor de deur. Voor mij persoonlijk hadden ze niet uitgevonden hoeven te worden, daar heb ik het al eerder over gehad. Aan de andere kant kan ik me ook zó goed voorstellen dat er mensen zijn die daar volledig anders tegen aan kijken. Doe dus vooral wat jij fijn vindt om te doen.

Vier het uitbundig met toeters en bellen, houd het sober met een boek, de hond en een pot thee, begeef je tussen een juichende mensenmassa, blijf bedaard zitten in je hutje op de stille hei, steek vierhonderd en vijf kaarsjes aan, aanschouw alles vanuit een complete duisternis, laat de champagne rijkelijk vloeien, wees tevreden met een  glaasje gemeentepils, laat je halve maandsalaris met veel geknal de lucht in gaan of bekommer je om al die bibberende beestjes die zich verward en angstig verstoppen.

Verwen jezelf met dure hebbedingen, geef je laatste rooie cent aan die radeloze vluchteling, trek je aller-allermooiste glitterpak aan of knip simpelweg drie gaten in een juten zak, maar vier het vooral op een bij jou passende wijze. Zonder hypocriete plichtplegingen en met oog voor je eigen authenticiteit. Zodat je kunt blijven geloven in jezelf. En zullen we dan afspreken dat we volgend jaar niet alleen in onszelf, maar vooral ook in die ander blijven geloven?

Ik wens jullie gezellige en vooral liefdevolle feestdagen toe.

 

Gek joch

Gek joch

Vierendertig jaar en driehonderd vierenzestig dagen geleden, komt hij met een verhit hoofd bij me binnenstormen. Of hij zijn portemonnee bij me heeft laten liggen. En hij kijkt erbij of hij het niksnie erg vindt. Gek joch. Ik heb waarschijnlijk zelf een mimiek die te kennen geeft dat ik de avond ervoor een te groot aantal glazen rum-cola’s achterover heb geslagen. Ja, mag ik misschien? Tenslotte wordt een mens in zijn leven maar één keer 24 jaar. Met doffe ogen kijk ik hem aan, terwijl hij een volslagen misplaatst rondedansje maakt tussen kriskras opgestelde stoelen, opgestapelde vuile vaat en de hond die lodderig half uit zijn mand hangt.

Hoe dan ook: vanaf die dag is het, om het maar eens populair te zeggen, áán. Hoe een mens dat weet? Misschien omdat hij diezelfde avond nog komt vertellen dat zijn portemonnee terecht is. Dat hij het met zijn toenmalige verloofde heeft uitgemaakt. En terloops opmerkt dat ik zulke lieve oogjes heb en dat hij best met me op vakantie wil. Maar waarschijnlijk ook wel omdat hij onwaarschijnlijk lieve woordjes in mijn oor fluistert.

Gek joch

Het gekke joch is intussen al vijfendertig jaar niet van mijn zijde geweken. Een dure ring bleek daarvoor niet nodig, evenmin het befaamde boekje of een uitbundige ceremonie. We hadden simpelweg het geld niet voor al deze zaken. En later, toen we het eenmaal beter kregen, kwam het er niet meer van. Ach, waarom ook? Zijn naam mag hij zelf houden, die hoef en wil ik niet. Bovendien zijn we geen van beide feestbeesten en zie ik mezelf nog niet in een wolk van tule en kant poseren voor de foto. Wat ik wél wil is trouw, respect en aandacht voor elkaar. Voor altijd. Laat dat gekke joch van weleer er nu precies zo over denken. Vijfendertig jaar. We zijn goed op weg ….